H4. De aardrotatie
Aardrotatie = draaibeweging v/d aarde rond haar as. Wij voelen de aardrotatie niet, maar
kunnen de gevolgen waarnemen (vb dag en nacht)
1. Waarnemingen van op aarde
1.1 De schijnbeweging van de sterren
Nacht versnellen -> sterren SCHIJNBAAR van plaats veranderen (cirkels rond een gezamenlijk
punt)
De sterren bewegen in tegenwijzerzin rond het middelpunt
Middelpunt = de poolster
!sterren maken de cirkelbeweging niet -> de aarde die rond haar as, de aardas draait!
Poolster = enige ster die we niet zien bewegen -> poolster i/h verlengde staat v/d aardas
belangrijk oriëntatiepunt -> duidt heel de nacht de hemelnoordpool aan
1.2 de schijnbeweging van de zon
Zon = ster & voert ook een schijnbeweging uit
Elke dag verschijnt de zon in een boog boven de horizon => dagboog v/d zon
Dagboog v/d zon = een schijnbeweging, zon draait niet rond de aarde, maar aarde draait rond
haar as
-> aarde soms naar de zon gericht (dag) en soms weg (nacht)
Horizon = snijlijn v/d hemelkoepel met het horizonvlak
Horizonvlak = raakvlak aan het aardopp. op de plaats waar de persoon zich bevindt
Zonshoogte voor de persoon = hoek tss zon en zijn horizon
Culminatiehoogte voor de persoon = zonshoogte op het moment dat de zon culmineert
( hoogste punt op de dagboog)
2. Kenmerken van de aardrotatie
2.1 Duur van de aardrotatie
Duur v/d aardrotatie = tijd die verloopt tss twee momenten waarop wij de zon in dezelfde positie
zien
(vb: tijd tss een culminatie en de volgende culminatie)
Aardrotatie = draaibeweging v/d aarde rond haar as. Wij voelen de aardrotatie niet, maar
kunnen de gevolgen waarnemen (vb dag en nacht)
1. Waarnemingen van op aarde
1.1 De schijnbeweging van de sterren
Nacht versnellen -> sterren SCHIJNBAAR van plaats veranderen (cirkels rond een gezamenlijk
punt)
De sterren bewegen in tegenwijzerzin rond het middelpunt
Middelpunt = de poolster
!sterren maken de cirkelbeweging niet -> de aarde die rond haar as, de aardas draait!
Poolster = enige ster die we niet zien bewegen -> poolster i/h verlengde staat v/d aardas
belangrijk oriëntatiepunt -> duidt heel de nacht de hemelnoordpool aan
1.2 de schijnbeweging van de zon
Zon = ster & voert ook een schijnbeweging uit
Elke dag verschijnt de zon in een boog boven de horizon => dagboog v/d zon
Dagboog v/d zon = een schijnbeweging, zon draait niet rond de aarde, maar aarde draait rond
haar as
-> aarde soms naar de zon gericht (dag) en soms weg (nacht)
Horizon = snijlijn v/d hemelkoepel met het horizonvlak
Horizonvlak = raakvlak aan het aardopp. op de plaats waar de persoon zich bevindt
Zonshoogte voor de persoon = hoek tss zon en zijn horizon
Culminatiehoogte voor de persoon = zonshoogte op het moment dat de zon culmineert
( hoogste punt op de dagboog)
2. Kenmerken van de aardrotatie
2.1 Duur van de aardrotatie
Duur v/d aardrotatie = tijd die verloopt tss twee momenten waarop wij de zon in dezelfde positie
zien
(vb: tijd tss een culminatie en de volgende culminatie)