• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 21 pages
Summary

Sportkunde samenvatting Sportwereld HAN

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 21 pages

Onderwerpen per hoofdstuk: Sport & bewegen → verschil tussen bewegen en sporten. Sportdefinitie → wat is sport en welke kenmerken heeft sport? Sportethiek → goed/fout handelen in de sport. Sportsociologie → de relatie tussen sport en samenleving. Sportgeschiedenis → ontstaan en ontwikkeling van sport. Olympische Spelen → oude en moderne Spelen, IOC en symbolen. Sport & maatschappij → invloed van maatschappelijke ontwikkelingen op sport. Sport voor iedereen → toegankelijkheid en drempels om te sporten. Functies van sport → bijvoorbeeld gezondheid, sociale contacten en integratie. Sportinfrastructuur → voorzieningen en organisaties rondom sport. Sportmarketing → sport promoten en inspelen op behoeften van mensen. Sporttrends → nieuwe ontwikkelingen en populaire sporten. Sportbeleid → plannen en regels om sport te stimuleren. Sportakkoord → afspraken om sport toegankelijker, veiliger en maatschappelijk waardevoller te maken.

Content preview

Introductie in de sportwereld

Verschil bewegen en sporten
Bewegen = recreatief (om fit te blijven).
Sporten = een wedstrijd vorm, heeft regels. Er is ook een jury en een
scheidsrechter aanwezig.

Onderzoek naar sport: (neem je iets mee als sport of bewegen?)

1. Onderzoek
2. Beleid
3. Sociologie

Sport Definitie:

Volgens het boek
Sport is een vaardigheidsspel gericht op het bereiken van een bepaald
doel, waarbij fysieke kwaliteiten van mensen worden getest in een
wedstrijdvorm en waarbij gespeeld wordt volgens regels, binnen
institutionele kaders.

Volgens internet
Sport is een reeks van in principe toetsbare of vergelijkbare activiteiten
waarin het bereiken van een doel ter wille van de activiteit zelf een
belangrijke plaats inneemt, en waarvan elke activiteit, met enige
regelmaat en veelal in een specifieke organisatorische verband, door 1
of meerdere personen wordt verricht, op een wijze die gerelateerd is aan
voorschriften en gebruiken die in internationaal verband ten behoeve
aan wedstrijden in deze activiteit zijn opgesteld.

Sport kan op twee manieren gedefinieerd worden: essentialistisch
en instrumenteel.
Essentialistisch hier wordt vooral gezocht naar het wezen (de essentie)
van sport. Sport wordt hier gezien als een eigen wereld, met eigen
kenmerken, die onafhankelijk functioneren van de sociale en culturele
verbanden waarin sport zich beweegt. Instrumenteel sport is een middel
om andere, buiten de sport gelegen doelen te realiseren.

Bij sport kunnen we twee soorten motieven onderscheiden:
intrinsieke en extrinsieke motieven.
Intrinsieke motieven: zijn motieven die verband houden met de sport
zelf. Je hebt een motief om te sporten dat verbonden is met het interne
doel van de sport.

Extrinsieke motieven: je hebt twee soorten, individueel (schoonheid,
gezondheid, welzijn, sociale contacten, status, geld) en sociaal
(gezondheid, pedagogisch, socialisatie, integratie, politiek, economisch).

,Doel of middel:
Sport als doel: de sport zelf, beter worden en winnen.
Sport als middel: Om mensen bij elkaar te brengen en mensen te
vermaken. (Maatschappelijk en Sociaal onderdeel).

Sportfamilie van tamboer en steenbergen

- Non physical games: -> zoals schaken
- Physical games: -> (fysiek)
refereed sport -> scheidsrechter (hockey)
judged sports -> een jury (turnen)
hybride sports -> zowel een jury als scheidsrechter (schansspringen)
- Physical activities: -> wandelen in de natuur.



Ethiek in de sport
- ethiek gaat over goed en kwaad in het menselijk handelen. (waarden en
normen)
Beginselethiek =
- regels naleven en eerlijk spelen, ongeacht de uitkomst.
voorbeeld: een scheidsrechter fluit altijd volgens de regels
kern: fair play staat voorop, ‘regels zijn regels’. -> dus waarden en normen
respecteren tijdens bijvoorbeeld een wedstrijd

Gevolgenethiek =
- het morele oordeel hangt af van de gevolgen (meer voordeel, minder
nadeel)
voorbeeld: een speler neemt bewust een kleine overtreding (tactisch
foutje) om een veel groter nadeel (goal) te voorkomen.
kern: het doel kan middelen rechtvaardigen.

Deugdenethiek =
- het gaat om de houding en het karakter van de sporter. Sport hoort een
oefening te zijn in moed, Discipline, eerlijkheid en respect.
voorbeeld: een sporter kiest er bewust voor niet vals te spelen, omdat
hij/zij een “goed sportmens” wil zijn.
kern: het ontwikkelen van goede sportieve eigenschappen is belangrijker
dan winnen of regels alleen volgen.

In sport:

•Beginselethiek = Regels volgen.

•Gevolgenethiek = Resultaat telt.

•Deugdenethiek = Goede sporter zijn.



1

, Sportsociologie =
- Je moet de sport zien als de lens waardoor je naar de samenleving kijkt.
- Het inzetten en gebruiken van sport om het gedrag van mensen te
beïnvloeden.
- Het samenleven van mensen en socialiseren daarvan.
Sportsociologie voor de sportkundige =
- Voor een Sportkundige is het zinvol om te weten wat er binnen de maatschappij
speelt met name op het gebied van sport en bewegen en het sociale
welbevinden van de mens. Dit is van belang zodat de Sportkundige kan inspelen
op vraag en aanbod, door sport- en beweegprogramma’s te ontwikkelen en uit te
voeren waarbij sport als middel wordt ingezet. Bovendien is het van belang dat
een Sportkundige kan meepraten binnen actuele gebeurtenissen in zijn/haar
vakgebied.

Verklaringen voor de populariteit van sporten:
1. De invloed van klimaat en landschap.
- Bv bergbeklimmen en skieën is vooral populair in landen waar ook
bergen zijn.
2. Sportvoorkeur en lichaamsbouw.
- Sommige sporten (bv voetbal) zijn meer geschikt voor alle lichaamstypen
dan andere sporten.
3. Verschillen in het voorzieningsniveau.
- Het gaat hierbij om de aan- of afwezigheid van accommodaties.
4. Ongelijke kosten.
- Financiële overwegingen om een sport wel of niet te beoefenen.
5. Algemeen menselijke voorkeuren voor intrinsieke kenmerken.
- Is de ene sport niet gewoon leuker om te beoefenen dan de andere sport
bv omdat het makkelijker aan te leren is?
6. Sportvoorkeur en volkskarakter.
- Bv handbal is een typisch Duitse sport omdat het veel discipline vergt en
weinig individualistisch is.
7. Sportvoorkeur en individualisering.
- Door de individualisering zouden sporten in teamverband minder
populair zijn geworden.
8. Ard en Keessie effect.
- Doen er meer mensen aan sport als topsporters succes boeken? Zie ook
het recente artikel over het zogenoemde Trickle-Down-effect. Uit
onderzoek kan dit effect slecht onderbouwd worden, hoewel we soms wel
het gevoel hebben dat dit effect er is.
9. De lokroep van het grote geld.
Met voetbal kun je veel verdienen als je topvoetballer bent.
10. De invloed van de televisie.
- ’Zien is doen’




2

Connected book
 image
Publisher: augustus 2011 ISBN: 9789054721666 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
September 22, 2026
Number of pages
21
Written in
2026/2027
Type
Summary
$10.30

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
4
Last sold
-



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions