Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 7 out of 51 pages
Summary

Samenvatting Algemene Psychologie

Document preview thumbnail
Preview 7 out of 51 pages

!!BEHAALDE 15/20 IN EERSTE ZIT BIJ STIJN MEULEMAN!!! Dit document bevat een uitgebreide en gestructureerde samenvatting van de cursus Algemene Psychologie, met focus op de kernbegrippen, theorieën en modellen die aan bod komen binnen Toegepaste Psychologie. Ook voorbeelden uit de les. De samenvatting is geschikt als volledig studiemateriaal ter voorbereiding op examens en evaluaties.

Content preview

HFST1 - Kennismaking met de psychologie
1.1 DEFINITIE VAN DE PSYCHOLOGIE
 Psychologie = (letterlijk) “de leer van de geest”
 Functieleer = de studie van de menselijke functies (emoties, denken, fantasie,
waarnemen, geheugen,…)
 Algemene psychologie = bestuderen van algemene processen en niet van het
afwijkende

Definitie van de psychologie:
“De wetenschappelijke studie van het gedrag en de mentale activiteiten van een individu”

1.2 WETENSCHAPPELIJKE PSYCHOLOGIE EN INTUÏTIEVE MENSENKENNIS
1.3 GESCHIEDENIS VAN DE PSYCHOLOGIE
1.3.1 Verre voorgeschiedenis
Psychologie = zo oud als de mens zelf
Oudheid -> filosofie hield zich bezig met psychologische kwesties
Middeleeuwen -> weinig filosofie (Plato, Aristoteles en Socrates)
1.3.2 Directe voorgeschiedenis
1.3.2.1 Ontwikkeling filosofie
Filosofen vroegen zich af wat de waarde is vh onze kennis, waar onze overtuigingen vandaan komen & hoe we tot betrouwbare
inzichten kunnen komen. —> 2 belangrijke stromingen gevormd:
 Rationalisme: René Descartes ZEGT:
o De rede (het denken) is de enige manier om tot kennis te komen
o Onderscheidt gevormd
• Res cogitans (het geestelijke) – res extensa (de materie)
• Naar de geest werd gn wetenschappelijk onderzoek gedaan, enkel naar de materie
• Het lichaam behoort tot een deel van de materie en werd onderzocht via biologie
o Methodische twijfel
• Trok ALLES in twijfel: hij wou een filosofie creëren zo specifiek als wiskunde

o Dualisme vloeit voort uit het rationalisme
 Empirisme: John Locke, Francis Bacon, John stuart Mill zeggen:
o Kennis = macht
o Denken vertroebelt de waarneming
o Tabulas rasa -> onbeschreven blad
o Het enige waar je zeker van kan zijn is wat je kan waarnemen

1.3.2.2 De impact van natuurwetenschappen op het ontstaan van de psychologie
 Nieuwe ontdekkingen -> nieuwe vragen
 Psychofysica -> de wet van Weber
1.3.3 Psychologie als wetenschap van bewustzijn
Wilhelm Wundt (1879!!)
 Bewustzijnspsychologie
 Eerste laboratorium voor wetenschappelijke psychologie (in Leipzig) Vooral studie van de
waarneming

1.3.3.1 Structuralisme
Structuralisme (Titchener -> leerling Wundt)


1

,  Structuur van het bewustzijn onderzoeken via introspectie en experimenteren
1.3.3.2 Functionalisme
Functionalisme (Amerika)
 Onderzoekt de functie van het bewustzijn
 Dierproeven
1.3.4 Behavioristische revolutie
Empirisme -> “je kan alleen zeker zijn van datgene wat je kan zien”
 Behaviorisme vloeit voort uit empirisme
 Behaviorisme zegt: het enige wat je kan zien van de menselijke psyche is het gedrag
• Het enige waar je zeker kan van zijn = het gedrag
 Louter beschrijven van S-R connecties (H5)
• Want S/R is het enige wat je kan zien ih gedrag
 Watson
1.3.5 Nieuwe klemtonen Europa
1.3.5.1 Gestaltpsychologie
De gestaltpsychologie (Wolfgang Köhler, Kurt Lewin)
 Waarnemen is geen apart registreren van afzonderlijke delen, maar wel een onmiddellijk
vatten van de ‘gestalt’
 “Het geheel is meer dan de som van de delen”
o Bv. soep is lekkerder in het geheel dan alles aparte ingrediënten
o Bv. het geheel van de hersenen kan onthouden, niet de neuronen apart
Gestalt = een geheel dat n te herleiden is naar de delen: het vertoont kenmerken die enkel terug te vinden zijn in het geheel


1.3.5.2 Dieptepsychologie




Dieptepsychologie (Sigmund Freud) (dia 17,18 hfst1)
= De theorie die ontstaan is uit psychoanalyse (=therapie)

Drie lagen in de menselijke geest:
 Bewust, onderbewust, onbewust (=verdrongen volgens Freud, trauma en taboe)
 Manieren waarop verdrongen zaken invloed kunnen uitoefenen op je gedrag
o Versprekingen
 bv. zie scène Friends, Ross zegt rachel ipv Emily
o Faalhandeling
 bv. Vrouw gaat vreemd, is betrapt door onderbroek die in wasmand lag, dit is niet uit
dommigheid maar dit is het onbewuste die haar deze fout liet maken omdat het
onbewuste wou dat dit uitkwam
o Symptoomstoornis (functie dat n mr gaat)
 bv. Jarenlang verlamming, hij besefte dat hij homoseksueel was en toen hij dit zegde aan
zijn vrouw ging verlamming weg



2

,3

,1.3.6 Amerika en de herontdekking
1.3.6.1 Neobehaviorisme
(Clark Hull, Edward Tolman)
 Substroming vh behaviorisme
o Bleef behavioristisch in doel, moest aanpassingen aanbrengen id verwerking
 In experimenten uit behaviorisme werd gemerkt dat verschillende organismen een ander
gedrag stelden bij aanbieding van dezelfde prikkel. Dit valt niet te verklaren uit S-R reacties.
o Neobehaviorisme zegt er zit iets intern tussen S & R daarom: O eraan toegevoegd.
 Ipv S-R schema een S-O-R schema
o S= stimulus
o R= respons
o O= organisme (behoeften, verlangens, verwachtingen, eerdere ervaringen,..)
→Black box = je weet niet wat zich in het organisme afspeelt

1.3.6.2 Humanistische psychologie
Humanistische psychologie (Abraham Maslow, Carl Rogers)
= Reactie tegen de twee hoofdstromingen van dat moment, zijnde: (reden waarom > opsommingen)

Behaviorisme zegt:
 Mens onder controle van de omgeving (stimuli)
 Mens is niet veel meer dan een laboratoriumrat

Dieptepsychologie (Freud)zegt:
 Mens onder controle van het onbewuste
 Mens stelt voornamelijk abnormaal, neurotisch gedrag

Humanistische psychologie: mens & mogelijkheden centraal! (=psychologie van de derdeweg)
1.3.7 Overzicht structuren geschiedenis




1.3.8 Hedendaagse stromingen
1.3.8.1 Cognitieve psychologie
Cognitieve psychologie
De mens is een informatieverwerker die zelf vorm en inhoud heeft aan wat op hen afkomt (input) en
dit beïnvloedt de output
 Input = prikkels, (ZINTUIGEN)
 Output = gedrag (GEDRAG)
 De verwerking van prikkels is het belangrijkste bij de cognitieve psychologie
o Bv. meisje met anorexia -> input = (eten) goed; output = slecht (overgeven)
o De verwerking tussen beiden gaat niet goed

De wijze waarop wij info verwerken, bepaalt ons gedrag:
 Goede informatieverwerkingsstrategieën zorgen voor psychische gezondheid
 Slechte informatieverwerking strategieën: psychische stoornissen



4

,1.3.8.2 biologische psychologie
1.3.8.3 Positieve psychologie (recent)
Wortels in de humanistische psychologie (Maslow en Rogers)
 Maar wil niet daar toe herleid worden

Mensvisie: psychisch welzijn, geluk, creativiteit zelfontplooiing ,…
POSITIEVE PSYCHOLOGIE:
Humanistische psychologie maar meer empirisch en verzorgde manier
 Minder focus op wat fout loopt wel op:
o Wat cliënt kan, goed in is
o Wat kan helpen leven zo kwalitatief mogelijk te maken
 Bevorderen van positieve gevoelens en gedachten
o bv: yoga en mindfulness
 Mindfulness douchen: proberen de druppels te voelen
 Pijn proberen omarmen = mindfulness
1.4 BIJLAGEN OP SOFIA
1.4.1 Bijlage 1.3: psychotherapeutische scholen
1.4.1.1 doodgebloed of niet
Geschiedenis is niet doodgebloed, alles heeft een invloed gehad op alles en waren voedingsbodem.
 bv: gestaltpsychologie had in vloed op het neobehaviorisme, en die had weer invloed op de
cognitieve psychologie

psychotherapeutische scholen: rechtstreeks trg nr Freudiaanse dieptepsy, human. Psy.& (neo)behavi.

1.4.1.2 psychotherapeutische scholen
PSYCHOANALYTISCHE THERAPIE:
Centraal:
onbewuste behoeftes van de mens

Psychische problemen w uitvergroot of aberratie van innerlijke conflicten
Sleutelelementen / behandeling:
 Vrije associatie
 Liggen op de sofa, therapeut achter zich
 Vertellen zonder enige remming

CLIËNTGERICHTE PSYCHOLOGIE:
Verzet tegen beeld dat de mens een product is van innerlijke verdrongen drijfveren en conflicten

Centraal:
waardigheid en innerlijke kracht

Hulpvragen is NIET als patiënt (= lijdende) maar als cliënt (=klant is koning)

Sleutelelementen / behandeling:
 Onvoorwaardelijke aanvaarding
 Empathie
 Transparantie


5

,GEDRAGSTHERAPIE
= Directe uitloper behaviorisme
Centraal:
uiterlijk waarneembaar gedrag
 fobieën en dwangstoornissen

Sleutelelementen / behandeling:
 Conditionering (straffen en belonen)

COGNITIEVE GEDRAGSTHERAPIE
 Meeste therapieën vandaag vind je hier terug
 SOR neobehaviorisme en cognitieve psychologie
Centraal:
problematisch gedrag waar cliënte oplossing voor zoekt, reactie van disfunctionele cognitie , komt uit
verkeerde gedachten of verwachtingen

Sleutelelementen / behandelingen:
 Mindfulness
 Gevoelens

2 Het zenuwstelsel
HFST 3 – Waarneming
3.1 HET WAARNEMINGSPROCES
3.1.1 Prikkel tot waarneming
Gewaarwording = iets zien
Waarneming = er over nadenken
(Pwp dia 3)

Binding probleem/verbindingsprobleem
= we weten niet precies hoe de samenwerking tussen de verschillende delen van een beeld verloopt

Het beeld bevat 2 soorten receptoren:
1) Kegeltjes
 Grotere lichtintensiteit
 Gevoelig voor kleur
 Bv: lichtprikkel met bepaalde golflengte komt op een kegeltje terecht en dat kegeltje is
gevoelig voor die golflengte

2) Staafjes
 Grootste concentratie in de gele vlek
 Blauw, groen, rood

3.1.2 Psychologische activiteiten
1. Selecteren
2. Structureren
3. Interpreteren
Niet noodzakelijk chronologisch na elkaar, heel vaak door elkaar




6

, 3.2 WAARNEMEN IS SELECTEREN
3.2.1 De verschillende zintuigen
Meer dan 5 zintuigen
Exteroceptieve zintuigen
 Ontvangen info van buitenaf
 Zien, horen, ruiken, voelen

Interoceptieve zintuigen
 Ontvangen info van binnenin
Proprioceptieve zintuigen
 Lichten ons in over de positie van het eigen lichaam
 Evenwicht, stand en beweging van de spieren

Afstandszintuigen
 Waarschuwen voor eventuele gevaren

Nabijheidszintuigen
3.2.2 Waarneembare spectrum
Niet alleen de juiste frequentie is belangrijk, ook de intensiteit

3.2.2.1 Adequate prikkel
Het moet de juiste prikkel voor het juiste zintuig zijn
 Bv. een geluidsgolf voor het gehoor

Het moet ook een prikkel zijn die binnen de juiste grenzen valt
 Bv. infrarood kunnen we niet zien (golflengte)

3.2.2.2 De absolute drempel/detectiedrempel
 Minimumintensiteit die nodig is om een prikkel te kunnen waarnemen
 Verschillend van persoon tot persoon
 Evoluerend naar leeftijd (meestal verhoging)

3.2.2.3 Een maximumdrempel
 De pijndrempel
 Hoger dan drempel = weefselschade
3.2.4 Differentiële gevoeligheid
Differentiële drempel
= Het minimumverschil dat nodig is om het verschil tussen twee prikkels te kunnen waarnemen
 (afh van de beginintensiteit & aandacht)
 (Bv. foto groene blokjes pwp mnr)

Wet van Weber
De intensiteit die je moet toevoegen om een verschil in intensiteit gewaar te worden is een constante
fractie van de beginintensiteit
 Bv. bij een pak van 1kg suikerklontjes een suikerklontje bijleggen: dit verschil wordt amper of
niet gemerkt
 Bv. werknemer 1500€, loonopslag van 50€/maand: blij. CEO 8000€ krijgt loonopslag van 50€,
niet blij


7

Connected book
 image
Miet Craeynest, Pol Craeynest Kompas voor de algemene psychologie
Publisher: Unknown ISBN: 9789464672701 Edition: Unknown

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
December 23, 2025
File latest updated on
December 27, 2025
Number of pages
51
Written in
2025/2026
Type
Summary
$11.81

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Fjeurjancien
5.0
(1)
Sold
8
Followers
1
Items
11
Last sold
3 days ago




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions