• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 151 pages
Summary

Samenvatting GPR (geslaagd in 1e zit)

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 151 pages

Deze samenvatting omvat de slides, uitleg van de prof en de info uit het handboek.

Content preview

Elena
Dams

GESCHIEDENIS VAN HET
PUBLIEKRECHT
GESCHIEDENIS VAN HET PUBLIEKRECHT: WAT EN WAAROM?

WAT?

 Metajuridisch vak
 Op het snijvlak van academische disciplines (geschiedenis, recht, …)
 Hoe het recht op een bepaalde plaats in een bepaalde tijd tot stand kwam en
ontwikkelt
o Staatsbestel: structuur, staatsorganen, bevoegdheden
o Grondrechtenbescherming

 Vraagstukken waarbij onderzocht wordt wat op een bepaalde plaats in een
bepaalde tijd tot stand kwam
o Wie maakt het recht? (functie parlement = schrijven grondwet)
o Hoe maakt men recht?
 Publiekrecht gedreven door machtsrelaties (ontwikkeling naar
liberale democratie in het westen)
o Wanneer en waarom wordt het recht gemaakt
 Waarom: historische context van de revoluties
o Hoe en door wie wordt het recht gehandhaafd
 Door wie: overheid of privé persoon
 UM of rechters
o Voor wie wordt het recht gemaakt en hoe kunnen deze rechtssubjecten
hun rechten laten gelden
 Belang voor 1 persoon / een elect clubje / voor een gemeenschap

 In 1215: Koning Jan zonder Land tekent de Magna Carta
o Hij kende recht toe aan een select groepje: clerus, ridders en adel
o Onderliggend = macht

 Recht functioneert niet in een vacuüm
 Recht is onderdeel van, en functioneert binnen, een sociaal-maatschappelijk
geheel met zijn eigen vigerend rechtssysteem
o Rechtssystemen zijn continu in ontwikkeling (zoals de samenleving en het
recht zelf)
o Hoe ze zijn vormgegeven, en hoe zij veranderen, heeft een grote impact
op de samenstelling en ontwikkeling van het recht

 Publiekrecht draait om
o Staatsorganen en instellingen (GwH, parlement, regering,…)
1

, Elena
Dams
o Algemene politieke principes en rechtsbeginselen (scheiding der machten,
democratie)
o Juridische begrippen, regels, procedures (politieke structuren,
bevoegdheden, bescherming grondrechten,…)

Geschiedenis van het publiekrecht Rede voor ontwikkeling
 Begrijpen waarom die elementen  Het recht zelf
er zijn / waren  Politieke keuzes
 Begrijpen waarom die elementen  Economische motieven
veranderen, vervangen of  Socio-culturele elementen
afgeschaft worden  Religieuze opvattingen
 Toevallige gebeurtenissen


 Polarisatie: bij polarisatie tussen personen kijken we naar de
geschiedenis van het publiekrecht
o Amerikaans kiesstelsel = meerderheidsstelsel  winner takes it all
o België  meer vertegenwoordiging  zorgt voor meer stabiel bestuur
naar sterkere dynamiek van “wij tegen zij” (=polarisatie)

WAAROM?

Voorbeeld: Belgische revolutie (1830-1831) = het resultaat van…

1. Constitutionele bezwaren
o Opvattingen over de rol van de regering en vorst tegenover de
vertegenwoordigende vergadering
o Onderdrukking van de oppositie via inperking van grondrechten
(godsdienstvrijheid, persvrijheid, petitierecht, afschaffing assisenjury)
 Het zuiden keert zich tegen de regering
 Vanuit zuiden: veel bezwaren, ook in de Staten-Generaal van het
Koninkrijk der Nederlanden
2. Culturele motieven
o Franse taal van politieke elite staat haaks op beleid Willem I
 Taal: niet meteen een groot probleem
 Franse taal gebruikt door politieke elite
 Willem I: overgaan op Nederlands doorvoeren  elite ziet dat niet
zitten
o Sinds de Franse annexatie richt de bourgeoisie en de adel haar blik op
Frankrijk
3. Politieke klachten
o Ondervertegenwoordiging van het Zuidelijke deel van het Verenigd
Koninkrijk der Nederlanden in de Staten-Generaal (tegenover Noordelijke
deel)
o Willem wou vermijden dat er op politiek vlak een gelijke
vertegenwoordiging is met het zuiden (het noorden werd voorgetrokken)
2

, Elena
Dams
4. Religieuze overwegingen
o Bevolking in Zuidelijke deel is overwegend katholiek, terwijl men in
Noordelijk deel overwegend protestants is
 Willem en zijn regering willen niet dat Zuiden sterker
vertegenwoordigd wordt in de Staten-Generaal
5. Economische gronden
o In Zuiden ontstaat idee dat Willem en zijn regering Noorden economisch
voortrekt (niet)
 Goed rechtshistorisch onderzoek vorm basis voor goed begrip van hedendaags
recht
 Kennis en inzicht in ontwikkeling en toepassing van het recht en rechtsregels in
hun historische context geeft ons zicht op aangeleverde rechtshistorische
argumenten
o Informeert ons over pro’s en contra’s van vormen van aanpak
o Bij maken van dergelijke keuzes is rechtvaardig karakter van regel een
essentiële factor
 Inhoud van rechtvaardigheidsbegrip = variabel van aard (negatieve
en positieve resultaten als gevolg
 Rechtshistorische dimensie is belangrijk component in contemporaine
rechtsvergelijkende onderzoeken
o Rechtsvergelijkend onderzoek: systemen vergelijken om te zoeken naar
‘best practice’

 GPR toont aan dat macht en machtsconflicten aan de basis liggen van het
staatsbestel
o Vaak macht in vloeibare vorm
 Weinig vat op
 Meestal één persoon
 Meer en meer beperkingen op macht
 Macht deconcentratie
 Inzicht in het verleden laat toe om
o Potentieel van staatsbestel + beperkingen van juridische stelsels in
welbepaalde context te ontwaren
o Een onderscheid te maken tussen het essentiële  het incidentiele

 Gestolde macht: macht in verschillende verschijningsvormen, afhankelijk
van omstandigheden

HET MODERNE STAATSBEGRIP

 Wat is de staat?
 Wat is de soevereiniteit en waarom is dit belangrijk?
 Waarom gaat de staat stilletjes aan democratiseren?

INLEIDING
3

, Elena
Dams
 Hoe regelen we de manier waarop we onszelf besturen?
o Regelen verwijst eigenlijk naar een regel (=norm)
 Veronderstelt norm + recht
 Overal ter wereld is er iets gemeenschappelijk in de manier waarop staten
worden bestuurd
o De manier waarmee de overheid legitimiteit krijgt om de mensen te
besturen
 Dit is voor elke staat anders en evolueert ook op een andere
manier  geen uniform model qua ideologie en juridisch systeem
o Voor eerste denkers: natuurstaat = chaos ( tegelijkertijd geen superstaat)
 Om daaruit te geraken en veiligheid te waarborgen van mensen
moeten we macht centraliseren in handen van één persoon
o Vandaag: meeste staten representatief regime bevolking laat zich
vertegenwoordigen
 Essentiële problematiek in het publiekrecht: hoe onszelf besturen zodat we vrij
blijven
o Zorgt voor spanningsveld:
 Hoe de democratie in constitutionele zin denken
 Hoe rechten bewaren en ervoor zorgen dat een democratische
meerderheid de rechten en belangen van de minderheden niet
miskent
 Collectief stemmen tussen 2 keuzes: meerderheid –
minderheid  meerderheid wint (50+1)
 Dit spanningsveld vormt de intellectuele achtergrond van ontwikkeling van de
liberale staat

DE IDEE VAN ‘DE STAAT’

 Begrip “staat” = status of toestand
 Uitgangspunt
o Enige manier om rust te creëren en te verhinderen dat een groep mensen
die samenleven in chaos en geweld vervalt:
 Macht om bevelen op te leggen concentreren in handen van
persoon of instelling
 Deze persoon/instelling maakt de wet, die op iedereen van
toepassing is
 Deze persoon/instelling heeft een geweldmonopolie (de enige die
geweld mag gebruiken om iemand te dwingen)
o Dit heeft theorie nodig  conceptie van ‘de staat’ (wie/wat kan als staat
beschouwd worden en waarom? Wanneer is de uitoefening van geweld
gerechtvaardigd?)
 Definiëring van de staat = afhankelijk van welk standpunt men inneemt:
o Moderne / hedendaagse geschiedenis
 Vanaf de Atlantische revoluties in de VS (1776) / Frankrijk (1789)

4

Table of contents

  1. 01 geschiedenis van het publiekrecht: wat en waarom? 1
    1. Wat? 1
    2. waarom? 2
  2. 02 het moderne staatsbegrip 3
    1. inleiding 3
    2. de idee van ‘de staat’ 4
    3. de notie ‘soevereiniteit’ 6
    4. de democratisering en constitutionalisering van de staat 7
    5. macht en soevereiniteit in de constitutionele staat 12
    6. types staten 15
  3. 03 internationale betrekkingen van Karel V tot de Franse revolutie 18
    1. INLEIDING 18
    2. de strijd tussen Valois/Bourbon en Bourgondië/habsburg 19
    3. de strijd om de suprematie tussen suprematie keizer, duitse rijksvorsten en buitenlandse concurrenten 23
    4. europa en daarbuiten 25
  4. 04 middeleeuwen tot de nieuwe tijd: de geboorte van het internationaal recht 27
    1. spaanse neoscholastiek 28
    2. brugfiguren 30
    3. de school van het natuurrecht 31
    4. positivisme 33
  5. 05 absolutisme en revolutie 34
    1. de absolute monarchie 34
    2. revoluties 35
    3. het Congres van wenen 36
  6. 06 de 19e eeuw 37
    1. de geboorte van de natiestaat 37
    2. Het nieuw volkenrecht 39
  7. 07 de 20e eeuw 41
    1. de eerste werledoorlog 41
    2. De tweede wereldoorlog 44
    3. bipolaire wereld 45
    4. unipolaire wereld? 46
  8. 08 inleiding 47
    1. waarom beginnen met frankrijk? 47
    2. drie clusters 48
  9. 09 de franse revolutie 48
    1. crisis, ancien régime en staten-generaal 48
    2. van staten-generaal naar assemblée nationale 49
    3. bestorming van de bastille en afschaffing leenrecht 49
    4. universere rechten van de mens en burger 50
  10. 10 constitutionele monarchie 1791 51
    1. totstandkoming 51
    2. de ondeelbaarheid van de franse natie 51
    3. uitvoerende macht 52
    4. wetgevende macht 52
    5. rechterlijke macht 52
    6. de breuk met de kerk 53
  11. 11 de convention en grondwet van het jaar I (1793) 53
    1. de vlucht naar varennes en de radicalisering 53
    2. van Assemblée nationale naar convention nationale 53
  12. 12 Het Comité de Salut Public en de democratische dictatuur (1793-1794) 54
    1. de machtsconcentratie 54
    2. de grote terreur 55
  13. 13 het directoire en de grondwet van het jaar III (1795) 56
    1. de nieuwe verklaring van de rechten van de mens en de burger 56
    2. politieke structuur onder het directoire 56
  14. 14 het consulaat in het jaar VIII (1799) 57
    1. de staatsgreep van Napoleon 57
    2. de oprichting van het consulaat 58
    3. concordaat en codificatie 59
  15. 15 het keizerrijk (1804-1814/15) 59
  16. 16 de restauratie (1814-1815) 59
    1. de charte octroyée (1814) 59
    2. intermezzo : de Cent jours 61
    3. de trois glorieuses 61
  17. 17 de julimonarchie (1830) 62
    1. de charte van 1830 62
    2. de revoluties van 1848 62
  18. 18 de tweede republiek (1848-1851) (in het boek te veel details) 63
    1. de grondwet van de tweede republiek 63
    2. lodewijk napoleon bonaparte als president 65
  19. 19 het tweede keizerrijk (1852-1870) 65
    1. de machtsconsolidatie van lodewijk napoleon 65
    2. de grondwet van 1852 65
    3. het twede keizerrijk 66
    4. de buitenlandpolitiek 66
  20. 20 de derde republiek (1871-1940) 67
    1. de commune van parijs 67
    2. de lois constitutionelles van 1875 67
    3. de polarisatie 68
  21. 21 de vierde republiek (1946-1958) 68
    1. wereldoorlog II en het Vichy-regime (1940-1945) 68
    2. de bevrijding en de nieuwe grondwet van 1946 69
  22. 22 het vijfde republiek (1958-heden) 70
    1. de instabilisatie van de jaren 1950 70
    2. de grondwet van 1958 71
  23. 23 TERMINOLOGIE 73
    1. HET ‘verenigd koninkrijk’ 73
    2. bevoegdheden en grondwettelijke structuur 73
  24. 24 GRONDWETTELIJKE DOCUMENTEN EN INSTELLINGEN 74
    1. vooraf: vroege middeleeuwen tot de 13e eeuw 74
    2. magna carta libertatum 75
    3. centralisatie vanaf de 16e eeuw 76
    4. het common law 77
    5. de engelse burgeroorlog (1642-1651) 78
    6. de glorious revolution (1688-1889) 79
    7. de act of settlement (1701) & act of union (1706-07) 79
    8. groot-brittanniË vanaf de 19e eeuw 81
    9. het verenigd konikrijk en Europa 84
  25. 25 HET ‘verenigd koninkrijk’ 85
    1. vooraf: de ‘devolution’ 85
    2. schotland 85
    3. ierland 86
    4. noord-ierland 88
    5. wales 89
  26. 26 kolonisatie, verovering, expansie 89
    1. kolonisatie 89
    2. verovering 91
    3. Expansie 92
  27. 27 de institutionele uitbouw onder het brits regime 93
    1. kolonies en instellingen 93
    2. spanningen en revolutie 94
  28. 28 de onafhankelijkheid en confederatie 96
    1. de onafhankelijkheid (1776) 96
    2. articles of confederation (1777) 97
    3. de federale grondwet (1787) 98
  29. 29 institutionele structuren: checks & balances 99
    1. VOORAF: checks & balances 100
    2. de wetgevende macht 100
    3. de uitvoerende macht 101
    4. de rechterlijke macht 103
  30. 30 fundamentele rechten en vrijheden 104
    1. het debat over de Bill of rights (1787-1791) 104
    2. de fundamentele rechten en vrijheden 105
  31. 31 de Tsaristische periode (tot 1917) 105
    1. gebied 105
    2. bewind 105
    3. russisch recht 106
    4. europese expansie 106
    5. rusland in de 19e eeuw 107
  32. 32 de Februari- en Oktoberrevoluties (1917) 110
    1. Eerste Wereldoorlog en de Februarirevolutie 110
    2. Vladimir Lenin en de Oktoberrevolutie 110
  33. 33 de Sovjetunie en de Sovjetgrondwetten (1917-1989) 111
    1. de grondwetgevende vergadering 111
    2. de grondwet van 10 juli 1918: invoering van het revolutionair systeem 112
    3. de grondwet van 31 januari 1924: internationalisering 114
    4. de grondwet van 5 december 1936: stalinisme 114
    5. de tweede wereldoorlog 115
  34. 34 de Russische Federatie (1993 - heden) 116
    1. de desintegratie van de USSR 116
    2. de grondwet van 1993 en de vestiging van de russische federatie 118
  35. 35 Het Heilig Roomse Rijk der Duitse Natie (967-1806) 121
    1. HET HEILIG ROOMSE RIJK 121
    2. HET RECHT IN HET HEILIG ROOMSE RIJK 123
  36. 36 Het Congres van Wenen en de Duitse Bond (1815-1866) 124
    1. HET CONGRES VAN WENEN 124
    2. DE DUITSE BOND 125
  37. 37 Het Frankfurter Parlement (1848-1849) 126
    1. DE REVOLUTIEGOLF VAN 1848 126
    2. HET FRANKFURTER PARLEMENT 126
  38. 38 De Duitse eenmaking (1864-1871) 127
    1. DE KWESTIE SLEESWIJK-HOLSTEIN (1864-1871) 127
    2. DE OORLOG TEGEN OOSTENRIJK (1866-1867) 127
    3. DE EENMAKING (1871) 128
  39. 39 Het Tweede Rijk (1871-1919) 128
  40. 40 De Weimarrepubliek (1919-1933) 129
    1. DE TRANSFORMATIE VAN DUITSLAND NA WOI 129
    2. HET POLITIEK SYSTEEM 129
    3. DE STAATSSTRUCTUUR 130
    4. DE SOCIALE RECHTSSTAAT 130
  41. 41 Het Derde Rijk (1933-1945) 131
    1. de overgang van de democratie naar de dictatuur 131
    2. duitse juristen en nazirecht 133
  42. 42 De DDR en de Bondsrepubliek (1949-1990) 134
    1. de duitse democratische republiek (ddr) 134
    2. de duitse bondsrepubliek (brd) 135
  43. 43 De Berliner Republik (1990-heden) 137
  44. 44 inleiding 137
  45. 45 China voor de 19e eeuw 138
    1. DE CHINESE SAMENLEVING VAN HET RECHT 138
    2. DE EVOLUTIE TOT DE MING-DYNASTIE 141
    3. DE BUREAUCRATIE 143
    4. HET GERECHTELIJK APPARAAT 143
  46. 46 China in de 19e eeuw 144
    1. DE PROBLEMEN MET DE BUITENLANDSE GROOTMACHTEN 144
    2. DE INTERNE PROBLEMEN 145
  47. 47 China tussen revolutie en burgeroorlog (1911-1949) 146
    1. DE GEOPOLITIEKE ONTWIKKELINGEN 146
    2. DE VERANDERINGEN IN HET CHINESE RECHT 147
  48. 48 de chinese volksrepubliek (1949-heden) 147
    1. DE DICTATUUR VAN HET PROLETARIAAT 147
    2. DE TOENADERING VANUIT HET WESTEN 148
    3. DE GRONDWET VAN 4 DECEMBER 1982 148
    4. DE CHINESE COMMUNISTISCHE PARTIJ 150
    5. DE ONDERGESCHIKTE BESTUREN 151
    6. EEN GLOBALE GROOTMACHT 151

Connected book
 image
Frederik Dhondt Gestolde macht
Publisher: Unknown ISBN: 9789057187032 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
July 29, 2025
Number of pages
151
Written in
2024/2025
Type
Summary
$10.95

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
dams-elena
3.6
(42)
Sold
217
Followers
4
Items
12
Last sold
1 month ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions