Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 88 pages
Summary

Samenvatting Jeugdcriminaliteit & Jeugdbescherming 2024/2025

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 88 pages

Dit document bevat een samenvatting van alle voorgeschreven literatuur die je moet kennen voor het eindtentamen van de cursus Jeugdcriminaliteit en Jeugdbescherming van de minor. Ik heb het vak in één keer gehaald, met deze samenvatting gaat jou dat ook lukken!

Content preview

Inhoudsopgave:
-​ Week 1: Jeugdcriminaliteit en Jeugdbescherming; cijfers, informanten &
definities………………………………………………….………………….……….…blz. 3
- Weijers (2020), H1…………………………………………………………………….blz. 3
- Weijers (2020), H3……………………………………………………….……………blz. 4
- Hendriks et al. (2021), H2……………………………………………………….……blz. 5
- Hendriks et al. (2021), H29……………………………………………………..……blz. 7

-​ Week 2: Ontwikkelings- en levensloop criminologie…………………….…..…blz. 9
- Weijers (2020), H15………………………………………………………...…………blz. 9
- Thompson, K., & Morris, R. J. (2016)……………………………...………………blz. 13

-​ Week 3: Neurobiologie en gedragsproblemen…………………………………blz. 17
- Weijers (2020), H9…………..…………………………………………………….…blz. 17
- Hendriks et al. (2021), H3………..………………………………………………….blz. 18
- Hendriks et al. (2021), H37……..…………………………………………..……….blz. 19
- Hendriks et al. (2021), H10……..…………………………………………………...blz. 20

-​ Week 4: Rivaliserend groepsgedrag in een hybride samenleving………….blz. 22
- Van den Broek, J. de Jong, J. & Mousaid, Y. (2022).........................................blz. 22
- Whittaker, A., Densley, J., & Moser, K. S. (2020)..............................................blz. 23
- Ferwerda, H., & Ham, T. van (2017)........................................................................blz. 24
- Peeters, T., & Van Dongen, T. (2022)................................................................blz. 25

-​ Week 5: Jonge aanwas in georganiseerde criminaliteit: de rol van
familie……………………………………………………...……………….………….blz. 27
- Van Dijk et al. (2022)..........................................................................................blz. 27
- Besemer et al. (2017)........................................................................................blz. 29
- Eichelsheim, V. (2019).......................................................................................blz. 30
- Calderoni, et al. (2022)......................................................................................blz. 32
- Boertien et al. (2024).........................................................................................blz. 34

-​ Week 6: LVB/Vroegkinderlijk trauma………………………………….………….blz. 37
- Hendriks et al. (2021), H4..................................................................................blz. 37
- Hendriks et al. (2021), H11................................................................................blz. 40
- Hendriks et al. (2021), H15................................................................................blz. 43
- Yohros, A. (2022)...............................................................................................blz. 45

-​ Week 7: Cultuur en delinquentie…………………………………….……………blz. 48
- Hendriks et al. (2021), H9..................................................................................blz. 48
- Boon et al. (2018)..............................................................................................blz. 49
- Gilsing et al. (2015)...........................................................................................blz. 51




1

,-​ Week 8: Cybercrime & meisjes………………………...………………………….blz. 52
- Hendriks et al. (2021), H13................................................................................blz. 52
- Hendriks et al. (2021), H31................................................................................blz. 54
- Hendriks et al. (2021), H32................................................................................blz. 55
- Hendriks et al. (2021), H5..................................................................................blz. 57
- Beerthuizen et al. (2023)...................................................................................blz. 60
- Wissink et al. (2023)..........................................................................................blz. 64

-​ Verplichte literatuur werkcollege 1.............................................................blz. 67
- Assink et al. (2015)............................................................................................blz. 67
- Farrington Malvaso (2023)................................................................................blz. 68

-​ Verplichte literatuur werkcollege 2.............................................................blz. 70
- Hendriks et al. (2021), H7.................................................................................blz. 70
- Hendriks et al. (2021), H17................................................................................blz. 73
- Alink et al. (2014)..............................................................................................blz. 74
- Assink et al. (2016)............................................................................................blz. 77
- Assink et al. (2019)............................................................................................blz. 78
- Lünnemann et al. (2023)...................................................................................blz. 79

-​ Verplichte literatuur werkcollege 3.............................................................blz. 83
- Belsky (1980)....................................................................................................blz. 83

-​ Verplichte literatuur werkcollege 4.............................................................blz. 85
- Christensen Baker (2020)..................................................................................blz. 85
- Van der Put et al. (2014)....................................................................................blz. 86




2

, WEEK 1: JEUGDCRIMINALITEIT EN
JEUGDBESCHERMING; CIJFERS,
INFORMANTEN & DEFINITIES
Weijers (2020), H1…………………………………………………………………………………….
Na de Tweede Wereldoorlog bereikten meerdere theorieën ons over (jeugd)criminaliteit
vanuit de VS, waarbij sociologische en sociaalpsychologische benaderingen dominant
waren. Criminaliteit werd meestal gezien als een gevolg van een verstoord
aanpassingsproces aan de heersende waarden en cultuur. Negatieve socialisatieprocessen
van jeugdigen kregen dan ook bijzondere aandacht, zoals dat het geval kan zijn in het gezin,
de vrije tijd en de peer group, de school en het woonmilieu. Criminaliteit, deviant gedrag en
gedragsproblemen werden hoofdzakelijk in de lagere sociale klassen gesitueerd. Met de
kritische of radicale criminologie kwam er vanaf de jaren zestig/zeventig stevige kritiek op
deze traditionele etiologische benadering. De bronnen waarop het empirisch onderzoek
steunde (justitiële gegevens), bleken vertekend door selectiemechanismen en negatieve
beeldvorming (stereotypen) over bepaalde kwetsbare groepen. Het overheidsingrijpen droeg
volgens deze benadering door stigmatisering van groepen jongeren zelfs bij aan de deviante
carrières van jeugdigen. Vanaf het eind van de jaren zeventig kwam er ook kritiek op het
beschermingsmodel van een conservatieve stroming in de criminologie die de meeste
interventies als verspilde moeite voorstelde. Enerzijds gevoed door de opkomst van een law
en order-beweging, anderzijds door onderzoeksbevindingen die een gebrekkige effectiviteit
van behandelingsprogramma’s aantoonden (‘nothing works’), kwam er in de jaren tachtig
een pleidooi om de ‘geloofwaardigheid’, het afschrikwekkend en beveiligend karakter van de
strafrechtelijke interventie, te herstellen.

Toch waren er ook andere geluiden, Zo werd in internationale teksten aanbevolen in
interventies met een opvoedend karakter te voorzien, rekening houdend met de
persoonlijkheid en de specifieke noden van de jeugdigen. In 1989 werd het Internationaal
Verdrag inzake de Rechten van het Kind goedgekeurd, waarin naast rechts- en
proceswaarborgen voor kinderen, ook een reeks sociale verplichtingen voor staten
opgenomen werden. Tegen het eind van de jaren tachtig kwam ook weer meer aandacht
voor de sociale achtergronden van jeugdcriminaliteit. In de jeugdcriminologie werd de
bindingstheorie van Hirschi bijzonder populair, met als uitgangspunt dat goede bindingen
van jongeren met sociale subsystemen, zoals gezin en school, een vangnet van sociale
controle impliceren dat remmend werkt ten aanzien van jeugddelinquentie.

Eind jaren negentig veranderde de toon echter. Er kwam meer kritiek op de werking van
politie en justitie, die onvoldoende de veiligheid van de burgers zouden waarborgen.
Enerzijds kreeg een aantal incidenten grote media-aandacht, anderzijds wezen
politiegegevens op een stijging van (gewelds)criminaliteit bij jeugdige daders. Ook de
oververtegenwoordiging van allochtone daders kreeg specifieke aandacht. In beleidsnota’s
werd een effectievere aanpak van jeugddelinquentie gevraagd, niet alleen door politie en
justitie, maar ook door het ontwikkelen van allerlei ‘evidence-based’ preventie- en


3

, interventieprogramma’s. Hierbij diende zich het concept ‘risicofactor’ aan: onderzoek diende
de risicofactoren te identificeren die het ontstaan en de verdere ontwikkeling van
jeugdcriminaliteit in de hand werken. Jeugdcriminaliteit als belangrijk maatschappelijk thema
beïnvloedt bijgevolg niet alleen wetgeving en beleid, maar stuurt ook het wetenschappelijk
onderzoek. Zo werden er meer fondsen beschikbaar gesteld voor onderzoeksprogramma’s
die inspelen op deze veranderende beeldvorming (tegelijk probleemdefinitie) over
jeugdcriminaliteit.

Jeugdcriminaliteit is allereerst criminaliteit van adolescenten, dat wil zeggen van 12- tot
18-jarigen. Dat heeft te maken met twee verschillende ontwikkelingen. Ten eerste heeft zich
de afgelopen eeuw in het leven van 12- tot 18-jarigen in de rijke, westerse samenleving een
ingrijpende, ambigue evolutie voorgedaan. Aan de ene kant zijn jongeren langer afhankelijk,
met name doordat ze veel langer naar school gaan dan eerdere generaties en daardoor
bijvoorbeeld nog geen zelfstandig inkomen kunnen verwerven. Aan de andere kant worden
jongeren tegenwoordig veel serieuzer genomen en telt hun mening veel zwaarder bij
kwesties, variërend van wat er voor eten op tafel komt tot de keuze van kinderkleding,
televisieprogramma’s en vakantiebestemming. Ten tweede is er de laatste decennia een
verhevigde onderzoeksinteresse voor het verschijnsel adolescentie vanuit de psychologie,
de psychiatrie, de neurologie, de sociologie, de pedagogiek en de genetica op gang
gekomen.

Weijers (2020), H3…………………………………………………………………………………….
Hoewel de (jeugd)criminaliteit in Nederland volgens de officiële statistieken al sinds
meerdere jaren een daling laat zien, is bij menigeen het beeld anders. Als je het ze vraagt
zijn burgers van mening dat het vroeger veiliger en beter was dan nu. Zo vroegen Erik
Beervoets en collega’s (2014) aan Amsterdammers wat hun beeld was van de
jeugdcriminaliteit. De reactie was dat het vroeger minder erg was (en we hebben geen
aanwijzingen dat de beeldvorming elders anders is). Ook in de media heerst een
vergelijkbaar beeld en blijkt, met name in de digitale media, de aandacht voor
jeugdcriminaliteit toe te nemen. De beeldvorming bij burgers en media lijkt dus haaks te
staan op de ontwikkelingen over de aantallen jeugdige verdachten en daders zoals die
blijken uit door politie en justitie geregistreerde gegevens.

Bij jeugd gaat het om jongeren in de leeftijd van 12 tot 25 jaar. Daarin kan een onderscheid
worden gemaakt tussen zogenoemde strafrechtelijk minderjarigen (12- tot 18-jarigen) en
jongvolwassenen (18- tot 25-jarigen).

Als in de tijd de aantallen jeugdigen in de populatie veranderen dan heeft dat gevolgen voor
de aantallen (mogelijke) daders van criminaliteit. Het is daarom van belang om bij het
beschrijven van criminaliteitstrends rekening te houden met deze bevolkingsontwikkelingen.

Leeftijd en criminaliteit hangen samen. Onder minderjarigen en jongvolwassenen bevinden
zich naar verhouding meer verdachten en strafrechtelijke daders dan in oudere
leeftijdsgroepen. Bekend is dat het aantal jeugdigen dat wegens het plegen van een delict
met de politie in aanraking komt vanaf het 12e jaar toeneemt (wat op zich logisch is omdat
ze pas vanaf die leeftijd strafrechtelijk schuldig kunnen worden bevonden), een piek bereikt
rond de 18e-20ste levensjaar en daarna afneemt. Dit fenomeen noemen we de



4

Document information

Study
Uploaded on
June 28, 2025
Number of pages
88
Written in
2024/2025
Type
Summary
$19.79

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
JkHop
5.0
(1)
Sold
46
Followers
0
Items
3
Last sold
9 months ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions