WOORDENLIJST RUIMTE EN SAMENLEVING
HOODSTUK 1: INLEIDING
Geografie De wetenschap die zich toelegt op
= aardrijkskunde alles wat zich in de ruimtelijke
dimensie afspeelt. (Het beschrijven
van de aarde.)
Fysische geografie Het ontstaan van het heelal,
platentektoniek, landschappen,…
Sociale en politieke georgrafie Europese Unie, België, …
Objectieve ruimte De meetbare ruimte, de kosmos
waarin we ons met de aarde bevinden.
Een ruimte die je op een landskaart
kan vastleggen. Bv: deze ruimte is
200m².
Subjectieve ruimte Hoe je een ruimte beleeft, de
persoonlijke ruimte. Bv: een donkere
ruimte zonder ramen voelt kil en
ongezellig aan.
Fysieke ruimte De ruimte om ons heen die we kunnen
waarnemen en waar we ons in kunnen
bewegen.
Bv: de klas, Europa, …
Psychologische ruimte Een mentaal gegeven, het
voorstellingsvermogen. De ruimte in je
gedachten. Bv: je kunnen inbeelden
hoe ik van thuis naar de bakker
wandel, zonder dat echt de doen.
Local to global De kinderen leren eerst alles binnen
hun eigen buurt kennen en gaan
daarna breder en breder. Tijdens de
kleuterjaren leren ze over zichzelf, in
de eerste graad ligt de focus op de
klas en de school, dan breder naar de
gemeenten en provincies en in de
derde graad vergroten ze hun kennis
tot alles over België, Europa en de
werelddelen.
Evenaar Een denkbeeldige lijn die de aardbol
horizontaal in twee gelijke delen
verdeeld. Het noordelijk halfrond en
het zuidelijk halfrond.
Parallel Denkbeeldige lijnen (=circkels)
= breedtecirckel evenwijdig met de evenaar. Er kunnen
er oneindig veel getekend worden. Ze
zijn allemaal evenwijdig met elkaar,
maar niet allemaal even lang.
Nulmeridiaan Een denkbeeldige lijn die de aardbol
= meridiaan van Greenwich verticaal in twee gelijke delen
verdeeld. Het oostelijk halfrond en het
westelijk halfrond.
Meridiaan Denkbeeldige lijnen van de noord-
,= lengtecirckel naar zuidpool. Er kunnen er oneindig
veel getekend worden. Alle punten die
op de lijn liggen hebben op hetzelfde
moment middag en alle lijnen zijn
even lang.
Coördinaten (van een plaats) Het kruispunt van een breedte- en
lentecirckel. Het punt wordt aangeduid
met graden.
Bv: 34°NB 112°WL
Globe Een wereldbol. Op deze bol is de
verhouding van grootte, vorm en
afstand tussen alle landen correct (dit
kan nooit op een kaart).
Mercatorkaart De wereldbol wordt op deze kaart als
een plat vlak voorgesteld waarbij alle
parallellen en meridianen als rechte
lijnen elkaar loodrecht snijden.
Peeterskaart Alle landen worden volgens hun juiste
oppervlakte afgebeeld, maar er treden
veel vervormingen op.
Winkel-tripelprojectie Dit is een soort compromis tussen de
Mercator- en Peeterskaart. Deze wordt
nu het vaaktste gebruikt binnen het
onderwijs.
Schaal Een middeltje om aan te tonen wat
het verschil is tussen de verkleinde
weergave op een kaart en de
werkelijkheid. -> lijn- of breukschaal.
Legende Het gedeelte op de kaart waarop
wordt uitgelegd wat de afzonderlijke
kaartsymbolen betekenen.
Proportionele symbolen Symbolen die in grootte evenredig zijn
met de data. Bv: kleinere en grote
circkels voor het aantal inwoners per
stad.
Het gradennet Op de globe gevormt door de lijnen,
meridianen en parallellen.
Oriënteren Een windrichting bepalen. Kan met de
zon of een kompas.
Situeren De ligging van een plaats tov andere
ruimtelijke gegevens aanduiden. Bv:
Tielt situeert zich in het oosten van
West-Vlaanderen.
Lokaliseren Een exacte plaats van iets of iemand
aangeven adhv de coördinaten.
, HOODSTUK 2: HET HEELAL
Kosmologie De studie van het heelal. Het is een
afzonderlijke tak binnen astronomie of
sterrenkunde.
De oerknal De Belgische professor Georges
= The big bang Lemaître ontdekte dat het heelal
uitdijt. Vanuit dat idee besloot hij dat
het ooit veel kleiner is geweest met
een veel hogere dichtheid. Volgens
berekeningen via de tijd dat licht
onderweg is, werd berekend dat de
oerknal 13,7 miljard geleden
plaatsvond. De oerKNAL is een
verkeerd gekozen term want er was
geen knal en het is een langdurig
proces dat nogsteeds bezig is.
De zwaartekracht Ontdekt door Isaac Newton. Het is de
= gravitatie aantrekkende kracht die 2 massa’s op
elkaar uitoefenen. “In het centrum van
de aarde licht het punt waarnaar de
alles toegetrokken word, waardoor
zwaartekracht onstaat en de aarde
een bolvorige planeet is.” De
zwaartekracht is dus ook aanwezig op
zeer grote schaal, bijvoorbeeld tussen
de aarde en de maan, tussen
sterrenstelsels,…
The big crunch Dit is een voorspelling over de verre
toekomst van wat met het heelal zal
gebeuren. De uitdijing van het heelal
zal een einde kennen en de
zwaartekracht zal opnieuw de
bovenhand nemen. Hierdoor zal het
heelal opnieuw gaan inkrimpen. Het
heelal zal dan kleiner en kleiner
worden tot er eventueel een nieuwe
oerknal zich voordoet.
Open heelal De veronderstelling dat het heelal in
de toekomst zal blijven uitbereiden tot
alle sterren sterven en verdwijnen.
Gesloten heelal De veronderstelling dat het heelal
kleiner en kleiner zal worden tot alle
sterren en melkwegen
samengeweperst en vermorzeld
worden (the big crunch).
Astronoom Een sterrekundig, wetenschapper die
het heelal bestudeert.
HOODSTUK 1: INLEIDING
Geografie De wetenschap die zich toelegt op
= aardrijkskunde alles wat zich in de ruimtelijke
dimensie afspeelt. (Het beschrijven
van de aarde.)
Fysische geografie Het ontstaan van het heelal,
platentektoniek, landschappen,…
Sociale en politieke georgrafie Europese Unie, België, …
Objectieve ruimte De meetbare ruimte, de kosmos
waarin we ons met de aarde bevinden.
Een ruimte die je op een landskaart
kan vastleggen. Bv: deze ruimte is
200m².
Subjectieve ruimte Hoe je een ruimte beleeft, de
persoonlijke ruimte. Bv: een donkere
ruimte zonder ramen voelt kil en
ongezellig aan.
Fysieke ruimte De ruimte om ons heen die we kunnen
waarnemen en waar we ons in kunnen
bewegen.
Bv: de klas, Europa, …
Psychologische ruimte Een mentaal gegeven, het
voorstellingsvermogen. De ruimte in je
gedachten. Bv: je kunnen inbeelden
hoe ik van thuis naar de bakker
wandel, zonder dat echt de doen.
Local to global De kinderen leren eerst alles binnen
hun eigen buurt kennen en gaan
daarna breder en breder. Tijdens de
kleuterjaren leren ze over zichzelf, in
de eerste graad ligt de focus op de
klas en de school, dan breder naar de
gemeenten en provincies en in de
derde graad vergroten ze hun kennis
tot alles over België, Europa en de
werelddelen.
Evenaar Een denkbeeldige lijn die de aardbol
horizontaal in twee gelijke delen
verdeeld. Het noordelijk halfrond en
het zuidelijk halfrond.
Parallel Denkbeeldige lijnen (=circkels)
= breedtecirckel evenwijdig met de evenaar. Er kunnen
er oneindig veel getekend worden. Ze
zijn allemaal evenwijdig met elkaar,
maar niet allemaal even lang.
Nulmeridiaan Een denkbeeldige lijn die de aardbol
= meridiaan van Greenwich verticaal in twee gelijke delen
verdeeld. Het oostelijk halfrond en het
westelijk halfrond.
Meridiaan Denkbeeldige lijnen van de noord-
,= lengtecirckel naar zuidpool. Er kunnen er oneindig
veel getekend worden. Alle punten die
op de lijn liggen hebben op hetzelfde
moment middag en alle lijnen zijn
even lang.
Coördinaten (van een plaats) Het kruispunt van een breedte- en
lentecirckel. Het punt wordt aangeduid
met graden.
Bv: 34°NB 112°WL
Globe Een wereldbol. Op deze bol is de
verhouding van grootte, vorm en
afstand tussen alle landen correct (dit
kan nooit op een kaart).
Mercatorkaart De wereldbol wordt op deze kaart als
een plat vlak voorgesteld waarbij alle
parallellen en meridianen als rechte
lijnen elkaar loodrecht snijden.
Peeterskaart Alle landen worden volgens hun juiste
oppervlakte afgebeeld, maar er treden
veel vervormingen op.
Winkel-tripelprojectie Dit is een soort compromis tussen de
Mercator- en Peeterskaart. Deze wordt
nu het vaaktste gebruikt binnen het
onderwijs.
Schaal Een middeltje om aan te tonen wat
het verschil is tussen de verkleinde
weergave op een kaart en de
werkelijkheid. -> lijn- of breukschaal.
Legende Het gedeelte op de kaart waarop
wordt uitgelegd wat de afzonderlijke
kaartsymbolen betekenen.
Proportionele symbolen Symbolen die in grootte evenredig zijn
met de data. Bv: kleinere en grote
circkels voor het aantal inwoners per
stad.
Het gradennet Op de globe gevormt door de lijnen,
meridianen en parallellen.
Oriënteren Een windrichting bepalen. Kan met de
zon of een kompas.
Situeren De ligging van een plaats tov andere
ruimtelijke gegevens aanduiden. Bv:
Tielt situeert zich in het oosten van
West-Vlaanderen.
Lokaliseren Een exacte plaats van iets of iemand
aangeven adhv de coördinaten.
, HOODSTUK 2: HET HEELAL
Kosmologie De studie van het heelal. Het is een
afzonderlijke tak binnen astronomie of
sterrenkunde.
De oerknal De Belgische professor Georges
= The big bang Lemaître ontdekte dat het heelal
uitdijt. Vanuit dat idee besloot hij dat
het ooit veel kleiner is geweest met
een veel hogere dichtheid. Volgens
berekeningen via de tijd dat licht
onderweg is, werd berekend dat de
oerknal 13,7 miljard geleden
plaatsvond. De oerKNAL is een
verkeerd gekozen term want er was
geen knal en het is een langdurig
proces dat nogsteeds bezig is.
De zwaartekracht Ontdekt door Isaac Newton. Het is de
= gravitatie aantrekkende kracht die 2 massa’s op
elkaar uitoefenen. “In het centrum van
de aarde licht het punt waarnaar de
alles toegetrokken word, waardoor
zwaartekracht onstaat en de aarde
een bolvorige planeet is.” De
zwaartekracht is dus ook aanwezig op
zeer grote schaal, bijvoorbeeld tussen
de aarde en de maan, tussen
sterrenstelsels,…
The big crunch Dit is een voorspelling over de verre
toekomst van wat met het heelal zal
gebeuren. De uitdijing van het heelal
zal een einde kennen en de
zwaartekracht zal opnieuw de
bovenhand nemen. Hierdoor zal het
heelal opnieuw gaan inkrimpen. Het
heelal zal dan kleiner en kleiner
worden tot er eventueel een nieuwe
oerknal zich voordoet.
Open heelal De veronderstelling dat het heelal in
de toekomst zal blijven uitbereiden tot
alle sterren sterven en verdwijnen.
Gesloten heelal De veronderstelling dat het heelal
kleiner en kleiner zal worden tot alle
sterren en melkwegen
samengeweperst en vermorzeld
worden (the big crunch).
Astronoom Een sterrekundig, wetenschapper die
het heelal bestudeert.