Hoofdstuk 1 :
1. Reflecteren
1.1. Inleiding
= bewust nadenken, bewust worden van de redenen van je handelen, gevoelens, gevolgen
van je acties
methode om helderheid te krijgen
essentieel onderdeel van leren uit praktijkervaring maar ook in dagelijks leven
met een obj blik naar een situatie kijken afstand nemen
doel = inzicht in je eigen handelen
basistechniek = vragen stellen aan jezelf over verschillende aspecten
gevoelens = belangrijke rol als prikkel tot reflectie!
kan eng zijn om te benoemen maar zo leer je je gevoel in zetten als leidraad
leidt ook tot actie!
als je reflecteert word je bewuster van waarom je dingen doet, hoe dat voelt en wat voor
gevolgen dat heeft.
1.2. Belang binnen de beroepspraktijk
goede opvoeder = regelmatig kijken naar eigen functioren
nadenken en praten over je eigen functioneren = jezelf ontwikkelen
van Unen redenen waarom reflecteren belangrijk is
= voortdurend bewust zijn van eigen waarden en normen want deze bepalen
hoe jij hulp verleent
= vaak ingrijpende beslissingen en worden op zichzelf teruggeworpen
= kijken naar eigen attitudes in relatie met de cliënt en collega’s
ontwikkeling van open attitude is van belang om op verantwoordelijke manier
met een ander in interactie te treden
= je staat onder druk, vaak handelen zonder te weten wat de beste optie is.
DUS belangrijk dat je blijft zoeken naar andere methoden en intrumenten
zelfreflectie helpt je in het ontw van eigen professionaliteit, het voorkomt fixatie en
onprofessionele handelingen!
als opvoeder maatschappelijke verantwoordelijkheid en jou gedrag heeft effect op
anderen!
leren reflecteren = veel gebruikte leervorm
= vaardigheid die je moet beheersen om een goeie prof hulpverlener te
1
, 1.3. Het model van Korthagen
reflecteren= mentale vaardigheid
= een gesprek voeren met jezelf. Het stelt je in staat om te kunnen leren van wat
je meemaakt, die je ervaring omvormt tot kennis en nieuw gedrag in nieuwe sitauties
basis = een ervaring doel = ervaring of kennis herstructuren
bekijken vanuit versch invalshoeken
handelen, denken en voelen anders te interpreteren en te herstructureren in andere
woorden
5fasen spiraalmodel of cyclisch model
1.3.1. Stap 1: Handelen/ervaring
= zinvol handelen en ervaring opdoensituatie of ervaring kiezen
betekenisvol!
problematische ervaring of essentiële competenties
jij staat centraal! Jouw gevoelens, gedachten en gevoelens!
1.3.2. Stap 2: terugblikken
= wat is er precies gebeurt? afstand nemen
betekenisvolle situatie concretiseren
9richtvragen
= context? Wat wilde ik? Voelde ik? Dacht ik? Deed ik?
wilde de cliënt/andere? Voelde de andere? Dacht de andere?
deed de andere?
! Feiten en interpretaties onderscheiden!
objectief subjectief
situatie bekijken vanuit versch invalshoeken
= analyse van eigen willen/denken/voelen/handelen
= effecten op jezelf en anderen
= verband tussen handelen en reacties
= verband tussen deze situatie en andere
= gedragspatronen ontdekken
= inzicht beweegreden
essentieel is vragen stellen
open vragen gelegenheid beweegredenen onderzoeken, nuanceren
gesloten vragen verduidelijking
1.3.3. Stap 3: bewustwording van essentiële aspecten
= analyse maken expliciet formuleren van essentiële aspecten
wat was voor mij in die situatie het belangrijkste?
+ beslissingsmoment andere manier of niet?
nood aan abstractievermogen + conclusies trekken en verbanden leggen!
metanniveau = helicopteropdracht
2
1. Reflecteren
1.1. Inleiding
= bewust nadenken, bewust worden van de redenen van je handelen, gevoelens, gevolgen
van je acties
methode om helderheid te krijgen
essentieel onderdeel van leren uit praktijkervaring maar ook in dagelijks leven
met een obj blik naar een situatie kijken afstand nemen
doel = inzicht in je eigen handelen
basistechniek = vragen stellen aan jezelf over verschillende aspecten
gevoelens = belangrijke rol als prikkel tot reflectie!
kan eng zijn om te benoemen maar zo leer je je gevoel in zetten als leidraad
leidt ook tot actie!
als je reflecteert word je bewuster van waarom je dingen doet, hoe dat voelt en wat voor
gevolgen dat heeft.
1.2. Belang binnen de beroepspraktijk
goede opvoeder = regelmatig kijken naar eigen functioren
nadenken en praten over je eigen functioneren = jezelf ontwikkelen
van Unen redenen waarom reflecteren belangrijk is
= voortdurend bewust zijn van eigen waarden en normen want deze bepalen
hoe jij hulp verleent
= vaak ingrijpende beslissingen en worden op zichzelf teruggeworpen
= kijken naar eigen attitudes in relatie met de cliënt en collega’s
ontwikkeling van open attitude is van belang om op verantwoordelijke manier
met een ander in interactie te treden
= je staat onder druk, vaak handelen zonder te weten wat de beste optie is.
DUS belangrijk dat je blijft zoeken naar andere methoden en intrumenten
zelfreflectie helpt je in het ontw van eigen professionaliteit, het voorkomt fixatie en
onprofessionele handelingen!
als opvoeder maatschappelijke verantwoordelijkheid en jou gedrag heeft effect op
anderen!
leren reflecteren = veel gebruikte leervorm
= vaardigheid die je moet beheersen om een goeie prof hulpverlener te
1
, 1.3. Het model van Korthagen
reflecteren= mentale vaardigheid
= een gesprek voeren met jezelf. Het stelt je in staat om te kunnen leren van wat
je meemaakt, die je ervaring omvormt tot kennis en nieuw gedrag in nieuwe sitauties
basis = een ervaring doel = ervaring of kennis herstructuren
bekijken vanuit versch invalshoeken
handelen, denken en voelen anders te interpreteren en te herstructureren in andere
woorden
5fasen spiraalmodel of cyclisch model
1.3.1. Stap 1: Handelen/ervaring
= zinvol handelen en ervaring opdoensituatie of ervaring kiezen
betekenisvol!
problematische ervaring of essentiële competenties
jij staat centraal! Jouw gevoelens, gedachten en gevoelens!
1.3.2. Stap 2: terugblikken
= wat is er precies gebeurt? afstand nemen
betekenisvolle situatie concretiseren
9richtvragen
= context? Wat wilde ik? Voelde ik? Dacht ik? Deed ik?
wilde de cliënt/andere? Voelde de andere? Dacht de andere?
deed de andere?
! Feiten en interpretaties onderscheiden!
objectief subjectief
situatie bekijken vanuit versch invalshoeken
= analyse van eigen willen/denken/voelen/handelen
= effecten op jezelf en anderen
= verband tussen handelen en reacties
= verband tussen deze situatie en andere
= gedragspatronen ontdekken
= inzicht beweegreden
essentieel is vragen stellen
open vragen gelegenheid beweegredenen onderzoeken, nuanceren
gesloten vragen verduidelijking
1.3.3. Stap 3: bewustwording van essentiële aspecten
= analyse maken expliciet formuleren van essentiële aspecten
wat was voor mij in die situatie het belangrijkste?
+ beslissingsmoment andere manier of niet?
nood aan abstractievermogen + conclusies trekken en verbanden leggen!
metanniveau = helicopteropdracht
2