Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 36 pages
Summary

SAMENVATTING Diagnostische Instrumenten in de KLOP - Begeer et. al.

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 36 pages

Samenvatting van de te leren onderdelen uit het boek van Begeer et. al. (2024). Hierin zitten alle delen die je moet kennen voor het tentamen: de stof die je moest voorbereiden voor zowel de colleges als de werkgroepen. Let op: deze samenvatting bevat alleen de stof uit het boek van Begeer, niet de overige literatuur uit bijvoorbeeld het AST-NIP of de artikelen.

Content preview

Samenvatting DI KLOP – Hoofdstukken Begeer et. al. (2024)

HC 1

Hoofdstuk 2 – Theore2sche aspecten van de psychodiagnos2ek
1 Inleiding

Theore.sche kennis is belangrijk bij het formuleren van hypothesen in de fase van de probleemherkenning,
het toetsen daarvan in de fase van probleemdefiniëring en het kiezen van een interven.e.



2 Disciplines en theorieën in de psychodiagnos.ek

Elke discipline gebruikt haar eigen theore.sche referen.ekaders en hanteert de daarbinnen ontwikkelde
criteria en gebruikt daarbij haar eigen onderzoekstechnieken.

Mul.disciplinair werk vergt kennis van elkaars referen.ekaders.



2.1 De discipline van de psychiatrie

Psychiatrie is gericht op het onderkennen van psychopathologie.

Nosologische/ ziektemodel: het begrip ‘ziekte’ staat centraal. Wanneer een arts een ziekte constateert ziet
zij daarbij (idealiter) een samenhang tussen oorzaken, die leiden tot het ziekteproces dat resulteert in
symptomen, die soms in samenhang optreden (syndromen). Over de symptomen kan een voorspelling
gedaan worden (prognose) en zijn via bepaalde interven.es te behandelen.

Voor een differen.aaldiagnose wordt er onderzoek gedaan naar verschijnselen die het verschil maken
tussen het ene beeld en het andere.

In de psychiatrie werd aanvankelijk een analoge denktrant toegepast: ‘ziekte’ werd vervangen door
‘stoornis’. Omdat het vaststellen van oorzaken en het voorspellen van het beloop moeilijker bleek dan
gedacht kwam het begrip ‘syndroom’ op de voorgrond te staan; een beschrijvende (symptoma.sche)
diagnose.

Bij psychiatrische classifica.e kan er sprake zijn van comorbiditeit.



2.2 De discipline van de ontwikkelingspsychologie

Rond 1900 ontstond er belangstelling voor het ontwikkelingsverloop van kinderen. Twee vragen centraal:

1. Hoe kan het ontwikkelingsverloop begrepen worden?
2. Welke condi.es beïnvloeden ontwikkeling op posi.eve of nega.eve wijze?

Ontwikkeling verloopt zowel con.nu als discon.nu.

De klinische ontwikkelingspsychologie richt zich specifiek op de in hun ontwikkeling bedreigde kinderen. Het
ontwikkelen van tests om aspecten van een verstoorde ontwikkeling te meten is hier groot onderdeel van.

,2.3 De discipline van de orthopedagogiek

Orthopedagogiek = de pedagogiek voor het ‘specifiek opvoeden’, het ‘bieden van opvoedingshulp aan
betrokkenen bij een (dreigende) opvoedingsstagna.e’, met als doel ‘herstel van het gewone leven’.

De orthopedagogiek is handelingsgericht. Ook ‘vraaggericht werken’ kwam naar voren.

De nadruk kwam te liggen op gezinsgerichte werkwijzen, schoolgerichte werkwijzen en de forensische zorg.
Er is grote aandacht voor de context.



2.4 De psychodynamische theorie

Psychodynamische theorie (Sigmund Freud): problemen uit de vroege kinderjaren kunnen een belangrijke
rol spelen in het ontstaan van latere problema.ek. Psychodynamische psychodiagnos.ek bevat een
structureel en een dynamisch component.

Structureel:

- Id: de primaire drijfveren van het individu.
- Ego: bemiddelt tussen id en superego, organiseert het gedrag en reflecteert er later in de
ontwikkeling over.
- Superego: geïnternaliseerde regels door socialisa.e en opvoeding. Vergelijkbaar met het geweten.

Dynamisch: nadruk op de conflicten tussen deze krachten. Het conflict tussen strevingen van het individu
en de ontwikkelingstaken waarmee het wordt geconfronteerd leidt tot intrapsychische ontwikkeling.



2.5 De gehechtheidstheorie

Gehechtheid = de duurzame affec.eve rela.e tussen een kind en zijn of haar opvoeders.

Sensi.viteit = vermogen van de opvoeder om signalen van het kind waar te nemen. Responsiviteit =
vermogen van de opvoeder om adequaat te reageren op deze signalen.

Tegenwoordig wordt er gesproken van sensi.eve responsiviteit die leidt tot een ‘cirkel van veiligheid’.

De kwaliteit van de gehechtheid kan zowel een risicofactor als een beschermende factor zijn.



2.6 De leertheorie

Leertheorie: gaat ervan uit dat bepaald probleemgedrag zowel ontlokt kan worden door bepaalde eraan
voorafgaande s.muli (antecedente variabelen) als bekrach.gd kan worden door erop volgende s.muli
(consequente variabelen). Daarom is de gedragsdiagnos.ek er ook op gericht na te gaan welke factoren
het gedrag uitlokken of bekrach.gen.



2.7 De systeemtheorie

2.7.1 De ecologische theorie

Ecologische theorie van Bronfenbrenner: onderscheidt een aantal systeemniveaus:

, - Microsystemen: groepen waar het kind zelf deel van uitmaakt (gezin, school, sportclub, etc.).
Microsystemen liggen dicht bij het kind zelf à ‘proximaal’. Deze systemen veranderen het snelst.
- Mesosysteem: de rela.es tussen de microsystemen van het kind (bijvoorbeeld het contact dat de
leerkracht met de ouder heec).
- Exosystemen: systemen waar het kind niet direct aan deelneemt maar wel (indirect) door wordt
beïnvloed à ‘distaal’. Denk aan het werk van de ouders en het rechtssysteem.
- Macrosysteem:de rela.es tussen de exosystemen. Omvat alle culturele elementen van het land of
regio waar het kind in opgroeit. Deze is het meest distaal en het traagst veranderend.
- Chronosysteem: .jd.



2.7.2. GezinstherapeuAsche theorieën

Structurele gezinstherapie van Minuchin: het gezin is een zichzelf organiserend en steeds veranderend
systeem met een hiërarchie, subsystemen (ouders en kinderen), en par.ële systemen.

Grenzen tussen de subsystemen kunnen vervormd raken (denk aan paren.fica.e).

Ook nadruk op communica.e. Tegenstrijdigheden in inhouds- en betrekkingsniveau van communica.e
kunnen een bron van grote stress zijn.

Contextuele therapie van Boszormenyi-Nagy: benadrukt de rol van loyaliteit van kinderen naar hun ouders.



2.8 Integrerende modellen

Bovengenoemde theorieën zijn niet strict gebonden aan een bepaalde discipline. Om samen te kunnen
werken met uiteenlopende disciplines zijn overkoepelende, integrerende modellen handzaam.



2.8.1 Het biopsychosociale model

Biopsychosociale model = individueel gedrag wordt bepaald door factoren op lichamelijk, psychisch en
sociaal gebied. Deze factoren interacteren met elkaar.

Drie domeinen van psychopathologie: internaliserend, externaliserend en psycho.sch à vormen samen
een unidimensionele maat voor psychische kwetsbaarheid (P-factor).



2.8.2 Het balansmodel

Het balansmodel: balans tussen draagkracht en draaglast.

Draaglast = de belas.ng die een kind ervaart.

Draagkracht = de mate waarin het kind deze last kan dragen.

Risicofactoren vergroten de kans op het ontstaan van problemen of afwijkingen in de ontwikkeling. Vooral
een opstapeling van risicofactoren (cumula.e) vergroot deze kans. Tegenover risicofactoren staan
beschermende factoren: aspecten die ondanks de aanwezigheid van risicofactoren zorgen voor een
gezonde ontwikkeling.

, 3 Visies op normaliteit

Verschillende opvafngen over normaliteit:

- Normaliteit als de afwezigheid van stoornissen (gezond zo lang niet ziek).
- Normaliteit als sta.s.sch gegeven (normen over wat in welke mate op welke leecijd normaal is).
- Normaliteit als ideale of gewenste toestand (te bereiken doelen).
- Normaliteit als succesvolle adapta.e (aanpassen aan de omgeving).
- Normaliteit als neurodiversiteit (varia.e in het neurocogni.eve func.oneren van mensen).



4 Kwaliteit van theorievorming

PracAse-based theorieën/ prak.jktheorieën = theorieën die in de prak.jk een zekere bruikbaarheid
hebben maar nog niet voldoende zijn onderzocht.

Evidende-based theorieën = wanneer de bewijsvoering voldoet aan wetenschappelijke standaarden.

Evidence-based assessment = wanneer gebruik gemaakt wordt van verklarende theorieën die dat niveau
hebben.

‘Bewezen effec.ef’ = wetenschappelijk onderzoek heec laten zien dat een bepaalde aanpak bij een
bepaalde groep kinderen (in een bepaalde mate) effec.ef was om bepaalde behandeldoelen te bereiken,
en effec.ever is dan geen behandeling.

Als evidence-based assessment en evidence-based treatment hand in hand gaan: evidence-based pracAce.



5 Tot slot

Goede diagnos.ek vergt naast theore.sche onderbouwing ook methodisch werken (ander hoofdstuk).

Connected book
 image
Publisher: 26 juni 2024 ISBN: 9789024458721 Edition: 9

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Delen uit hoofdstuk 2, 3, 4, 5, 6, 7, 10, 12 en 16
Uploaded on
May 28, 2025
Number of pages
36
Written in
2024/2025
Type
Summary
$10.20

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
Sold
448
Followers
70
Items
21
Last sold
1 month ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions