• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 29 pages
Class notes

KT2501 Colleges Neuro

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 29 pages

Uitwerking van de colleges Neuro 1, Neuro 2 en Neuro 3

Content preview

Neuro 1 – Herhaling neuroanatomie
Herhalen van de volgende structuren (zie ook samenvatting KT1501)
- Corpus callosum – dak: verbinding van twee hersenhelften (commisure)
- Laterale ventrikels
- Striatum (nucleus caudatus + putamen)
o Nucleus caudatus ligt altijd tegen de laterale wand van het laterale ventrikel.
- Globus pallidus
- Corona radiata g
- Septum pellucidum
- Fornix (verbindt de hippocampi met elkaar).
- Commisura anterior : belangrijk voor stereotactische neurochirurgie. Nulpunt van het
assenstelsel dat gebruikt wordt voor de orientatie, is het midden van de commisura anterior.
Verbindt de lobi temporalis.
- 3e ventrikel. Begint onderin de hersenen, met daarin de kruising van het optic chiasm.
- Hypofyse
- Insula: zit diep in de fissura lateralis. Hier zit een deel oercortex.
- Foramen interventricularis
- Amygdala
- Thalamus
o Elk zintuiglijk systeem heeft zijn eigen kern in de thalamus.
- Plexus choroideus : produceert hersenvloeistof.
- Substantia nigra: hier vindt omzetting naar dopamine plaats.
- Nucleus subthalamicus
- Corpora mammalaria
- Capsula interna
- Hippocampus: grenst aan de mediale wand van de laterale ventrikel. Hier wordt geheugen
aangemaakt.
- Parahippocampalis
- Nucleus ruber (rode kern)
- Epifyse
- Commisure posterior.
- Aquaductus cerebri (stukje dat het derde en vierde ventrikel verbindt.
- Oliva inferior
- Vierde ventrikel: in het dak van de vierde ventrikel zit een opening. Dit zorgt voor hersenvloeistof
rondom de hersenen, wat werkt als schokdemping.
- Nucleus dentatus (kern met uitstulpingen in het cerebellum).

Grootste deel van de vezels uit het corticofugale systeem gaat via de pons naar het cerebellum.

Somatomotor control
Somatisch zenuwstelsel : motoriek waar je je bewust van bent.
1e motor neuron (ontspringt in cortex (pyramidale projectieneuron) -> gaat naar 2 e motor neuron (in
hersenstam of ruggenmerg) -> verbindt naar skeletspieren.
Het 2e motorneuron ligt in de voorhooorn van het ruggenmerg, per motorneuronpool geordend.

Motor neuron pool; alle alfa motorneuronen die samen alle spiervezels van 1 spier aansturen. 1 alfa
neuron kan nooit in meerdere spieren vezels aansturen. 1 spiervezel is verbonden met max 1 axon.

,Somatotopie: een kaart van het lichaam, waarbij de dingen logisch geordend zijn. Motorneuronpools
van verschillende motorneuronpools liggen geordend bij elkaar.

Ruggenmerg:
- Mediale motorkolom: aansturing houdingsmotoriek
- Laterale motorkolom: aansturing spieren ledematen
Hersenstam:
- Somatomotorkolom: oogbewegingen, tong en m.trapezius en m.sternocleidomastoideus.
- Branchiomotorkolom: gezichtsspieren, slikken, kauwen.

Spiervezels door 1 AP (duurt 5 ms), maar een twitch 25-200 ms. Het volgende AP kan dus al ontstaan
voordat de twitch over is. De mate van verkorting van de spier bepaal je daardoor door de frequentie
van AP die je naar de spiervezels stuurt. Bij een hoge frequentie ontstaat er tenanisering: maximale
contractie van de spier.




Motorunit: de groep spiervezels die aangestuurd worden door hetzelfde motorneuron. Hoe kleiner
de motorunits waaruit een motorneuronpool bestaat, des te preziecer de controle van de spier.

Relatie tussen motorneuron en cellichaam/spiervezels/exciteerbaarheid
In neuronen moeten de ionkanalen continue aangemaakt worden. Dit wordt aangemaakt in het
cellichaam. Hoe groter het axon, des te meer ionkanalen nodig zijn en hoe groter het cellichaam dus
moet zijn. De hoeveelheid membraan dat onderhouden moet worden door het cellichaam is
afhankelijk van:
- Hoeveelheid vertakkingen
- Lengte van het axon
- De dikte van het axon
Hoe groter de motorunit die het neuron aanstuurt, des te meer vertakkingen en dus moet er meer
membraan onderhouden worden en dus is er een groter cellichaam.

Hoe groter het neuron, des te meer energie is er nodig om het neuron te activeren. Een groter
neuron zorgt dus voor een lagere exciteerbaarheid.

Klein motorneuron stuurt kleine motorunits aan, met kleine, langzame spiervezels. Deze zijn fatigue-
resistant, doordat ze aeroob zijn. Je kunt ze lang aanspannen.
Grote motorneuronen sturen grote, snelle spiervezels aan, maar deze raken snel uitgeput. Ze
reageren snel en krachtig, maar je kunt ze maar voor korte tijd aanspannen.

, Motorneuronen worden altijd aangezet van klein naar groot: eerst beetje energie. Dan worden
alleen de langzame, trage spiervezels geactiveerd. Voor het exciteren van de grote, snelle spiervezels
is namelijk meer energie nodig (meer actiepotentialen). Je kracht gaat dus ook steeds meer kracht
leveren.
 Size principle of motor neuron recruitment (van Henneman)

Myotatische relex: met een reksensor en feedback houd je steeds dezelfde lengte van de spier aan.
Inverse myotatische reflex: deze sensor zit in de pees. Is een ongevoelige reflex en worden niet snel
geactiveerd. Als ze geactiveerd worden oefen je veel kracht uit op de pees. Beschermt tegen te veel
kracht. Zorgt dan voor ontspanning van de spier.
Nociceptive reflex: pijnreflex. Flexie van ene extremiteit en extensie van andere extremiteit.

Centrale patroon generator: repetitieve motoriek die gestuurd wordt vanuit het ruggenmerg. De
beweging ligt daar vastgelegd. Deze sturing gaat via interneuronen, die aangestuurd worden door de
cortico-bulbospinale axonen. 97% van deze axonen eindigen op deze interneuronen. Grootste deel
van de interneuronen zijn inhiberend.
Er is maar een heel klein percentage
dat direct contact maakt met de 2 e
motorneuronen. Deze ontspringen aan
de pyramide reuzencellen van Betz.
Deze hebben de dikste axonen in het
ruggenmerg. Ze zijn zo dik, zodat ze
snel zijn. Zo kunnen de cellen zo snel
reageren, dat je reflexen kunt
omzeilen.

Somatotopische organisatie van de
motorcortex 

Document information

Study
Uploaded on
June 30, 2020
Number of pages
29
Written in
2019/2020
Type
Class notes
Professor(s)
Unknown
Contains
Neuro 1, neuro 2, neuro 3
$4.04

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
f3005
3.5
(35)
Sold
164
Followers
148
Items
41
Last sold
1 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions