Artikel: ‘Rethinking Giftedness and Gifted Education: A proposed Direction Forward Based
on Psychological Science’ – Subotnik, Olszewski-Kubilius, Worrell (2011)
Introductie
Al bijna een eeuw lang proberen geleerden hoogbegaafdheid te begrijpen, meten en te
verklaren. Sommige suggereren dat hoogbegaafdheid een verkeerde term is maar dat het,
het resultaat is van eindeloos oefenen of een sociaal voordeel.
In het onderzoeken naar de huidige kennis over hoogbegaafdheid en het onderwijs ervaren
brengt het een aantal argumenten met zich mee:
- Individuele vaardigheden zijn kneedbaar, moeten opzettelijk worden bewerkt, zijn
belangrijk, vooral bijzondere capaciteiten in specifieke talentdomeinen.
Verschillende talentdomeinen hebben verschillende ontwikkelingsroutes, variërend
over wanneer zij starten, pieken en het einde. Kansen die worden aangeboden door
de samenleving zijn cruciaal op elk punt van het proces. Dus de maatschappij heeft
een verantwoording om deze kansen te bevorderen, maar er wordt beweerd dat
individuen met talent ook enige verantwoordelijkheid hebben voor hun eigen groei
en ontwikkeling. Psychosociale variabelen zijn ook bepalen voor invloeden in de
succesvolle ontwikkeling van talent.
Sinds de publicatie van Lewis Terman in 1921 over hoogbegaafdheid, kwamen er andere
opvattingen over hoogbegaafdheid bij. Deze opvattingen kunnen worden gecategoriseerd in
verschillende brede perspectieven.
Historisch gezien is de eerste aandacht voor hoogbegaafdheid en het onderwijs gericht op
hoge intellectuele vermogens. Vanuit dit perspectief wordt hoogbegaafdheid gezien als een
algemene, aangeboren kwaliteit van een individu dat moet worden herkend en onthuld door
een of andere vorm van cognitieve beoordeling. Begaafdemensen zouden begaafd blijven
over hun hele leven, of ze nou wel of niet echt presteren. Verder wordt gesteld dat ze goede
redeneer vaardigheden hebben, die hen in staat stellen om succesvol te zijn in alle
academische domeinen en ook blijven door hun hele leven.
In tegenstelling tot dit standpunt beweren velen dat een uitstekende academische prestatie
meer vereist dan alleen intellectueel vermogen.
Een tweede conceptie van hoogbegaafdheid is klinisch van aard, geassocieerd met de zorg
voor kinderen met een hoog IQ met een emotionele kwetsbaarheid als gevolg van
aangeboren gevoeligheid. Omdat hun kwetsbaarheid wordt gezien als horend bij de
begaafdheid, wordt gedacht dat begaafde kinderen speciale programmering nodig hebben
en dan eigenlijk voortdurend socio-emotionele ondersteuning en begrip.
In 1977, stelde Renzullie een derde conceptie van begaafdheid en begaafd onderwijs. Hij
stelde dat psychologische kenmerken zoals taak persistentie, creativiteit en motivatie net zo
belangrijk zijn voor creatieve productie als intellectueel of academisch vermogen. En dat
deze kenmerken uitgezocht moesten worden en worden aangepast in schoolprogramma’s.
Renzulli was tegen enkel metingen van aangeboren intellectueel vermogen en voor het
erkennen van de bijdrage van psychosociale variabelen op de manifestatie van giftedness.
1
,Een vierde perspectief is gebaseerd op wat is geleerd van de studie van hoogbegaafden
individuen in gebieden buiten academici en verder dan de schooljaren. Ze werden hierin
opgeleid voornamelijk buiten school, met privélessen.
Een vijfde perspectief verwerpt grotendeels de rol van bekwaamheid, en wijst uitmuntende
prestaties toe aan twee omgevingsfactoren: oefenen en ongelijke toegang tot kansen
(bijvoorbeeld op het juiste moment op de juiste plek zijn). Gladwell (2008) benadrukte het
belang van 10.000 uur oefenen in de ontwikkeling van expertise. Ondersteuners van dit
perspectief pleiten ook voor het belang van speciale voordelige toevalsfactoren, zoals de
oudste zijn in een bepaalde leeftijdsgroep.
De auteurs leggen de nadruk op giftedness als een ontwikkelingsproces dat deomein-
specifiek en kneedbaar is. Hoewel het pas naar uitmuntende prestaties waarschijnlijk begint
met potentie zijn de volgende dingen nog nodig:
Hoogbegaafdheid moet worden ontwikkeld en worden volgehouden op een manier
van training en interventies in domein specifieke vaardigheden.
De verwerving van de psychologische en sociale vaardigheden die nodig zijn om
moeilijke nieuwe wegen te bewandelen
De bewuste beslissing van een individu om volledig te gaan voor een domein.
Het doel van dit ontwikkelingsproces is om potentieel talent te veranderen tijdens de jeugd
in buitengewone prestatie en innovatie in de volwassenheid.
Het probleem is dat gifted prestaties in de jeugd niet altijd leiden tot uitmuntendheid in de
volwassenheid. Het onderwijssysteem moet daarom de noodzakelijke bronnen geven voor
kinderen en volwassenen met talenten in specifieke domeinen om professionals te worden.
Dit proces van talentontwikkeling kan worden geconceptualiseerd in twee fases:
1. Talent identification
Continue gericht op de voorlopers van het domein specifieke talent en de formele en
informele processen waarbij het talent wordt herkend en geïdentificeerd.
2. Talent promotion
Hoe de persoon talent toont is geïnstrueerd, begeleid en aangemoedigd: een proces
dat vaak aan toeval wordt overgelaten dan strategisch en doelgerichte
maatschappelijke inspanning. Dit proces omvat ook het herkennen van die domeinen
van talent met verschillende ontwikkelingsfases en de overgangen van de ene fase
naar de andere fase, worden beïnvloed door inspanning, kans en instructie in inhoud,
technische en psychosociale vaardigheden.
Defining Giftedness
Hoogbegaafdheid is vaak gelijkgesteld met IQ, wat in veel onderwijsprogramma’s de basis is
voor het classificeren van individuen als hoogbegaafd. Maar het probleem is nog lang niet
opgelost. De moeilijkheid ligt niet in het tekort van definities maar er zijn er juist te veel.
Hoogbegaafdheid toont zich niet hetzelfde bij kinderen als bij volwassenen.
Ook is het belangrijk om onderscheid te maken tussen diegene wiens talent wordt geuit op
een manier van a) creatieve prestatie, zoals atleten, musici, acteurs enz of b) creatieve
producenten, zoals toneelschrijvers, choreografen, historici, biologen enz.
Er wordt een definitie gesteld van hoogbegaafdheid die alles omvat:
2
, Hoogbegaafdheid is de openbaring van prestaties of productie die duidelijk aan het einde
van de verdeling in het talent domein staat, zelfs ten opzichte van die van andere hoog
functionerende individuen in dat domein. Verder kan hoogbegaafdheid gezien worden als
een ontwikkeling, omdat in de eerste fasen potentie de belangrijkste variabele is; in latere
fasen is prestatie de maatstaf van hoogbegaafdheid; en in volledig ontwikkelde talenten is
het aanzien/uitmuntendheid de basis. Psychosociale variabelen spelen een belangrijke rol in
hoogbegaafdheid op elke ontwikkelingsfase. Beiden cognitieve en psychosociale variabelen
zijn kneedbaar en moeten opzettelijk worden veranderd.
Ons doel hier is om een definitie te bieden die overal bruikbaar is in alle domeinen en alle
perspectieven erkent over hoogbegaafdheid.
Hoogbegaafdheid a) weerspiegelt de waarden van de samenleving, b) komt meestal tot
uiting in werkelijke uitkomsten, vooral in volwassenheid, c) is domein specifiek, d) is het
resultaat van het samenvloeien van biologische, pedagogische, psychologische en
psychosociale factoren, en e) is relatief niet alleen voor het gewone maar voor de
buitengewone.
Er zijn verschillende punten die worden benadrukt:
Ten eerste is bekwaamheid nodig voor hoogbegaafdheid, maar niet per se voor de
ontwikkeling van speciaal talent
Interesse en toewijding aan een domein is essentieel om begaafde uitvoerder te
worden en uiteindelijk aanzien te krijgen.
Begaafde prestatie en aanzien hangen af van passend onderwijs of coaching van
psychosociale vaardigheden, waaronder persistentie en inspanning. Dus de
ontwikkeling van talent vereist wat investering van tijd.
In elk domein is het percentage van volwassenen met aanzien, aanzienlijk lager dan
het percentage kinderen met hoogbegaafd potentieel.
Ontwikkelingsperiodes waarin potentieel en aanzien worden herkend verschillen van
domein tot domein.
De overgangen over verschillende fases (vooral overgangen door latere fases in de
volwassenheid) komen grotendeels door de ontwikkelde psychosociale
vaardigheden.
De opkomst van nieuwe domeinen creëert extra kansen voor openbaring en
ontwikkeling van talent en aanzien.
Educating gifted students
Is hoogbegaafd onderwijs alleen effectief lesgeven of betreft het ook strategieën die alleen
werken voor hoogbegaafde leerlingen. Verschillende onderzoekers hebben geconcludeerd
dat sommige strategieën in begaafd onderwijs nuttig zijn voor alle kinderen, maar sommige
ook weer niet. Zulke strategieën bevatten onderzoek, interdisciplinaire verkenningen en
probleemgestuurd leren.
Twee benaderingen; enrichment en acceleration zijn de meest gebruikte strategieën die zijn
ontwikkeld in begaafd onderwijs. Die hieronder verder worden besproken.
Enrichment
Een term die wordt gebruikt om opties te omschrijven die het reguliere onderwijs uitbreiden
en onderwerpen bevat die meestal niet worden behandeld. Bijvoorbeeld zomerprogramma’s
3