Zijn kinderrechten een modegril?
Kinderrechten verdrag meerderjarig – Veerle de Roover en Sven Rooms
De rechten van het kind
Kinderen doorheen de geschiedenis
Kinderen zijn er altijd al geweest. De houding van de maatschappij tegenover kinderen is in de loop
van de jaren veranderd. Een terugblik op de geschiedenis laat zien dat de rechten van het kind een
relatief nieuw begrip is.
Tot het einde van de middeleeuwen werd de houding tegenover kinderen gekenmerkt door
een hoge graad van onverschilligheid. Kinderen werden nog niet als een afzonderlijke sociale
categorie beschouwd. Dit kwam omdat kindersterfte erg hoog was en er pas na de eerste jaren een
hechtere band ontstond. Daarvoor was het risico om emotioneel te hechten te groot. Pas ten tijde
van de verlichting werden kinderen ontdekt. Kinderen werden voor het eerst als afzonderlijke
sociale categorie gezien, als ‘nog niet volwassenen’ die opgeleid moesten worden om in de toekomst
volwaardige volwassenen te worden. De twintigste eeuw wordt gezien als de eeuw van het kind,
want kinderen werden dragers van rechten. Kinderen moeten de kans krijgen om via een
betekenisvolle participatie hun stem te laten horen in de zaken die hen aanbelangen.
Op weg naar het Internationaal verdrag; inzake de rechten van het kind (IVRK)
De veranderde beeldvorming tegenover kinderen in de loop van de twintigste eeuw bereidde een
weg voor om een echt kinderrechtverdrag op te stellen. Gebeurtenissen gaven aanleiding hieraan.
Een van de gebeurtenissen was de 1e wereldoorlog waar miljoenen kinderen slachtoffer van
werden. Het besef groeide dat kinderen nood hadden aan extra bescherming. In 1924 werd de
verklaring van geneve opgesteld, hierin stonden de verplichtingen en verantwoordelijkheden van
volwassenen tegenover kinderen. De visie hiervan bleef echter van de ‘behoeftebenadering’. In 1934
werd deze verklaring herbevestigd door de Volkerenbond. De lidstaten beloofde de verklaring als
principes van hun grondwet te nemen.
Kort na de 2e wereldoorlog werden kinderen terug op de agenda geplaatst. Men voelde de
nood om een nieuwe verklaring op te stellen, de verklaring van de Rechten van het kind het
levenslicht – 1959. In deze verklaring werd niet alleen de primaire noden van kinderen behandeld,
maar ook het familiale leven, het recht op pre- en postnatale verzorging, verplicht en gratis
basisonderwijs etc. Er groeide het besef dat er nood was aan een verdrag in plaats van verklaring.
Een verdrag heeft namelijk een wettelijk karakter en kan dus ook juridisch afgedwongen worden.
Daarnaast waren er ook inhoudelijke bezwaren tegen de twee voorafgaande verklaringen. Zo werd
het kind nog steeds als passief wezen beschouwd en als eigendom van de volwassenen.
Het Internationaal verdrag; inzake de rechten van het kind (IVRK)
Het internationaal verdrag inzake de rechten van het kind werd in 1989 goedgekeurd. Deze bevat
een uitgebreide preambule die het interpretatiekader vormt voor de 54 artikelen die erop volgen.
De eerste 41 artikelen handelen over de substantiële rechten (burger-, politieke-, economische-,
sociale en culturele rechten) van het kind en de verplichtingen van derden tegen het kind. De laatste
13 artikelen leggen vast hoe en wanneer het verdrag in werking treedt en door wie en hoe het
toezicht op de naleving van het verdrag zal worden geregeld. Het IVRK is een verdrag en dus
juridisch bindend. Aan het IVRK werd op 25 mei 2000 twee protocollen toegevoegd: het facultatief
protocol inzake kinderen in gewapend conflict (minimumleeftijd waarbij kinderen in het leger
kunnen ingelijfd worden van 16 tot 18) en het facultatief protocol inzake de verkoop van kinderen,
Kinderrechten verdrag meerderjarig – Veerle de Roover en Sven Rooms
De rechten van het kind
Kinderen doorheen de geschiedenis
Kinderen zijn er altijd al geweest. De houding van de maatschappij tegenover kinderen is in de loop
van de jaren veranderd. Een terugblik op de geschiedenis laat zien dat de rechten van het kind een
relatief nieuw begrip is.
Tot het einde van de middeleeuwen werd de houding tegenover kinderen gekenmerkt door
een hoge graad van onverschilligheid. Kinderen werden nog niet als een afzonderlijke sociale
categorie beschouwd. Dit kwam omdat kindersterfte erg hoog was en er pas na de eerste jaren een
hechtere band ontstond. Daarvoor was het risico om emotioneel te hechten te groot. Pas ten tijde
van de verlichting werden kinderen ontdekt. Kinderen werden voor het eerst als afzonderlijke
sociale categorie gezien, als ‘nog niet volwassenen’ die opgeleid moesten worden om in de toekomst
volwaardige volwassenen te worden. De twintigste eeuw wordt gezien als de eeuw van het kind,
want kinderen werden dragers van rechten. Kinderen moeten de kans krijgen om via een
betekenisvolle participatie hun stem te laten horen in de zaken die hen aanbelangen.
Op weg naar het Internationaal verdrag; inzake de rechten van het kind (IVRK)
De veranderde beeldvorming tegenover kinderen in de loop van de twintigste eeuw bereidde een
weg voor om een echt kinderrechtverdrag op te stellen. Gebeurtenissen gaven aanleiding hieraan.
Een van de gebeurtenissen was de 1e wereldoorlog waar miljoenen kinderen slachtoffer van
werden. Het besef groeide dat kinderen nood hadden aan extra bescherming. In 1924 werd de
verklaring van geneve opgesteld, hierin stonden de verplichtingen en verantwoordelijkheden van
volwassenen tegenover kinderen. De visie hiervan bleef echter van de ‘behoeftebenadering’. In 1934
werd deze verklaring herbevestigd door de Volkerenbond. De lidstaten beloofde de verklaring als
principes van hun grondwet te nemen.
Kort na de 2e wereldoorlog werden kinderen terug op de agenda geplaatst. Men voelde de
nood om een nieuwe verklaring op te stellen, de verklaring van de Rechten van het kind het
levenslicht – 1959. In deze verklaring werd niet alleen de primaire noden van kinderen behandeld,
maar ook het familiale leven, het recht op pre- en postnatale verzorging, verplicht en gratis
basisonderwijs etc. Er groeide het besef dat er nood was aan een verdrag in plaats van verklaring.
Een verdrag heeft namelijk een wettelijk karakter en kan dus ook juridisch afgedwongen worden.
Daarnaast waren er ook inhoudelijke bezwaren tegen de twee voorafgaande verklaringen. Zo werd
het kind nog steeds als passief wezen beschouwd en als eigendom van de volwassenen.
Het Internationaal verdrag; inzake de rechten van het kind (IVRK)
Het internationaal verdrag inzake de rechten van het kind werd in 1989 goedgekeurd. Deze bevat
een uitgebreide preambule die het interpretatiekader vormt voor de 54 artikelen die erop volgen.
De eerste 41 artikelen handelen over de substantiële rechten (burger-, politieke-, economische-,
sociale en culturele rechten) van het kind en de verplichtingen van derden tegen het kind. De laatste
13 artikelen leggen vast hoe en wanneer het verdrag in werking treedt en door wie en hoe het
toezicht op de naleving van het verdrag zal worden geregeld. Het IVRK is een verdrag en dus
juridisch bindend. Aan het IVRK werd op 25 mei 2000 twee protocollen toegevoegd: het facultatief
protocol inzake kinderen in gewapend conflict (minimumleeftijd waarbij kinderen in het leger
kunnen ingelijfd worden van 16 tot 18) en het facultatief protocol inzake de verkoop van kinderen,