Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 6 out of 79 pages
Summary

Samenvatting KBA en ganganalyse

Document preview thumbnail
Preview 6 out of 79 pages

Een samenvatting van Klinische bewegingsanalyse en ganganalyse, gemaakt van de cursus van het schooljaar .

Content preview

2018-2019 Klinische
bewegingsanalyse
en ganganalyse
2Ba Revalidatiewetenschappen en
kinesitherapie




Sara Lovrovic

,Inleiding
Terminologie
Osteokinematica vs artrokinematica
• Osteokinematica = beschrijving van de bewegingsbaan van de botstukken ten opzichte van
elkaar in de ruimte
• Artrokinematica = beschrijving van de bewegingsbaan van de botstukken ten opzichte van
elkaar in de ruimte, rekening houdend met andere, in het gewricht aanwezige, structuren

Artrokinematische bewegingscomponenten
Jointplay = gewrichtsspel, tractie en translatie

• Tractie = twee gewrichtspartners worden van elkaar weg bewogen, volgens de loodlijn
gecontrueerd in het raakpunt en op het raakvlak tussen beide gewrichtspartners
• Translatie = een beweging evenwijdig aan het raakvlak tussen beide gewrichtspartners,
zonder angulatie ten opzichte van de loodlijn
o in werkelijkheid is translatie enkel mogelijk in combinatie met een zekere
tractiecomponent, om botsing van de convexe gewrichtspartner met de wanden van
de concave te voorkomen
o hou bij translatie steeds rekening met de vorm van de kromming van de concave
gewrichtspartner

Angulaire beweging = een combinatie van een rol- en glijbeweging

➔ Rolbeweging = bewegingen van de ene gewrichtspartner ten opzichte van de andere
geïmmobiliseerde gewrichtspartner waarbij er steeds nieuwe punten van het raakvlak van de
ene gewrichtspartner in contact komen met steeds nieuwe punten van de andere
gewrichtspartner.
➔ Glijbeweging = een translatiebeweging van een convexe gewrichtspartner volgens de
krommingen van de concave partner
o Hierbij zal één punt van het convexe oppervlak langs steeds nieuwe punten op het
concave oppervlak schuiven
➔ In het menselijk lichaam komen deze bewegingen steeds samen voor in de gewrichten
omdat geïsoleerde rol- of glijbewegingen ernstige gevolgen zou hebben voor onze
gewrichten
➔ Besluit:
o Convexregel
▪ Een beweging van de convexe gewrichtspartner ten opzichte van de
gefixeerde concave gewrichtspartner bestaat altijd uit een gecombineerde
rol/glijbeweging met tegengestelde bewegingsrichting
o Concaafregel
▪ Een beweging van de concave ten opzichte van de gefixeerde convexe
bestaat uit een rol/glijbeweging met dezelfde bewegingsrichting

Eindgevoel = de sensatie die de onderzoeker heeft op het einde van een passief uitgevoerde
beweging

• De aard ervan verteld iets over de structuur die de beweging doet remmen
• Heeft diagnostische waarde



Pagina 1 van 78

,Soorten angulaire bewegingen
• Spinrotatie = een roterende beweging van een gewrichtspartner rond de loodlijn op het
raakvlak en in het raakpunt van beide partners
o Het raakpunt verandert niet en ieder punt van de bewegende partner dat niet op de
rotatie-as ligt, beschrijft een cirkelvormige baan met als middelpunt een rotatie-as
• Tolbeweging = hierbij voert de rotatie-as zelf een beweging uit, zodanig dar de as een
kegelmantel beschrijft in z’n bewegingsverloop

Gewrichtstypes
Scharniergewricht

• Art. ginglymus
• 1 bewegingsvrijheidsgraad
• Vb: art. humero-ulnaris



Draaiverbinding

• Art. trochoidea
• 1 rotatievrijheidsgraad
• Vb: art. radio-ulnaris proximalis



Kogelgewricht

• Art. sphaeroidea
• 3 bewegingsvrijheidsgraden
• Functioneel kogelgewricht
o Heeft wel degelijk 3 bewegingsvrijheidsgraden, maar ziet er niet
uit als een kogelgewricht
• Vb: art. glenohumeralis, art. coxae



Ellipsoïde verbinding

• Art. ellipsoidea
• Ei-gewricht
• 1 bewegingsvrijheidsgraad
• Vb: art. radiocarpeae



Vlakke verbinding

• Art. plana
• 1 bewegingsvrijheidsgraad
• Vb: (anatomisch, niet functioneel) art. acromioclaviculare




Pagina 2 van 78

,Zadelgewricht

• Art. sellaris
• 2 bewegingsvrijheidsgraden
• Vb: art. carpometacarpaal , art. sternoclaviculare



Gewrichtsposities
• Close-packed position (CPP) = wanneer de articulerende gewrichtspartners de maximale
congruentie hebben bereikt
• Maximal close-packed position (MCPP) = wanneer de articulerende gewrichtspartners de
maximale congruentie hebben bereikt en wanneer er maximale kapsulo-ligamentaire
spanning ontstaat
o Stabiele positie die weinig energie (spieractiviteit) vereist
• Loose-packed positions (LPP)
o Ruststand = de positie van een gewricht met de grootst mogelijke gewrichtsruimte,
de gemakkelijkste positie




Pagina 3 van 78

,Hoofdstuk 1: De schouder
Inleiding
➔ Het normale eindgevoel in de schouder is het ligamentaire eindgevoel
o = stevig, elastisch
➔ Metingen van het eindgevoel zijn betrouwbaar in de schouder

Art. Humeri of art. glenohumeralis
Opbouw van het gewricht
• Meest proximale gewricht van de bovenste extremiteit
• Meest beweeglijke gewricht in het menselijk lichaam

Humerus

• Vrij lang stuk bot dat een grote krachtenarm genereerd
• Humeruskop is een convexe kogelvorm
o Is +/- 130° geïnclineerd tov de diafyse
o Is +/- 30° dorsaalwaarts gericht
o Oriënteert zich naar mediaal, dorsaal en craniaal

Cavitas glenoidalis

• Is grotendeels complementair met het caput humeri
• Oriënteert zich naar lateraal, ventraal en craniaal
• Te weinig concaaf en te klein om volledig congruent te zijn zelf met inbegrip van het labrum
glenoidalis
• De discongruentie wordt opgevangen door het gewrichtskapsel, het labrum en de
rotatorenmanchet + de lange koppen van de m. biceps brachii en m. triceps brachii



Bewegingen in functie van de oriëntatie van de gewrichtsvlakken
• Anteflexie en retroflexie
o zijn zuivere rotatiebewegingen van de humerus tov de scapula, waarbij de loodlijn in
het raakvlak van de facies articularis scapulae als rotatie-as dienst doet
o Ze wijken enigszins af van het sagittaal coördinatenstelsel
• Anteflexie in het sagittaal vlak heeft een anteflexiecomponent (grootste), een
abductiecomponent en een exorotatiecomponent
o Abductiecomponent = een rolbeweging van de humeruskop naar craniaal in
combinatie met een glijbeweging naar caudaal
▪ Wanneer de arm ontspannen afhangt is verdere adductie uiteraard
onmogelijk, hierdoor zal adductie steeds gepaard gaan met een anteflexie of
een retroflexie
o Exorotatiecomponent = rolbeweging naar dorsaal, glijbeweging naar ventraal
▪ Endorotatiebeweging is het omgekeerde




Pagina 4 van 78

, De biomechanische factoren verantwoordelijk voor de stabiliteit
De gewrichtsvlakken

• Verhoudingen van de articulerende gewrichtsoppervlakken
• Te grote afwijkingen van de normale waarden heeft een kleiner articulerend
gewrichtsoppervlak tot gevolg en instabiliteit is het logische gevolg
• De oriëntatie van de gewrichtsvlakken kan ook teveel afwijken en ook predisponerende
factoren zijn voor instabiliteit
• CPP = maximale abductie + exorotatie
• Rustpositie = 60° abductie + 60° anteflexie



Labrum

• Het ontbreken of beschadiging van het labrum is zeer nadelig voor de stabiliteit
• Zijn functie is niet enkel het vergrote van het oppervlak en concaviteit, maar ook de
insertieplaats van de rotatorcuffspieren
• Bankart laesie = scheur ter hoogte van het anterieure deel van het labrum
o 88% is antero-inferieur gelokaliseerd
• Hill-Sachs laesie = een schouderluxatie in combinatie met impactiefractuur van de
humeruskop aan de posterieure zijde
o Een Bankart laesie gaat hier meestal mee gepaard
o Dit impliceert een verminderde congruentie waardoor de humeruskop bij een
exorotatiebeweging makkelijker kan luxeren, met een Bankart laesie tot gevolg
• Bennett laesie = een posteroinferieure scheur van het labrum met posterieure instabiliteit



Gewrichtskapsel

• Dun, met een aantal intra-kapsulaire verstevigingen
o Lig. glenohumerale superius, medium en inferius
• Het lig. glenohumerale medium kan ontbreken wat de kans op anterieure (sub)luxatie
vergroot
• De ventrale aanhechting van het kapsel is ook variabel
o Bij 77% van de mensen is het direct op het labrum gehecht
o Indien de insertie meer in de richting van de processus coracoideus gesitueerd is,
vergroot de kans op instabiliteit
• Algemeen kan gesteld worden dat het kapsel geen dominante rol speelt bij het behoud van
stabiliteit
o Hierdoor zijn er versterkingen aan de anterieure zijde:
▪ Ligg. glenohumerale superius, medium en inferius + insertiepees van m.
subscapularis
o En aan de posterieure zijde:
▪ Pezen van de m. teres minor en m. infraspinatus




Pagina 5 van 78

Document information

Study
Uploaded on
July 23, 2019
Number of pages
79
Written in
2018/2019
Type
Summary
$4.17
Purchased by 15 students

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
saralovrovic
4.0
(8)
Sold
46
Followers
42
Items
10
Last sold
1 year ago

Reviews from verified buyers




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions