Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 49 pages
Summary

Samenvatting Boekhouden 1ste jaar-1ste sem

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 49 pages

Samenvatting van Boekhouden, geschreven door prof Danny De Meyer binnen de opleiding: Educatieve bachelor secundair onderwijs (1ste jaar ). Deze samenvatting geeft antwoorden op: Wat is het nut van een boekhouding? Welke boekhoudkundige principes zijn er? Hoe gaan we te werk met een aankoopfactuur + btw? Hoe zit dat met een verkoopfactuur? Geeft definities van volgende begrippen: journaal, salderen, vlottende activa, vaste activa, proef- en saldibalans, rekeningen, handelsdebiteuren, niet-recurrent en recurrent, ... Tenslotte staat de samenvatting vol oefeningen met steeds tussenstappen en conclusies! Pak jouw kans om een 16/20 te halen!

Content preview

Boekhouden samenvatting

1 Inleiding
Definitie van boekhouden
= het geordend optekenen van de dagelijkse verrichtingen in een onderneming, uitgedrukt in
geldbedragen
 Eis van de overheid, dat een ondernemer een methode van boekhouding gebruikt

1.1 Nut
Voor wie is een boekhouding noodzakelijk of interessant?
 De ondernemer(s) zelf: kan niet alles onthouden
o Bv. klanten die moeten betalen, leveranciers waaraan je zelf moet betalen,
personeelskosten, ...
 De overheid: controle door belastingdiensten, RSZ, btw
 Anderen: bankiers, leveranciers, kandidaat ondernemers

Stakeholder
= belanghebbende van een onderneming
 Persoon of organisatie die invloed ondervindt of zelf invloed kan uitoefenen op die
onderneming
 Bv. vakbonden, omwonenden, leveranciers, milieuorganisaties, banken, klanten

Shareholder
= eigenaars of aandeelhouders van een onderneming

1.2 Principes
Enkele boekhoudkundige principes:
1) Voorzichtigheid
a. Als we vermoeden dat een klant niet kan betalen, of we verwachten een boete, dan
boeken we dat als kost
2) Volledigheid
a. Alle verrichtingen van een onderneming moeten geregistreerd worden
3) Periodiciteit
a. Jaarrekening moet minstens éénmaal per jaar worden neergelegd
b. Tussentijdse rapportering kan ook verplicht zijn (bij beursgenoteerde bedrijven)
c. Kosten en opbrengsten in het correcte boekhoudkundig jaar
4) Continuïteit
a. Boekhouding wordt gevoerd vanuit het standpunt dat de onderneming blijft bestaan
5) Consistentie (= niet-tegenstrijdigheid)
a. De cijfers moeten van jaar tot jaar vergelijkbaar zijn
b. Gebruik steeds bv. dezelfde waarderingsregels, dezelfde rekeningnummers, ...

1.3 Vereenvoudigde versus dubbele boekhouding
Niet alle ondernemingen zijn aan hetzelfde boekhoudkundige stelsel onderworpen

Als onderneming moet je een boekhouding voeren: een vereenvoudige of een dubbele boekhouding

,2 Vereenvoudigd boekhouden
= tegemoetkoming voor kleine ondernemers -> je houdt alle inkomsten en uitgaven bij, niets meer en
niets minder

Aankoopdagboek – inkoopdagboek
- Alle facturen en rekeningen worden doorlopend genummerd en chronologisch ingeschreven
- Boeken van inkomende stukken
- Ook inkomende creditnota’s worden hierin genoteerd
- Sommige inkomsten moeten worden gesplitst in een privé en een beroepsgedeelte bv.
rekening van telefoon

Verkoopdagboek
- Boeken voor alle uitgaande stukken
- Facturen die je maakt voor geleverde producten/diensten en uitgaven aan creditnota’s

Soms geen facturen uitschrijven omdat je cash geld ontvangt voor je verkoop aan klanten bv. bakker
 Dag ontvangstenboek bijhouden

Financieel dagboek
- Alle betalingen en ontvangsten
- Meestal opgesplitst in een bank- en kasboek

Inventaris
= jaarlijks moet je een inventaris opmaken van al je schulden en bezittingen en deze in een speciaal
register inschrijven

Klantenkaart en leverancierskaart
- Niet verplicht
- Inschrijvingen in de boeken moeten chronologisch gebeuren
o Mogen niet gegroepeerd worden per klant of leverancier
- Nadeel: Dat maakt het opzoeken van de schulden of vorderingen onmogelijk
o Wat doet handelaar in de plaats? Per klant en leverancier maakt een afzonderlijke
kaart/schema waaruit elke vordering of schuld kan worden afgelezen

Oefening:

Waar kan de ondernemer van een eenmanszaak het volgende terugvinden in haar vereenvoudigde
boekhouding?

- de vordering op de nv Peeters
o klantenkaart
- de bankbiljetten en de pasmunt in de kassa’s
o kasboek
- de elementen die nodig zijn om de winst te berekenen
o verkoop- + aankoopboek (eventueel bankboek voor interesten)
- de schuld aan de bv Tanger
o leverancierskaart
- de globale waarde van haar eenmanszaak
o inventaris
- de stand van haar zichtrekening
o bankboek

,Welke boeken/kaarten ga je invullen bij volgende verrichtingen?

- aankoop bij leverancier 1, betaling op termijn
o aankoopboek + leverancierskaart 1
- verkoop aan klant 1, betaling op termijn
o verkoopboek + klantenkaart 1
- betaling via bank aan leverancier 1
o leverancierskaart 1 + bankboek
- verkoop aan klant 2, betaling op termijn
o verkoopboek + klantenkaart 2
- betaling cash door klant 1
o klantenkaart 1 + kasboek
- aankoop bij leverancier 2, contant met betaalkaart
o aankoopboek + leverancierskaart 2 + bankboek
- aankoop bij leverancier 3, betaling op termijn
o aankoopboek + leverancierskaart 3
- creditnota aan klant 2, betaling op termijn
o verkoopboek + klantenkaart 2
- verkoop aan klant 3, betaling contant/cash
o verkoopboek + klantenkaart 3 + kasboek
- creditnota van leverancier 3, betaling op termijn
o aankoopboek + leverancierskaart 3
- betaling via bank klant 2
o klantenkaart 2 + bankboek
- betaling via post leverancier 3
o leverancierskaart 3 + bankboek

Oefening eenmanszaak Siti

Goudenregel:
1) Betaalde btw op aankopen wordt teruggevorderd van de staat
Btw bedraagt 21% + bv betaalt 121 euro -> het kost haar 100 euro en krijgt 21 euro terug
2) Ontvangen btw op verkopen is verschuldigd aan de staat
Btw bedraagt 21% -> bv krijgt 121 euro -> brengt 100 euro op en geeft 21 euro af

02-02 AF1: aankoop van een bureau voor € 1 000 + 21% btw bij leverancier IKEA. Betaling via
Bancontact




Bedrijfsmiddelen want het is een
investeringsgoed
 Dient niet voor verkoop dus het
zijn geen handelsgoederen

Btw vorderen we terug
 Want het is een aankoop
 Kost is 1 000 euro
 210 euro krijgen we terug
(van de 1 210)

, 03-02 BA1: betaling AF Ikea is van de rekening



Bankafschrift: in het
financieel dagboek vullen
we de uitgaven aan

Gevolg? Nieuw saldo




Handelsgoederen
 Dient voor verkoop

Btw betalen aan de staat
 Want het is een verkoop
 Ontvangst is 100 euro
 6 euro geven we af (van de 106)


03-03 VF1: verkoop van frisdrank voor € 100,00 + 6% btw aan café Noord. Betaling binnen 30d

05-03 UCN 1: deel van frisdrank van VF 1 is fout geleverd, versturen creditnota € 20,00 + 6% btw




Negatieve factuur = creditnota

20 euro hebben ze te veel betaald dus
krijgen ze terug

 Btw wordt opnieuw berekend
 i.p.v. 20 euro terug krijgen ze iets

meer terug, namelijk 21,20 euro

Document information

Study
Uploaded on
January 12, 2024
Number of pages
49
Written in
2023/2024
Type
Summary
$8.40

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
1
Followers
1
Items
5
Last sold
2 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions