11.2 Wat is een woord
Klankvorm: bevat minimaal een (vocaal) klinker (Aa Ee)
Syntaxis: kan op verschillende plaatsen in de zin staan of combinaties met andere woorden
aangaan.
Betekenis: (inhouds)woorden hebben een duidelijk te omschrijven betekenis
clitisch: woorden die fonologisch gezien 1 woord kunnen vormen met het woord dat ervoor
of erachter staan. Maar dat lexicaal geen 1 woord is.
11.3 De relatie tussen woordvorm en betekenis
een arbitrair woord moet conventioneel zijn. Een gemeenschap moet gezamenlijk kiezen om
het woord te gebruiken (en er moet geen beter/ ‘makkelijker’ woord zijn)
onomatopeeën: woorden waarvan het woord ook de klank is
iconische gebaren: gebaren waarvan het gebaar visueel hetzelfde als het woord is
11.4 Inhouds- en functiewoorden
open uitbreidbare klassen: inhoudswoorden iedereen kan proberen om nieuwe
inhoudswoorden aan de bestaande toe te voegen (indien andere taalgebruikers deze ook
gebruiken)
gesloten niet-uitbreidbare klassen: grammaticale woorden de regels staan vast
11.5 Het lexicon
lexicon: de verzameling woorden van een taal
Het woordenboek is een poging om eigenschappen zo goed mogelijk vast te stellen
lemma: trefwoorden in het woordenboek
lexicografie: het vak waarin men zich bezighoudt met het maken van woordenboeken
11.6 Soorten lexicale informatie
ontlijken (overg.; ontlijkte, h.ontlijkt), (zeilv.) (m.betr.t. een zeil) ontdoen van lijken
ontlijken = woord
overg, = overgankelijk verbum (predikaat met 2 argumenten)
ontlijkte, h.ontlijkt) = grammaticale vormen
(zeilv.) = is een bepaalde jargon (zeilvaarders)
(m.betr.t. een zeil) ontdoen van lijken = betekenis
ook kan erachter staan waar het woord vandaan komt met bijv. nd. voor nederduits
11.7 Woordenboeken
1. Eentalig woordenboek: woordenboek over één taal, waarin de betekenis van
woorden opgezocht kan worden.
2. Tweetalig woordenboek: woordenboek dat van elk woord een equivalent in een
andere taal geeft.
3. Etymologisch woordenboek: woordenboek dat de oorsprong en geschiedenis van
woorden geeft.
Klankvorm: bevat minimaal een (vocaal) klinker (Aa Ee)
Syntaxis: kan op verschillende plaatsen in de zin staan of combinaties met andere woorden
aangaan.
Betekenis: (inhouds)woorden hebben een duidelijk te omschrijven betekenis
clitisch: woorden die fonologisch gezien 1 woord kunnen vormen met het woord dat ervoor
of erachter staan. Maar dat lexicaal geen 1 woord is.
11.3 De relatie tussen woordvorm en betekenis
een arbitrair woord moet conventioneel zijn. Een gemeenschap moet gezamenlijk kiezen om
het woord te gebruiken (en er moet geen beter/ ‘makkelijker’ woord zijn)
onomatopeeën: woorden waarvan het woord ook de klank is
iconische gebaren: gebaren waarvan het gebaar visueel hetzelfde als het woord is
11.4 Inhouds- en functiewoorden
open uitbreidbare klassen: inhoudswoorden iedereen kan proberen om nieuwe
inhoudswoorden aan de bestaande toe te voegen (indien andere taalgebruikers deze ook
gebruiken)
gesloten niet-uitbreidbare klassen: grammaticale woorden de regels staan vast
11.5 Het lexicon
lexicon: de verzameling woorden van een taal
Het woordenboek is een poging om eigenschappen zo goed mogelijk vast te stellen
lemma: trefwoorden in het woordenboek
lexicografie: het vak waarin men zich bezighoudt met het maken van woordenboeken
11.6 Soorten lexicale informatie
ontlijken (overg.; ontlijkte, h.ontlijkt), (zeilv.) (m.betr.t. een zeil) ontdoen van lijken
ontlijken = woord
overg, = overgankelijk verbum (predikaat met 2 argumenten)
ontlijkte, h.ontlijkt) = grammaticale vormen
(zeilv.) = is een bepaalde jargon (zeilvaarders)
(m.betr.t. een zeil) ontdoen van lijken = betekenis
ook kan erachter staan waar het woord vandaan komt met bijv. nd. voor nederduits
11.7 Woordenboeken
1. Eentalig woordenboek: woordenboek over één taal, waarin de betekenis van
woorden opgezocht kan worden.
2. Tweetalig woordenboek: woordenboek dat van elk woord een equivalent in een
andere taal geeft.
3. Etymologisch woordenboek: woordenboek dat de oorsprong en geschiedenis van
woorden geeft.