Inversietrauma
Het acute enkelletsel is een van de meest voorkomende letsels van het steun- en
bewegingsapparaat. Per jaar worden ongeveer 450.000 enkel verstuikingen vastgesteld. ongeveer de
helft van de letsels ontstaat tijdens het sporten. Twee derde van de patiënten behoort tot de
leeftijdscategorie 15-30 jaar.
De stabiliteit van de enkel wordt verzorgd door de mediale en laterale collaterale ligamenten en de
syndesmose. De mediale ligamentcomplexen bestaan uit breed uitgewaaierde, sterke verbindingen.
Samen vormen deze het lig. deltoideum. De laterale collaterale banden bestaan uit een complex van
verbindingen tussen de fibula enerzijds en de talus en calcaneus anderzijds. Het derde
ligamentcomplex is de syndesmose, bestaande uit sterke verbindingen aan de voor- en achterzijde
tussen tibia en fibula.
Het inversietrauma is het meest voorkomende letsel van het bewegingsapparaat. Afhankelijk van het
inwerkende trauma en de positie van de voet ontstaat een letsel van één of meer ligamenten. Bij een
inversietrauma scheurt het lig. talofibulare anterius als eerste. Bij een nog grotere krachtinwerking
kunnen ook het lig. calcaneofibulare en/of het lig. talofibulare posterius scheuren. Daarnaast kan een
enkelbandletsel gepaard gaan met een fractuur van één, twee of drie malleoli, of met een diastase
van het distale tibiofibulaire gewricht: de syndesmose.
De terminologie die betrekking heeft op het acute enkelbandletsel wordt nogal eens onzorgvuldig
gebruikt. Voor een goede begripsbepaling hieronder de juiste termen:
- Inversietrauma: is een enkelverzwikking, die kan leiden tot een enkelbanddistorsie, een
laterale enkelbandruptuur of een enkelfractuur
- Enkelbanddistorsie: is een acuut enkelletsel waarbij het laterale kapselbandapparaat intact
is. Er is hooguit sprake van enige oprekking
- Enkelbandruptuur: is het laterale kapselbandapparaat gescheurd
- Enkelvoudige bandruptuur: is slechts één van de drie laterale enkelbanden gescheurd.
Vrijwel altijd betreft dit het lig. talofibulaire anterius
- Meervoudig bandruptuur: zijn twee of drie laterale enkelbanden gescheurd
Onderzoek:
Bij het onderzoek is het voornamelijk van belang te differentiëren tussen een distorsie en een
ruptuur. Het onderscheid tussen enkelvoudige en meervoudige bandrupturen heeft geen klinische
consequenties.
Het eerste onderzoek bij acuut enkelletsel is lichamelijk onderzoek. Binnen 48 uur na het trauma is
dit echter weinig betrouwbaar. De mate van zwelling is sterk wisselend, terwijl hematoomvorming in
de eerste fase nog niet zichtbaar is. Pijn is meestal diffuus aanwezig en moeilijk interpreteerbaar. Een
uitgesteld, of herhaald lichamelijk onderzoek, vier tot zeven dagen na het trauma, is veel
betrouwbaarder.
Bij het lichamelijk onderzoek wordt de schuiflade test en de ottawa ankle rules uitgevoerd.
Ottawa ankle rules:
- Palpatie: onderste 6 cm van de achterzijde van de mediale en laterale malleolus
- Palpatie: basis van metatarsale V
- Palpatie os naviculare
- Palpatie lig. talofibulare anterius
- Aantal stappen die gelopen kunnen worden zonder ondersteuning (<4 stappen)
Wanneer één van de punten positief is, is radiologisch onderzoek geïndiceerd. Hierbij kan besloten
worden om als aanvullend onderzoek een x-foto te maken.
Het acute enkelletsel is een van de meest voorkomende letsels van het steun- en
bewegingsapparaat. Per jaar worden ongeveer 450.000 enkel verstuikingen vastgesteld. ongeveer de
helft van de letsels ontstaat tijdens het sporten. Twee derde van de patiënten behoort tot de
leeftijdscategorie 15-30 jaar.
De stabiliteit van de enkel wordt verzorgd door de mediale en laterale collaterale ligamenten en de
syndesmose. De mediale ligamentcomplexen bestaan uit breed uitgewaaierde, sterke verbindingen.
Samen vormen deze het lig. deltoideum. De laterale collaterale banden bestaan uit een complex van
verbindingen tussen de fibula enerzijds en de talus en calcaneus anderzijds. Het derde
ligamentcomplex is de syndesmose, bestaande uit sterke verbindingen aan de voor- en achterzijde
tussen tibia en fibula.
Het inversietrauma is het meest voorkomende letsel van het bewegingsapparaat. Afhankelijk van het
inwerkende trauma en de positie van de voet ontstaat een letsel van één of meer ligamenten. Bij een
inversietrauma scheurt het lig. talofibulare anterius als eerste. Bij een nog grotere krachtinwerking
kunnen ook het lig. calcaneofibulare en/of het lig. talofibulare posterius scheuren. Daarnaast kan een
enkelbandletsel gepaard gaan met een fractuur van één, twee of drie malleoli, of met een diastase
van het distale tibiofibulaire gewricht: de syndesmose.
De terminologie die betrekking heeft op het acute enkelbandletsel wordt nogal eens onzorgvuldig
gebruikt. Voor een goede begripsbepaling hieronder de juiste termen:
- Inversietrauma: is een enkelverzwikking, die kan leiden tot een enkelbanddistorsie, een
laterale enkelbandruptuur of een enkelfractuur
- Enkelbanddistorsie: is een acuut enkelletsel waarbij het laterale kapselbandapparaat intact
is. Er is hooguit sprake van enige oprekking
- Enkelbandruptuur: is het laterale kapselbandapparaat gescheurd
- Enkelvoudige bandruptuur: is slechts één van de drie laterale enkelbanden gescheurd.
Vrijwel altijd betreft dit het lig. talofibulaire anterius
- Meervoudig bandruptuur: zijn twee of drie laterale enkelbanden gescheurd
Onderzoek:
Bij het onderzoek is het voornamelijk van belang te differentiëren tussen een distorsie en een
ruptuur. Het onderscheid tussen enkelvoudige en meervoudige bandrupturen heeft geen klinische
consequenties.
Het eerste onderzoek bij acuut enkelletsel is lichamelijk onderzoek. Binnen 48 uur na het trauma is
dit echter weinig betrouwbaar. De mate van zwelling is sterk wisselend, terwijl hematoomvorming in
de eerste fase nog niet zichtbaar is. Pijn is meestal diffuus aanwezig en moeilijk interpreteerbaar. Een
uitgesteld, of herhaald lichamelijk onderzoek, vier tot zeven dagen na het trauma, is veel
betrouwbaarder.
Bij het lichamelijk onderzoek wordt de schuiflade test en de ottawa ankle rules uitgevoerd.
Ottawa ankle rules:
- Palpatie: onderste 6 cm van de achterzijde van de mediale en laterale malleolus
- Palpatie: basis van metatarsale V
- Palpatie os naviculare
- Palpatie lig. talofibulare anterius
- Aantal stappen die gelopen kunnen worden zonder ondersteuning (<4 stappen)
Wanneer één van de punten positief is, is radiologisch onderzoek geïndiceerd. Hierbij kan besloten
worden om als aanvullend onderzoek een x-foto te maken.