De Wijnpers 2019-2020
1
,Naamgeving van organismen
Als je dieren gaat verzorgen, moet je weten waar je het over hebt!
Daarom is kennis van het dierenrijk noodzakelijk. Daarbij is een
systematische indeling belangrijk. Een goede systematiek rangschikt de
dieren in groepen, volgens steeds meer overeenkomsten.
Hier zie bijvoorbeeld een eenvoudige indeling voor blokjes die op
ongeveer dezelfde manier werkt.
Systematiek
Dit betekent:________________________________________________
___________________________________________________________
___________________________________________________________
___________________________________________________________
Door de eeuwen heen hebben wetenschappers regels gemaakt voor het
groeperen van organismen. Deze indeling is wereldwijd aanvaard
waardoor communicatie met elkaar gemakkelijker werd. Iedereen
gebruikt immers dezelfde wetenschappelijke naam.
Om de grote verscheidenheid in organismen te overzien heeft de mens
organismen in groepen verdeeld.
Hierbij is gekeken naar overeenkomsten in:
morfologie = __________________
anatomie = __________________
DNA. = __________________
__________________
2
,Ontstaan indeling van het dierenrijk
Al snel had men door dat men planten en dieren nog verder indelen dan
enkel naaktzadig of bedektzadig en gewerveld of ongewerveld.
Want de kenmerken van bijvoorbeeld de gewervelde gelden voor alle apen maar de
kenmerken van apen gelden dan weer niet voor alle gewervelde dieren. Zelfs niet iedere
aap bleek dezelfde kenmerken te bezitten.
Daarom heeft men een duidelijke indeling bedacht met groepen dieren die
men steeds in kleinere groepen gaat proberen steken maar steeds met
meer gemeenschappelijke kenmerken.
Rijk
→ Stam of afdeling
→ Klasse
→ Orde
→ Familie
→ Geslachtsnaam
→ soortaanduiding
Men verdeelt de soorten nog verder in ondersoorten,
_________________, variëteiten en typen.
Hier zie je de indeling voor het huisvarken:
3
, Binaire (= dubbele, tweedelige) naamgeving
Het systeem van indelen is niet recent, het is
grotendeels ontworpen door de Zweedse arts en
botanicus Carolus Linnaeus (1707-1778).
Hij rangschikte dieren en planten en ontwierp een
systeem waarbij organismen ingedeeld worden in
groepen volgens overeenkomstige eigenschappen.
Daarnaast kende hij aan iedere planten- en diersoort
een specifieke Latijnse benaming toe: de soortnaam.
Deze wetenschappelijke benaming is binair of __________________. Elk
organisme kreeg/krijgt een unieke tweedelige (Latijnse, tegenwoordig
vaak Engelse) naam. = “De wetenschappelijke naam of soortnaam”
Je eigen naam bestaat ook uit twee namen, eerst je voornaam en dan je
geslachtsnaam (achternaam). Bij de dierennamen is de volgorde dus net
andersom.
Een voorbeeld: Felis sylvestris = wilde (bos)kat = soortnaam
Felis sylvestris ‘Catus’ = Felis domesticus = huiskat = soortnaam
Bij deze wetenschappelijke benaming is het eerste deel steeds
de _________________en het tweede deel geeft de _____________aan.
De geslachtsnaam begint altijd met een hoofdletter, de soortaanduiding
met een kleine letter
We hebben in bovenstaande voorbeelden dus te maken met het geslacht
___________________________________ en de
Soorten: ___________________________________ en
____________________________________
Dus soortnaam=____________________ + ____________________
4
1
,Naamgeving van organismen
Als je dieren gaat verzorgen, moet je weten waar je het over hebt!
Daarom is kennis van het dierenrijk noodzakelijk. Daarbij is een
systematische indeling belangrijk. Een goede systematiek rangschikt de
dieren in groepen, volgens steeds meer overeenkomsten.
Hier zie bijvoorbeeld een eenvoudige indeling voor blokjes die op
ongeveer dezelfde manier werkt.
Systematiek
Dit betekent:________________________________________________
___________________________________________________________
___________________________________________________________
___________________________________________________________
Door de eeuwen heen hebben wetenschappers regels gemaakt voor het
groeperen van organismen. Deze indeling is wereldwijd aanvaard
waardoor communicatie met elkaar gemakkelijker werd. Iedereen
gebruikt immers dezelfde wetenschappelijke naam.
Om de grote verscheidenheid in organismen te overzien heeft de mens
organismen in groepen verdeeld.
Hierbij is gekeken naar overeenkomsten in:
morfologie = __________________
anatomie = __________________
DNA. = __________________
__________________
2
,Ontstaan indeling van het dierenrijk
Al snel had men door dat men planten en dieren nog verder indelen dan
enkel naaktzadig of bedektzadig en gewerveld of ongewerveld.
Want de kenmerken van bijvoorbeeld de gewervelde gelden voor alle apen maar de
kenmerken van apen gelden dan weer niet voor alle gewervelde dieren. Zelfs niet iedere
aap bleek dezelfde kenmerken te bezitten.
Daarom heeft men een duidelijke indeling bedacht met groepen dieren die
men steeds in kleinere groepen gaat proberen steken maar steeds met
meer gemeenschappelijke kenmerken.
Rijk
→ Stam of afdeling
→ Klasse
→ Orde
→ Familie
→ Geslachtsnaam
→ soortaanduiding
Men verdeelt de soorten nog verder in ondersoorten,
_________________, variëteiten en typen.
Hier zie je de indeling voor het huisvarken:
3
, Binaire (= dubbele, tweedelige) naamgeving
Het systeem van indelen is niet recent, het is
grotendeels ontworpen door de Zweedse arts en
botanicus Carolus Linnaeus (1707-1778).
Hij rangschikte dieren en planten en ontwierp een
systeem waarbij organismen ingedeeld worden in
groepen volgens overeenkomstige eigenschappen.
Daarnaast kende hij aan iedere planten- en diersoort
een specifieke Latijnse benaming toe: de soortnaam.
Deze wetenschappelijke benaming is binair of __________________. Elk
organisme kreeg/krijgt een unieke tweedelige (Latijnse, tegenwoordig
vaak Engelse) naam. = “De wetenschappelijke naam of soortnaam”
Je eigen naam bestaat ook uit twee namen, eerst je voornaam en dan je
geslachtsnaam (achternaam). Bij de dierennamen is de volgorde dus net
andersom.
Een voorbeeld: Felis sylvestris = wilde (bos)kat = soortnaam
Felis sylvestris ‘Catus’ = Felis domesticus = huiskat = soortnaam
Bij deze wetenschappelijke benaming is het eerste deel steeds
de _________________en het tweede deel geeft de _____________aan.
De geslachtsnaam begint altijd met een hoofdletter, de soortaanduiding
met een kleine letter
We hebben in bovenstaande voorbeelden dus te maken met het geslacht
___________________________________ en de
Soorten: ___________________________________ en
____________________________________
Dus soortnaam=____________________ + ____________________
4