Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 6 pages
Class notes

Uitgebreide aantekeningen tentamenstof Grondslagen Macro Economie (330013-B-6)

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 6 pages

Uitgebreide samenvatting Grondslagen Macro Economie

Content preview

Macro economie
Y=L^α * K^β
(MPL*L)/Y = α
(MPK*K)/Y = β

Nominale variabelen: uitgedrukt als bedrag
Reële variabelen: uitgedrukt in eenheden goederen bij constante prijzen
Gesloten economie: geen internationale kapitaalstromen  totale binnenlandse besparingen =
totale investeringen (vraag naar financiële middelen)

BBP: waarde van wat in een bepaald gebied wordt geproduceerd in een bepaalde periode
 Binnen landsgrenzen
 Gemeten over een bepaalde periode
1. Finale bestedingen
BBP = C + I + G + NX
2. Som van toegevoegde waardes
Waarde van productie – waarde van grondstoffen en halffabricaten om betreffende
goederen en diensten te produceren = toegevoegde waarde
3. Inkomen van productiefactoren
BBP = som van alle inkomens verdiend door productiefactoren ingezet binnen de
landsgrenzen

Kritische opmerkingen op BBP
- BBP meet niet wat alle Nederlanders verdienen (BBP is namelijk binnen de landsgrenzen,
maar dat is niet hetzelfde aan alle Nederlanders)
- BBP meet niet alle productieve activiteiten zoals vrijwilligers werk
- BBP meet niet veranderingen in het natuurlijk kapitaal (milieu, klimaatveranderingen etc.

BNI: totale inkomen verdiend door Nederlandse ingezetenen zowel binnen als buiten de
landsgrenzen = door Nederlandse productiefactoren
Verschil BNI – BBP: factorbetalingen ontvangen vanuit buitenland – factorbetalingen aan buitenland
= saldo primair inkomens

Nominale BBP: waarde op basis van actuele prijzen (Pat x Qat + Pbt x Qbt + …)
Reële BBP: waarde gebaseerd op constante prijzen (Pa0 x Qat + Pb0 x Qbt + …)

Groeivoeten
x*y = gx + gy
x/y = gx – gy
x^a = a*gx

Schaalopbrengsten
F(Ax, Ay) < Af(x,y)  dalend
F(Ax, Ay) = Af(x,y)  constant
F(Ax, Ay) > Af(x,y)  stijgend

Inflatie: procentuele stijging van algemene prijspeil (geld wordt minder waard, prijzen worden hoger)
Maatstaven:

,  BBP-deflator = nominaal BBPt / reëel BBPt
Inflatie = procentuele stijging BBP-deflator t.o.v. een jaar daarvoor
Vb. (BBP-deflator 2019 – BBP-deflator 2018) / BBP-deflator 2018 x 100%
 Consumentenprijsindex CPI
Basisjaar vergelijken met huidige jaar, vaste mandje goederen
CPI = (Px huidig x Qx basis)+(Py huidig x Qy basis) / (Px basis x Qx basis) + (Py basis x Qy basis)
Inflatie = procentuele stijging CPI t.o.v. een jaar daarvoor

CPI kan echte inflatie overschatten
- De gekochte hoeveelheid is als constant verondersteld
- De introductie van nieuwe producten van andere producent of markt, maakt een consument
beter af, reële waarde geld neemt toe (denk bijvoorbeeld aan een nieuw product op de
markt als een telefoon, dit maakt de waarde van wat je kunt kopen van je geld hoger),maar
CPI verandert niet
- Niet-gemeten kwaliteitsverbeteringen  hogere prijs maar ook een betere kwaliteit, CPI
stijgt maar consumenten zijn niet slechter af

CPI versus BBP-deflator
- Prijzen van investeringsgoederen
o Wel in BBP-deflator
o Niet in CPI
- Prijzen van geïmporteerde consumptiegoederen
o Niet in BBP-deflator
o Wel in CPI
- Pakket van goederen
o Jaarlijks aangepast in BBP-deflator
o Constant bij CPI

Beroepsbevolking = werklozen werk zoekenden + werkenden
Niet in beroepsbevolking = werklozen niet werk zoekenden
Participatiegraad: beroepsbevolking als percentage van totale bevolking
Werkloosheidpercentage: percentage beroepsbevolking dat werkloos is

Gesloten economie
Productiefunctie vast door gegeven kapitaal en arbeid: Y=A*F(K,L) (waarbij Y is reële BBP)
- Reële loon = W/P
- Reële prijs van kapitaal = R/P
- Winst is maximaal als MPL = W/P, MPK = R/P
Totaal reëel arbeidsinkomen = W/P*L = MPL*L
Totaal reëel kapitaalinkomen = R/P*K = MPK*K

C=C(Y-T) (Y=inkomen, let op: niet al het inkomen wordt geconsumeerd, 0<MPC<1)
I=I(r) (reële rente, stijgt r dan daalt I)
Reële rente(r)=nominale rente(i)-inflatie

Markt voor goederen en diensten
Vraag: C+I+G = C(Y-T)+I(r)+G
Aanbod: Y=F(K,L)

Document information

Study
Uploaded on
July 29, 2023
Number of pages
6
Written in
2021/2022
Type
Class notes
Professor(s)
Professor
Contains
All classes
$7.37

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
8
Followers
7
Items
3
Last sold
1 year ago


Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions