Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 17 pages
Summary

Samenvatting Voorbereiding PABO, hoofdstuk 1 klimaat en landschap

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 17 pages

Dit document bevat een samenvatting van hoofdstuk 1 klimaat en landschap. Dit document kun je gebruiken ter voorbereiding van je pabo toelatingstoets of misschien een andere toets.

Content preview

Hoofdstuk 1
Klimaat en landschap.
Aarde
Klimaatzones
Klimaten
Opwarming van de aarde
Neerslag en wind
Landschapsvormen
Cultuurlandschappen

, Aarde
Zonnestelsel
Ons zonnestelsel bestaat uit de zon met daaromheen draaiende hemellichamen. Deze
hemellichamen zijn door de zwaartekracht aan de zon gebonden. Ons zonnestelsel is één van de
vele zonnestelsels; de sterren die je 's nachts ziet zijn zonnen van andere zonnestelsels. In ons
zonnestelsel is de zon het enige hemellichaam dat licht geeft. Alle andere hemellichamen
weerkaatsen dat licht en zijn daarom soms zichtbaar. Om de zon draaien acht planeten plus een
aantal dwergplaneten. De namen van de planeten zijn: Mercurius, Venus, Aarde, Mars, Jupiter,
Saturnus, Uranus en Neptunes.




Omlooptijd en omwentelingstijd
De tijd die een planeet nodig heeft om eenmaal rond de zon te draaien heet de omlooptijd, dit
word ook wel een jaar genoemd. De omlooptijd hangt af van de afstand van de planeet tot de zon
en van de snelheid waarmee de planeet beweegt. Planeten draaien ook om hun eigen as. De tijd
die daar voor nodig is noem je de omwentelingstijd, dit wordt ook wel een dag genoemd.

Manen
Een planeet is een hemellichaam dat om de zon draait. Een
maan is een hemellichaam dat om een planeet draait. De aarde
heeft 1 maan, Saturnus heeft 21 manen, Jupiter heeft 63 manen.
Mercurius en Venus zijn de enige twee planeten die geen manen
hebben. De maan van de aarde draait in +/- 28 dagen om de
aarde heen. De baan om de aarde is +/- 160.000 km lang. De
maan weerkaatst de zonnestralen, net als andere planeten. Als
de maan tussen de zon en de aarde staat zie je hem niet, dit
noem je de nieuwe maan. Wanneer de maan volledig zichtbaar is noem je dat een volle maan.

Andere hemellichamen
Planetoïden (asteroïden) → planetoïden zijn rotsachtige hemellichamen. Van de duizenden zijn
er ongeveer 2.500 zichtbaar. Ze draaien in een baan rond de zon. De grootste is Ceres (doorsnee
van 1.000 km).
Kometen (staartsterren) → kometen bestaan uit bevroren water, methaan, kooldioxide en
rotsdeeltjes en daar omheen gas en stof. Kometen draaien ook om de zon, maar in een
ellipsvormige baan; soms is het moeilijk te voorspellen wanneer de komeet weer terug komt. Als
de komeet dicht bij de zon komt, smelt het ijs en wordt er een staart waargenomen. De
beroemdste is de komeet van Halley.
Meteorieten → meteorieten zijn brokken materie (gesteente of ijzer) die geen vaste baan hebben
en, in tegenstelling tot de meeste rotsblokken, niet meteen verbranden als ze door de atmosfeer
van de aarde dringen. Meteorieten kunnen grote kraters slaan in de aarde. De grootste bekende
meteoriet ligt in Zuid-Afrika en weegt meer dan 60 ton.

, Zon
De zon is een doodgewone gele ster, waarvan er miljarden andere zijn. Veel sterren die je ziet,
zijn identiek aan de zon. Ze staan alleen miljoenen keer verder weg. De zon is een enorme bol
van gas die door zwaartekracht bij elkaar wordt gehouden. In het binnenste (kern) van de zon is
het extreem heet. Aan de buitenkant (fotosfeer) straalt de zon die energie uit. Met de hoeveelheid
energie die de zon in één seconde uitstraalt, zouden we voor 500.000 jaar genoeg hebben omin
onze energiebehoefte op aarde te voorzien. Maar de energie verdwijnt grotendeels in de ruimte.
Corona → De corona is de uitgerekte atmosfeer. Tijdens een zonsverduistering is de corona korte
tijd zichtbaar.
Zonnevlammen → Een zonnevlam is een explosie op het oppervlak van de zon. Die explosie
ontstaat door het plotseling vrij- komen van een grote hoeveelheid energie.
Kern → De kern is het binnenste deel van de zon. De kern heet een
doorsnede van 200.000 km. Hier is de temperatuur ruim 15 miljoen
graden.
Mantel → De mantel is het gedeelte om de kern. De mantel wordt
naar buiten toe steeds minder dicht en minder heet.
Convectiezone → De convectiezone zit tussen de mantel en de
fotosfeer. Vanuit dit gebied stijgen hete gasbellen op naar de
buitenkant van de zon.
Fotosfeer → De fotosfeer is de zichtbare buitenkant van de zon. De
fotosfeer is de laag waar het voor ons zichtbare licht vandaan komt.

Aarde
De aarde is vanaf de zon gezien de derde planeet in ons zonnestelsel. Op
aarde komt leven voor, tot op heden is er geen leven ontdekt op andere
planten. De aarde is uit stukken opgebouwd:
Korst → De korts is ongeveer 40km dik en bestaat uit meerdere platen.
Mantel → De mantel is ongeveer 2900km dik en hierop drijven de platen.
Kern → De kern is verdeeld in de buitenkern en binnenkern. De kern heeft
een diameter van ongeveer 3470km.

Om de aarde bevindt zich de atmosfeer ook wel dampkring genoemd, deze is door de
zwaartekracht aan de aarde gebonden. Ook is hij van essentieel belang voor het leven op aarde.
De ozonlaag is een laag in de atmosfeer, die ons beschermt tegen schadelijke UV-straling die
afkomstig is van de zon. De ozonlaag bevindt zich op zo'n 30km hoogte.

Verdeling van de aarde
De evenaar of equator is een lijn op het aardoppervlak in de vorm van een
cirkel, midden tussen de Noordpool en de Zuidpool. De evenaar deelt de
aarde in het noordelijk halfrond en zuidelijk halfrond. De lijnen op aarde
die evenwijdig aan elkaar lopen noem je parallellen of breedtecirkels. De
nulmeridiaan verdeelt de aarde in een oostelijk halfrond en westelijk
halfrond. Die cirkels die door beiden polen gaan noem je meridianen.

Als je de positie van een plaats op de aarde wilt aangeven gebruik
je de lengtegraad en de breedtegraad. De breedtegraad varieert
van 0̊ tot 90̊ met de toevoeging NB (noorderbreedte op het
noordelijk halfrond) of ZB (zuiderbreedte op het zuidelijkhalfrond).
De lengtegraad varieert van 0̊ tot 180̊, met de toevoeging OL
(oosterlengte, ten oosten van de nulmeridiaan, op het oostelijk
halfrond) of WL (westerlengte, ten westen van de nulmeridiaan, op
het westelijk halfrond. Het snijpunt van de evenaar en de
nulmeridiaan heeft als coördinaten 0̊ , 0̊.

Document information

Study
Uploaded on
February 7, 2017
Number of pages
17
Written in
2016/2017
Type
Summary
$7.17

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Seller avatar
Reputation scores are based on the amount of documents a seller has sold for a fee and the reviews they have received for those documents. There are three levels: Bronze, Silver and Gold. The better the reputation, the more your can rely on the quality of the sellers work.
mj1998
4.8
(12)
Sold
23
Followers
19
Items
109
Last sold
7 months ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions