• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages
Summary

Samenvatting Burgerschap sociaal-maatschappelijke dimensie

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages

Samenvatting van de sociaal-maatschappelijke dimensie van het boek Schokland.

Content preview

Burgerschap

Thema 1

Cultuur= het geheel van kenmerken, normen, waarden en gewoonten van een groep mensen.

-Een cultuur heeft zijn eigen gewoonten.

Gewoonten= iets wat je vaak op dezelfde manier doet, omdat je dat zo gewend bent.



Hoe jij je gedraagt en wat je normaal vindt heeft te maken met je cultuur. Mensen met wie je een
cultuur deel begrijp je vaak beter en voelen zich vaak ook met elkaar verbonden (je begrijpt van
elkaar hoe je in een bepaalde situatie gedraagt of hoe je ergens op reageert) dit komt doordat je
normen, waarden en gewoonten deelt.



Dominante cultuur= een cultuur die door de meeste mensen in een land of gebied wordt gedeeld.

-bestaat uit normen, waarden en gewoonten die veel mensen in een land delen.



Binnen de dominante cultuur bestaan verschillende subculturen.

Subcultuur= een cultuur van een bepaalde groep mensen, met andere kenmerken en gebruiken dan
de dominante cultuur.

-voorbeelden: hiphop-subcultuur, voetbal-subcultuur, emo-subcultuur



Tegencultuur= een subcultuur waarvan de waarden, normen en gewoonten botsen met de
dominante cultuur.

-mensen die zich onderdeel voelen van een tegencultuur hebben opvattingen die in strijd zijn
met de dominante cultuur, zij gaan bijv. tegen de regels in die in het land gelden.

-voorbeelden: hooligans, neonazi’s



Religie= een geloof waarbij 1 of meer goden centraal staan (religie is vaak belangrijk in een cultuur).

-mensen met dezelfde religie delen vaak bepaalde waarden en normen (geen alcohol drinke)



Binnen een cultuur of religie bestaan naast gedeelde waarden en normen ook tradities, symbolen en
rituelen.

 Traditie= een gewoonte die van generatie op generatie wordt doorgegeven (sinterklaas).
 Symbolen= tekens die een specifieke betekenis hebben in een cultuur of religie. Daarnaast
kunnen mensen d.m.v. symbolen duidelijk maken bij welke cultuur of religie ze horen.
 Rituelen= handelingen die een bepaalde betekenis hebben in een cultuur.

, Identiteit= het geheel van eigenschappen dat jou tot een uniek persoon maakt.

Eigenschap= iets dat jou kenmerkt (kan zowel uiterlijk als innerlijk zijn).

Aangeboren eigenschappen= eigenschappen die je al hebt bij je geboorte (bijv. huidskleur).

Aangeleerde eigenschappen= eigenschappen die zich vormen tijdens je leven (kledingsmaak).



Referentiekader= het geheel van waarden, normen en uitgangspunten op basis waarvan je naar de
wereld kijkt.

-de omgeving waarin je leeft en de ervaringen die je opdoet vormen jouw referentiekader
(verandert heel je leven).



Socialisatie= het proces waarbij je waarden en normen aangeleerd krijgt, zorgt ervoor dat mensen
met elkaar leren omgaan.

-bewust plaats: opvoeding ouders, docenten en mensen in je omgeving.

-onbewust plaats: mensen in je omgeving; klasgenoten, vrienden.



Hoe jij je gedraagt in een bepaalde situatie heeft te maken met cultuur en identiteit, maar hangt ook
af van de groep of situatie waarin jij je bevindt. Binnen elke groep of situatie heb je een rol (mensen
verwachten dat jij je op een bepaalde manier gedraagt binnen een groep/ situatie).



Groepsgedrag= het gedrag dat mensen in een groep vertonen.

Groepsdruk= de situatie waarin een groep je onder druk zet om je op een manier te gedragen die bij
de groep past.

Assertief= voor jezelf opkomen, terwijl je anderen in hun waarden laat (zonder boos te worden).

Agressief gedrag= gedrag waarbij je anderen bedreigt of expres schade veroorzaakt.



Fatsoensnormen= in elke groep en samenleving gelden normen over welk gedrag wel en niet wordt
geaccepteerd.

-fatsoensnormen verschillen per persoon.


Normafwijkend gedrag= gedrag waarbij jij je niet houdt aan de geldende normen.

-Normafwijkend gedrag wordt meestal niet meteen geaccepteerd, want het gaat in tegen
wat mensen normaal of acceptabel vinden (een norm kan hierdoor wel op den duur
veranderen -> taboe doorbreken.

Taboe= iets waarvan mensen vinden dat je het niet mag doen of waarover je niet mag spreken.

Asociaal gedrag= gedrag waarbij je geen rekening houdt met de mensen om je heen.

Connected book
 image
Jan Verwijlen, Petri Benschop Schokland handboek
Publisher: Unknown ISBN: 9789463261821 Edition: 2

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Sociaal-maatschappelijke dimensie
Uploaded on
January 9, 2023
Number of pages
10
Written in
2021/2022
Type
Summary
$12.30

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
3
Last sold
-




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions