DEEL 4:
VERBINT
ENISSEN
RECHT
Pagina | 1
, I. VERBINTENISSEN UIT OVEREENKOMST
Verbintenis = verplichting om iets te doen (arbeidsovereenkomst), te laten
(afspraak om niet te werken bij de concurrentie) of te geven (als ik dood ga, gaat
mijn geld naar…)
Een verbintenis kan ontstaan door een rechtshandeling (arbeidsovereenkomst) of
uit de wet (schadevergoeding betalen, onderhoud voor je kinderen betalen)
Schuldenaar = diegene op wie de verbintenis rust.
Schuldeiser = diegene die een prestatie kan vorderen van de schuldenaar
Overeenkomst = een contract
1) Akkoord=overeenstemming
2) Tussen 2 of meer partijen
3) Doel: verbintenis te doen ontstaan (koopovereenkomst), te stoppen ,te
wijzigen of overdragen
<<Examen: verschil tussen een verbintenis en een overeenkomst>>
de totaliteit noemen we de overeenkomst -> die heeft 2 verbintenissen tot stand
gebracht (verplichtingen die ze hebben t.o.v. elkaar)
1. SOORTEN OVEREENKOMSTEN
A. FORMALITEITEN
- Plechtige overeenkomsten: formaliteiten moeten worden nageleefd vb.
aankoop van een huis, huwelijk sluiten
- Consensuele overeenkomsten: consensus is voldoende vb. brood kopen
B. VERBINTENISSEN TUSSEN PARTIJEN
- Wederkerige overeenkomsten: er ontstaan verbintenissen voor elke
partij vb. aankopen van een wagen
- Eenzijdige overeenkomsten: 1 partij verbindt zich t.o.v. de andere partij
vb. onbezoldigd mandaat.
C. PRIJS
- Overeenkomsten om niet: eenzijdig karakter, geen prijs te betalen vb.
schenking
- Overeenkomsten ten bezwarende titel: er is een voordeel voor beide
partijen, er wordt een prijs betaald vb. koop-verkoopovereenkomst
2. BASISBEGINSELEN VAN CONTRACTRECHT (= overeenkomst)
A. CONTRACTVRIJHEID
- De vrijheid om een contract al dan niet te tekenen
- Inhoudelijke vrijheid
Beperkingen:
- Ze mogen niet ingaan tegen de openbare orde, de goede zeden, dwingend
recht
- Inhoudelijke vrijheid wordt vaak beperkt
Pagina | 2
VERBINT
ENISSEN
RECHT
Pagina | 1
, I. VERBINTENISSEN UIT OVEREENKOMST
Verbintenis = verplichting om iets te doen (arbeidsovereenkomst), te laten
(afspraak om niet te werken bij de concurrentie) of te geven (als ik dood ga, gaat
mijn geld naar…)
Een verbintenis kan ontstaan door een rechtshandeling (arbeidsovereenkomst) of
uit de wet (schadevergoeding betalen, onderhoud voor je kinderen betalen)
Schuldenaar = diegene op wie de verbintenis rust.
Schuldeiser = diegene die een prestatie kan vorderen van de schuldenaar
Overeenkomst = een contract
1) Akkoord=overeenstemming
2) Tussen 2 of meer partijen
3) Doel: verbintenis te doen ontstaan (koopovereenkomst), te stoppen ,te
wijzigen of overdragen
<<Examen: verschil tussen een verbintenis en een overeenkomst>>
de totaliteit noemen we de overeenkomst -> die heeft 2 verbintenissen tot stand
gebracht (verplichtingen die ze hebben t.o.v. elkaar)
1. SOORTEN OVEREENKOMSTEN
A. FORMALITEITEN
- Plechtige overeenkomsten: formaliteiten moeten worden nageleefd vb.
aankoop van een huis, huwelijk sluiten
- Consensuele overeenkomsten: consensus is voldoende vb. brood kopen
B. VERBINTENISSEN TUSSEN PARTIJEN
- Wederkerige overeenkomsten: er ontstaan verbintenissen voor elke
partij vb. aankopen van een wagen
- Eenzijdige overeenkomsten: 1 partij verbindt zich t.o.v. de andere partij
vb. onbezoldigd mandaat.
C. PRIJS
- Overeenkomsten om niet: eenzijdig karakter, geen prijs te betalen vb.
schenking
- Overeenkomsten ten bezwarende titel: er is een voordeel voor beide
partijen, er wordt een prijs betaald vb. koop-verkoopovereenkomst
2. BASISBEGINSELEN VAN CONTRACTRECHT (= overeenkomst)
A. CONTRACTVRIJHEID
- De vrijheid om een contract al dan niet te tekenen
- Inhoudelijke vrijheid
Beperkingen:
- Ze mogen niet ingaan tegen de openbare orde, de goede zeden, dwingend
recht
- Inhoudelijke vrijheid wordt vaak beperkt
Pagina | 2