Staatsrecht
De beginselen van de Belgische staatsinrichting
België is een grondwettelijke monarchie
1. De grondwet als juridische grondslag van het Belgische staatsbestel. In
1815 maakte België deel uit van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Koning
Willem I was de staatshoofd. Er waren ook 2 politieke stromingen: Katholieken
en de Liberalen. Er waren problemen met Willem I omdat hij protestant was
(Katholieken) en hij sprak geen Frans (liberalen) zoals de rijken. In 1830 kwam er
een Belgische ontwenteling aan de hand van een opera (de stomme van
Portici). Dit was een herkenning voor de katholieken en de liberalen. België heeft
Nederland buiten gesmeten. België kreeg een nationaal congres(voorloper
van parlement) en daar werd de Grondwet opgemaakt. Ook werd er
gewerkt met statuten deze bepaalde de functies, vormende de hoofdlijnen van
het staatsstructuur, het was onderheven aan strenge procedureregels, ook was
het afdwingbaar(sancties voor overtredingen afspraken) en als laatste kan het
gewijzigd worden maar het is moeilijk (continuïteit).
2. België is een monarchie d.w.z. een koningshuis(moet zich niet bewijzen)
de officiële familienaam van de Koning is Van Belgen. Het verschil met een
republiek is dat er bij een republiek verkiezingen zijn dus dat die persoon zich
moet bewijzen tegenover de burgers. De eerste Koning van België was Leopold
I, hij kwam uit Duitsland en de reden hiervoor was dat België iedereen te vriend
wouden houden en Leopold I had familiebanden met zowel Frankrijk als
Nederland. Vroeger was de erfelijkheid van het koningshuis het eerst geborene
zoon die troonopvolger was(Salische wet). Nu is het eerst geborene kind
troonopvolger, onze eerste Koningin zou Elisabeth worden. De Koning heeft de
absolute(geen uitzondering) onschendbaarheid(kan niet vervolgd
worden op strafrechtelijk gebied, de Koning heeft een intendant/houder
voor de civiele lijst)(vergoeding die de staatshoofd krijgt voor het uitoefenen
van zijn ambt, de Koning moet er niks voor doen) ook heeft de Koning een
absolute onverantwoordelijkheid(hoeft zich niet te verantwoorden). De
Koning heeft ook onbekwaamheid om alleen te handelen d.w.z. dat voor het
ondertekenen van een wet meerder handtekeningen nodig heeft, de Koning
wordt dus gedekt door meerdere ministers(tegentekening, contraseign). De
Koning heeft geen persoonlijke macht maar wel politieke invloed(vooral na
verkiezingen, hij stuurt de ministers). Datgene wat de Koning in een vertrouwelijk
gesprek meedeelt mag niet openbaar gebracht worden(colloque singulier), de
troon mag niet ontbloot worden(geheim van Laken)
België is een rechtstaat
België heeft de trias-politicaleer, is dus een rechtsstaat d.w.z. dat er
scheiding der machten is. De wetgevende macht is geleid door het
parlement en de Koning, zij maken de wetten en controleren de
uitvoerende macht. De uitvoerende macht is geleid door de Koning en de
regering, zij leiden het land en voeren de wetten uit en als laatste de
rechterlijke macht, geleid door de hoven en rechtbanken, zij doen
uitspraak over de geschillen. De scheiding is NIET absoluut, WM en UW
werken veel samen, enkel RM is absoluut. Dit is democratisch tot stand gekomen
dus dient gerespecteerd te worden. De beslissingen worden genomen door een
, democratische verkozen meerderheid(50%+1) moet in elk geval een aantal
rechten en vrijheden respecteren. Over geschillen wordt beslist door een
onafhankelijk rechtscollege(Kamer van volksvertegenwoordigers telt 150
leden) als er evenveel voor als tegen stemmen zijn dan spreken we van staking
van stemmen en is de wet dus niet goedgekeurd.
België is een representatieve en parlementaire democratie
België is een representatieve en parlementaire democratie. Er is een
bevoegdheid om wetten te maken laten toekomen aan het parlement. Wij
hebben verkiezingen(om 4 jaar) waar wij als burger de 150 leden van de
Kamer kiezen. In 1831 was er enkel nog spraken van het cijnskiesrecht(als je
belastingen betaalde mocht je stemmen), 1893 had je algemeen meervoudige
stemrecht en kwam ook de stemplicht(opkomstplicht), 1919 was er algemeen
enkelvoudig stemrecht pas in 1948 mochten vrouwen ook gaan stemmen en in
1981 is de leeftijd van 21 jaar naar 18 jaar verandert. De bevolking laat zich
vertegenwoordigen door parlementsleden om wetten te maken, de burgers
kiezen niet de regering die wordt gekozen door de
partijtoppen(representatieve democratie). Omdat de regering niet
verkozen is, wordt er gecontroleerd door het verkozen
parlement(parlementaire democratie).
België is een federale staat
De beginselen van de Belgische staatsinrichting
België is een grondwettelijke monarchie
1. De grondwet als juridische grondslag van het Belgische staatsbestel. In
1815 maakte België deel uit van het Verenigd Koninkrijk der Nederlanden. Koning
Willem I was de staatshoofd. Er waren ook 2 politieke stromingen: Katholieken
en de Liberalen. Er waren problemen met Willem I omdat hij protestant was
(Katholieken) en hij sprak geen Frans (liberalen) zoals de rijken. In 1830 kwam er
een Belgische ontwenteling aan de hand van een opera (de stomme van
Portici). Dit was een herkenning voor de katholieken en de liberalen. België heeft
Nederland buiten gesmeten. België kreeg een nationaal congres(voorloper
van parlement) en daar werd de Grondwet opgemaakt. Ook werd er
gewerkt met statuten deze bepaalde de functies, vormende de hoofdlijnen van
het staatsstructuur, het was onderheven aan strenge procedureregels, ook was
het afdwingbaar(sancties voor overtredingen afspraken) en als laatste kan het
gewijzigd worden maar het is moeilijk (continuïteit).
2. België is een monarchie d.w.z. een koningshuis(moet zich niet bewijzen)
de officiële familienaam van de Koning is Van Belgen. Het verschil met een
republiek is dat er bij een republiek verkiezingen zijn dus dat die persoon zich
moet bewijzen tegenover de burgers. De eerste Koning van België was Leopold
I, hij kwam uit Duitsland en de reden hiervoor was dat België iedereen te vriend
wouden houden en Leopold I had familiebanden met zowel Frankrijk als
Nederland. Vroeger was de erfelijkheid van het koningshuis het eerst geborene
zoon die troonopvolger was(Salische wet). Nu is het eerst geborene kind
troonopvolger, onze eerste Koningin zou Elisabeth worden. De Koning heeft de
absolute(geen uitzondering) onschendbaarheid(kan niet vervolgd
worden op strafrechtelijk gebied, de Koning heeft een intendant/houder
voor de civiele lijst)(vergoeding die de staatshoofd krijgt voor het uitoefenen
van zijn ambt, de Koning moet er niks voor doen) ook heeft de Koning een
absolute onverantwoordelijkheid(hoeft zich niet te verantwoorden). De
Koning heeft ook onbekwaamheid om alleen te handelen d.w.z. dat voor het
ondertekenen van een wet meerder handtekeningen nodig heeft, de Koning
wordt dus gedekt door meerdere ministers(tegentekening, contraseign). De
Koning heeft geen persoonlijke macht maar wel politieke invloed(vooral na
verkiezingen, hij stuurt de ministers). Datgene wat de Koning in een vertrouwelijk
gesprek meedeelt mag niet openbaar gebracht worden(colloque singulier), de
troon mag niet ontbloot worden(geheim van Laken)
België is een rechtstaat
België heeft de trias-politicaleer, is dus een rechtsstaat d.w.z. dat er
scheiding der machten is. De wetgevende macht is geleid door het
parlement en de Koning, zij maken de wetten en controleren de
uitvoerende macht. De uitvoerende macht is geleid door de Koning en de
regering, zij leiden het land en voeren de wetten uit en als laatste de
rechterlijke macht, geleid door de hoven en rechtbanken, zij doen
uitspraak over de geschillen. De scheiding is NIET absoluut, WM en UW
werken veel samen, enkel RM is absoluut. Dit is democratisch tot stand gekomen
dus dient gerespecteerd te worden. De beslissingen worden genomen door een
, democratische verkozen meerderheid(50%+1) moet in elk geval een aantal
rechten en vrijheden respecteren. Over geschillen wordt beslist door een
onafhankelijk rechtscollege(Kamer van volksvertegenwoordigers telt 150
leden) als er evenveel voor als tegen stemmen zijn dan spreken we van staking
van stemmen en is de wet dus niet goedgekeurd.
België is een representatieve en parlementaire democratie
België is een representatieve en parlementaire democratie. Er is een
bevoegdheid om wetten te maken laten toekomen aan het parlement. Wij
hebben verkiezingen(om 4 jaar) waar wij als burger de 150 leden van de
Kamer kiezen. In 1831 was er enkel nog spraken van het cijnskiesrecht(als je
belastingen betaalde mocht je stemmen), 1893 had je algemeen meervoudige
stemrecht en kwam ook de stemplicht(opkomstplicht), 1919 was er algemeen
enkelvoudig stemrecht pas in 1948 mochten vrouwen ook gaan stemmen en in
1981 is de leeftijd van 21 jaar naar 18 jaar verandert. De bevolking laat zich
vertegenwoordigen door parlementsleden om wetten te maken, de burgers
kiezen niet de regering die wordt gekozen door de
partijtoppen(representatieve democratie). Omdat de regering niet
verkozen is, wordt er gecontroleerd door het verkozen
parlement(parlementaire democratie).
België is een federale staat