• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 3 out of 24 pages
Summary

Samenvatting hoofdstuk bekwaamheid (basisbegrippen van het recht)

Document preview thumbnail
Preview 3 out of 24 pages

Samenvatting hoofdstuk bekwaamheid (basisbegrippen van het recht) met uitgewerkte voorbeelden.

Content preview

Basisbegrippen van recht: Rechtshandelingen
Afdeling 1) Inleiding
Handelingen van het rechtssubject kan men opdelen:
➔ Materiële handelingen
➔ Rechtshandelingen
➔ Proceshandelingen

1) Materiële handelingen (Les actes matériels)
⇒ Los van de wil van het rechtssubject leiden deze materiële handelingen ingevolge van bepaalde
rechtsregels tot het ontstaan van rechtsgevolgen (worden dus niet gesteld om rechtsgevolgen
teweeg te brengen)
- vb: menselijke handelingen uit dagelijkse leven (werken, slapen, eten, autorijden etc) →
Hoewel ze niet op rechtsgevolgen gefocust zijn brengen veel van deze handelingen wel
rechtsgevolgen met zich mee ⇒ vb: als je te snel met je auto rijdt kan je een boete krijgen.

Indeling
1) Niet - geoorloofde handelingen
= onrechtmatige daden (Les délits et les quasi-délits)
⇒ Privaat- of civielrechtelijke schadelijke handelingen of inbreuken op rechten,
uitgezonderd contractbreuk, die met of zonder opzet zijn gepleegd en
waarvoor de wet een schadevergoeding oplegt.
2) Geoorloofde handelingen
= quasi - contract (les quasi-contrats) = oneigenlijke contracten
Quasi-contracten ⇒ vrijwillige geoorloofde daden die gesteld worden door een
rechtssubject niet met het oog op het veroorzaken van rechtsgevolgen maar die
wel rechtsgevolgen doen ontstaan
➔ Vb: Onverschuldigde betaling
= Er is sprake van een onverschuldigde betaling van zodra een persoon een
betaling doet of presteert ten aanzien van een andere persoon zonder dat
dit hem toekwam. De ontvanger is ertoe gehouden om deze betaling of
prestatie terug te geven
➔ Vb: Zaakwaarneming = Art. 1372 e.v. Bw
vb: buurman op reis, je ziet dat zijn dak kapot is en je belt een dakwerker
voor hem,
➔ Vb: vermogensvermeerdering zonder oorzaak
vb: Een betaling aan ethias (i.p.v. dienstencheques) waardoor het vermogen
van ethias omhoog gaat zonder dat zij iets doen.



2) Rechtshandelingen (l’acte juridique)
⇒ menselijke wilsverklaringen waaraan het recht rechtsgevolgen verbindt, afgelegd met het doel
deze rechtsgevolgen mee te brengen
➔ het recht laat rechtsonderhorigen de vrijheid om de toepassing van een bepaalde
rechtsregel en de hierin voorziene rechtsgevolgen zelf uit te lokken
◆ als een menselijke handeling dit doel beoogt ⇒ rechtshandeling

, ➔ Rechtshandelingen zijn erg belangrijk
◆ door het stellen van rechtshandelingen bepaalt het individu de juridische
werkelijkheid waarin hijzelf en anderen leven.
◆ Rechtshandelingen laten toe recht en plichten te doen ontstaan en te wijzigen of
veranderingen aan te brengen aan staat en bekwaamheid.
◆ Het recht beschermt het rechtssubject en ook de maatschappij tegen het stellen van
rechtshandelingen die niet aan een aantal geldigheidsvereisten voldoen

3) Proceshandelingen
⇒ handelingen die betrekking hebben op het optreden in rechte als eiser of verweerder
(zie Deel IV = procesrecht)

Afdeling 2) Geldigheid van rechtshandelingen
Geldigheidsvoorwaarden voor een overeenkomst (Art. 1108 Bw)
➔ Toestemming (le consentement)
➔ Bekwaamheid (la capacité)
➔ (bepaald) voorwerp (l'objet)
➔ (geoorloofde) oorzaak (la cause)

Nuanceringen:
➔ Voor personen- en familierecht zijn voorwerp en oorzaak moeilijk toepasbaar (makkelijker
bij vermogensrecht)
➔ toestemming, voorwerp, en oorzaak zijn abstracte begrippen
◆ De functies van de geldigheidsvoorwaarden komen beter tot uiting indien de
beschrijving ervan opbouwt rond de noties:

Algemene geldigheid
➔ Handelingsbekwaamheid
➔ Wils en wilsverklaring
➔ Inhoud van de rechtshandeling
➔ Individuele rechtvaardiging van de rechtshandeling
◆ Conformiteit met geldende dwingende rechtsregelingen
◆ Controle op de geldigheid

A) Geldigheidsvereisten
1) Handelingsbekwaamheid
○ ⇒ Elk rechtssubject is in principe rechtsbekwaam (is titularis van rechten en
plichten) en handelingsbekwaam (kan zelfstandig rechtshandelingen stellen om
zijn rechten uit te oefenen.
■ Mits uitzonderingen (zie personen- en familierecht)
○ Verschil handelingsbekwaamheid en toereken(ingsvat)baarheid
■ Handelingsbekwaamheid = is een geldigheidsvereiste om een geldige
rechtshandeling te stellen
■ Toerekenbaarheid van een fout

, ■ Toerekeningsvatbaarheid (van een persoon) ⇒ het bewustzijn dat
noodzakelijk is opdat een fout aan een schadeverwekker kan worden
verweten en derhalve aanleiding kan geven tot zijn aansprakelijkheid.

2) Rechtshandeling moet beantwoorden aan de werkelijke wil van degene die haar stelt
(toestemming)
2.1) Wilsleer vs vertrouwensleer
○ = wilsleer als basis van de gelding van de rechtshandeling → brengt gevolgen:
■ Rechtshandeling is pas geldig als zij beantwoordt aan de werkelijke wil van
degene die haar stelt (er is dus voldoende bewustzijn nodig)
■ Beantwoord een contract niet aan de werkelijke wil, dan is ze in principe
ongeldig en vatbaar voor nietigverklaring
● vb: Notaris mist in opschrijven en je koopt Noordstraat 90 i.p.v. 9, dit
kan nietig verklaard worden want het is niet de werkelijke wil.
⇒ dit is redelijk gevaarlijk

Gevaarlijkheid = men zou zomaar dingen nietig kunnen verklaren omdat het niet is zoals ze
willen , daarom zijn er correcties:
Correcties op (al te strikte toepassing van) de wilsleer:
➔ Door de wet: De wilsgebreken (dwaling, bedrog, geweld)
➔ Door de rechtspraak:
◆ vereiste van de verschoonbaarheid van de dwaling
◆ De vertrouwensleer of schijnleer (la doctrine de confiance)
● ⇒ (Rechtspraak beslist dat) een wilsverklaring die ongeldig zou zijn
in het kader van de klassieke wilsleer (omdat zij niet beantwoordt aan de
werkelijke bedoelingen van degene die haar aflegde) toch als geldig moet
worden beschouwd indien bij de wederpartij het vertrouwen werd
opgewekt dat het om een werkelijk gewilde wilsverklaring ging
● Vb. Kind wordt geboren, er worden geboortekaartjes ontworpen en
je vrouw wilt daar mooie bijpassende enveloppen bij. Dus je gaat
naar AVA-papierwaren, maar Gerd is kleurenbril en had zich laten
adviseren en kiest voor lichtroze enveloppen. Ze bestellen er 150 bij
AVA-papierwaren, zij bestellen ze bij hun groothandel. De dag na
geboorte gaat hij om enveloppen, maar hij had de verkeerde mee,
maar het was het verkeerde roze. Vrouw boos, Gerd moest terug. Er
bleek en vergissing gebeurd te zijn.
De uitgedrukte wil van AVA was donkerroze, maar de werkelijke wil
was lichtroze. Normaal bij de klassieke toepassing wilsleer: geen
geldige rechtshandeling
Vertouwensleer: tot geldig, want het vertrouwen werd bij de
groothandel gewekt dat het toch om een gewilde wilsverklaring
ging, dus is het een geldige rechtshandeling, dus heeft AVA moeten
betalen aan de groothandel.

Document information

Study
Uploaded on
May 22, 2022
Number of pages
24
Written in
2020/2021
Type
Summary
$4.01

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
4
Last sold
-




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions