Oefensessie Partim vennootschapsrecht
1. A en B hebben samen een VOF opgericht (consultancykantoor).
a) De VOF ging destijds een lening aan bij de bank. Sinds een 6-tal maanden kan de VOF
de lening niet meer betalen. Welk(e) vermogen(s) kan de bank aanspreken? Leg uit.
SE zich verhalen op vermogen alle vennoten (hoofdelijk en persoonlijk op eigen
vermogen); op volledige vennootschapsvermogen
het vermogen van VOF
art. 4:14, eerste lid WVV
b) Zou jouw antwoord hetzelfde zijn mocht het gaan om een Comm V en A een stille
vennoot is? Leg uit.
nee, A is beperkt AS (op voorwaarde dat A geen daden van bestuur verricht art.
4:24 WVV)
art. 4:14, tweede lid WVV
SE verhalen op beherende vennoten (beperkt en hoofdelijk AS)
Stille vennoten beperkt AS ten belope van hun inbreng
c) A heeft een lening (privé) aangegaan bij de bank voor de aankoop van zijn
gezinswagen. Welk(e) vermogen(s) kan de bank aanspreken, mocht A de lening niet
kunnen betalen?
art. 4:15 WVV
aanspraak privévermogen A, afgescheiden van vermogen VOF; gaat hier om een
privéSE
2. Het kapitaal van een NV bedraagt 250.000 euro en wordt vertegenwoordigd door 1.000
aandelen.
Kapitaal 250.000 euro
Wettelijk reserve 50.000 euro
Beschikbaar reserve 120.000 euro
Totaal eigen vermogen 420.000 euro
Een aantal elementen die niet opgenomen zijn in de boekhouding, beïnvloeden nochtans
de waarde van de vennootschap in gunstige zin (o.m. de waarde van het cliënteel). Deze
worden gewaardeerd op een totaalbedrag van 80.000 euro.
Bereken de nominale waarde, de boekwaarde en de intrinsieke waarde van een aandeel
in deze NV (wetende dat alle aandelen een gelijke nominale waarde vertegenwoordigen).
nominale waarde: 250.000/1.000 = 250 € per aandeel
boekwaarde: 420.000/1.000 = 420 € per aandeel
intrinsieke waarde: 420.000 + 80.000/1.000 = 500 € per aandeel
3. De BV ABC heeft 6 aandeelhouders: Hicham, Elias, Louis, Dieter, Erik en Rozanne. Het
eigen vermogen bedraagt 240.000 EUR en ieder heeft 40.000 EUR ingebracht. Alle
aandelen hebben gelijke rechten. In de statuten staat: “De aandelen zijn vrij
1. A en B hebben samen een VOF opgericht (consultancykantoor).
a) De VOF ging destijds een lening aan bij de bank. Sinds een 6-tal maanden kan de VOF
de lening niet meer betalen. Welk(e) vermogen(s) kan de bank aanspreken? Leg uit.
SE zich verhalen op vermogen alle vennoten (hoofdelijk en persoonlijk op eigen
vermogen); op volledige vennootschapsvermogen
het vermogen van VOF
art. 4:14, eerste lid WVV
b) Zou jouw antwoord hetzelfde zijn mocht het gaan om een Comm V en A een stille
vennoot is? Leg uit.
nee, A is beperkt AS (op voorwaarde dat A geen daden van bestuur verricht art.
4:24 WVV)
art. 4:14, tweede lid WVV
SE verhalen op beherende vennoten (beperkt en hoofdelijk AS)
Stille vennoten beperkt AS ten belope van hun inbreng
c) A heeft een lening (privé) aangegaan bij de bank voor de aankoop van zijn
gezinswagen. Welk(e) vermogen(s) kan de bank aanspreken, mocht A de lening niet
kunnen betalen?
art. 4:15 WVV
aanspraak privévermogen A, afgescheiden van vermogen VOF; gaat hier om een
privéSE
2. Het kapitaal van een NV bedraagt 250.000 euro en wordt vertegenwoordigd door 1.000
aandelen.
Kapitaal 250.000 euro
Wettelijk reserve 50.000 euro
Beschikbaar reserve 120.000 euro
Totaal eigen vermogen 420.000 euro
Een aantal elementen die niet opgenomen zijn in de boekhouding, beïnvloeden nochtans
de waarde van de vennootschap in gunstige zin (o.m. de waarde van het cliënteel). Deze
worden gewaardeerd op een totaalbedrag van 80.000 euro.
Bereken de nominale waarde, de boekwaarde en de intrinsieke waarde van een aandeel
in deze NV (wetende dat alle aandelen een gelijke nominale waarde vertegenwoordigen).
nominale waarde: 250.000/1.000 = 250 € per aandeel
boekwaarde: 420.000/1.000 = 420 € per aandeel
intrinsieke waarde: 420.000 + 80.000/1.000 = 500 € per aandeel
3. De BV ABC heeft 6 aandeelhouders: Hicham, Elias, Louis, Dieter, Erik en Rozanne. Het
eigen vermogen bedraagt 240.000 EUR en ieder heeft 40.000 EUR ingebracht. Alle
aandelen hebben gelijke rechten. In de statuten staat: “De aandelen zijn vrij