Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 5 pages
Class notes

OM 1 kwalitatief: Alle hc's uitgewerkt met bijbehorende literatuur

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 5 pages

Duidelijke aantekeningen van de hoorcolleges met de bijbehorende literatuur erbij, ook tips en ezelsbruggetjes erbij.

Content preview

HC 1

politiek moet collectieve activiteit zijn (groepsverband) met verschillende gezichtspunten en
gezaghebbend beleid (moet erkend zijn dat deze ‘machthebbers’ beslissingen kunnen
maken)

Traditionele visie: alles wat met instituties vd staat te maken heeft (1e +2e kamer,
binnenhof)
Moderne visie: politiek bestaat ook buiten deze instituties (universiteiten, politie, zorg.. =
mensen in de praktijk)

gezag: alleen als deze als legitiem wordt ervaren

Weber 3 vormen van gezag:
1) traditioneel gezag (koningshuis, verzwakt qua belangrijkheid)
2) charismatisch gezag (persoonlijkheid machthebber)
3) rationeel legalistisch gezag (respect voor de regels.. een rechter heeft bv macht
omdat hij rechter is (instituties)

Steven Lukes
> hoe kun je bepalen wie macht heeft over wie?
verschillende manieren om macht uit te oefenen; (dus behoren niet tot 1 groep of partij, wel
kunnen meerdere punten gebruikt worden door een partij)

1) Wie trekt er aan het langste eind bij een conflict?
-> wie slaat er het beste in zijn standpunt door te drukken
hoe: 1: kijk naar subjectieve belangen op key issues (=beleidsvorming)
2: observeerbaar gedrag ( na kijken wie wat wil kijken naar hoe ze het proberen waar te
maken)
3: gedrag; besluitvorming (<- door te vergelijken wat beide partijen wilde en naar de
uiteindelijke uitkomst te kijken zie je wie heeft gewonnen)

2) wie heeft er controle over de politieke agenda?/ Agenda-setting
-> Wanneer je zorgt dat een onderwerp wel of niet besproken wordt in jouw gunst
hoe: 1: (subjectieve) belangen op potentiële issues
- verschil punt 1 -> belangrijk dat je ook moet kijken naar problemen die NIET op de
agenda zijn gekomen, of media

3) Wie beïnvloedt voorkeuren? (meest machtige)
-> je kan de voorkeuren van mensen beïnvloeden (denk aan bv propaganda)
latent conflict: mensen hebben belangen waar ze zelf niet bewust van zijn die tegen
belangen van machthebbers ingaan.
- vb: vrouwen blijven thuis om voor kids te zorgen, mannen laten hun denken dat dit
nodig is -> komt voort uit bepaalde gewoontes (terwijl een vrouw misschien ook wil
werken)

oude tradities/ opvattingen hebben ook te maken met hoe politiek macht kan uitoefenen ->
beïnvloedt namelijk de manier van denken

, Nationalisme: gevoel dat de eigen natie/ tradities etc behouden moeten worden (kan
extreem).
Ideologie: blauwdruk van hoe de samenleving eruit moet zien bestaande uit 3 componenten

Liberalisme: individualisatie, vrijheid, rationeel -> staat bemoeit zich niet meer met de
economie
Conservatisme: blijven bij traditie, pragmatisme (praktisch denken staat centraal, hiërarchie
-> christen-democraten : familie, normen en waarden etc.
socialisme: gelijkheid, gemeenschap, sociale klassen -> sociaal democraten, communisme

fascisme: extreme vorm van autoritair nationalisme: 1 partij/ persoon heeft alle macht zoals
(dmv uniform, extreem nationalisme, persoonlijke vijand bv hitler)

Anarchisme: streven naar een samenleving waarin mensen zonder hogere macht of
autoriteit leven ‘niemand heeft wat over me te vertellen’

feminisme: ontstond vanuit de wil om te stemmen voor vrouwen. gelijkheid en emancipatie
-> streven naar volwaardige plaats in de samenleving.

ecologisme: mens zou niet in het middelpunt moeten staan vd politiek maar de natuur.
Mens is onderdeel van groter ecosysteem.

kosmopolitisme: universele mensenrechten, er wordt verbondenheid met de mens in het
algemeen ervaren -> culturen kunnen dus samensmelten (iedereen kan met elkaar trouwen
bv)

populisme: relatie tussen goede volk en slechte elite staat centraal -> populist kiest kant
van het volk.

nativisme: minderheden worden duidelijk aangewezen -> politiek beleid dat belangen van
inheemse bevolking bevordert en boven die van immigranten zet. (racistische uitspraken,
anti vluchtelingen beleid)

Hobbes noemt dat politiek + overheid bestaat om de mens te beschermen

HC 2 + toevoegingen boek

Aristoteles maakte 6 typologieën ( vormen van politieke regimes bij elkaar)

Totalitarisme; heftigste vorm van autoritair regime -> mensen die het niet eens zijn worden
openlijk aangepakt + eigen ideologie (geld niet voor alle autoritaire regimes).

Directe democratie: burgers nemen zelf de politieke beslissingen (athene)
- vroeger volksvergaderingen nu referendum
voordeel: legitimiteit
nadeel: tirannie vd meerderheid (bv 70% stemt tegen religie.. dan vrijheid weg)

Document information

Study
Uploaded on
March 14, 2022
Number of pages
5
Written in
2020/2021
Type
Class notes
Professor(s)
Martijn
Contains
All classes
$8.11

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
12
Followers
11
Items
13
Last sold
2 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions