Jeugddelinquentie
recht
Hoofdstuk 4
45
, 5. Hoofdstuk 4 : het jeugddelinquentierecht
5.1 Inleiding
Wetten om minderjarige die misdrijf plegen te straffen
• Wet van 8 april 1965 : legt verschillende reacties vast die mogelijk waren op
misdrijven gepleegd door minderjarigen
→ Juridische basis voor het nemen van maatregelen voor minderjarigen die
MOF begaan
Waarom een MOF en geen misdrijf?
• Als misdrijf omschreven feit en geen misdrijf zelf
→ Minderjarigen kunnen door hun handelingsonbekwaamheid niet schuldig zijn
aan een misdrijf maar kunnen wel dat gedrag stellen
Tussen 1965 en 2014
• Juridische basis voor het nemen van maatregelen voor minderjarigen : federale
overheid maar concrete toepassing van maatregelen bij gemeenschap
Vanaf 2014
• Gemeenschappen krijgen bevoegdheid zelf jeugddelinquentie aan te pakken
2019 : de start van een Vlaams Jeugddelinquentierecht
• Mogelijke reacties op minderjarige die feiten pleegt : bevoegdheid van Vlaamse
Gemeenschap
• Traditioneel model verlaten : gaat nu voor model waar minderjarige
verantwoordelijkheid moet dragen voor zijn delict
Besluit van 2019 van de Vlaamse regering
• Decreet van 15 februari 2019 betreffende de jeugddelinquentie
• Besluit tot inrichting van de gemeenschapsinstellingen en tot de uitvoering van
diverse bepalingen van het decreet betreffende het jeugddelinquentierecht
46
, 5.2 Inleidende begrippen uit het jeugddelinquentierecht
Jeugddelict
= Een feit dat een minderjarige pleegt en dat in het Strafwetboek staat als een misdrijf
• Nieuwe begrip voor MOF
Minderjarige
= in het jeugddelinquentierecht is dit tussen 12 en 18 jaar voor het plegen van een
misdrijf
Minderjarige verdachte
= een minderjarige die men ervan verdenkt een jeugddelict te hebben gepleegd (=staat
nog niet vast)
Minderjarige delictpleger
= een minderjarige waarvan het vaststaat dat hij het misdrijf heeft gepleegd
Betrokken persoon
= een minderjarige verdachte/delictpleger/slachtoffer of ouder,
opvoedingsverantwoordelijke van verdachte/delictpleger/slachtoffer
Reactie
= overkoepelend term voor een maatschappelijk antwoord op een jeugddelict. Twee
soorten: maatregelen en sancties
Maatregel
Jeugdrechtbank = een (maatschappelijk) antwoord op een jeugddelict, in de voorbereidende fase
In voorbereidingsfase voorafgaand aan het proces bv. opleggen van voorwaarden
Sanctie
Jeugdrechtbank
= een (maatschappelijk) antwoord op een jeugddelict, tijdens het definitieve proces. bv.
Vanaf moment van plaatsing in gesloten begeleiding
zitting
De afhandeling
parket = de mogelijkheden die het parket heeft om te reageren na het vaststellen van een
jeugddelict bv. de seponering van een zaak.
47
, 5.2 Basisprincipes van het jeugddelinquentierecht
Kritiek 1
• Gaat te traag
• Tijd tussen het plegen van een delict en de daadwerkelijke actie van overheid duurt
veel te lang
Basisprincipe van de nieuwe wet om tegemoet te komen aan kritiek 1
• Jeugddelict snel vaststellen
• Snel een verantwoordelijke/dader vaststellen van het misdrijf
Kritiek 2
• Jonge daders begrijpen niet wat hen overkomt tijdens de procedure
→ Weten soms niet waarom ze er zijn en wachten tot ze naar huis mogen gaan
Basisprincipe van de nieuwe wet om tegemoet te komen aan kritiek 2
• Op elk moment van de procedure aan de jongere uitleggen welke regels ze hebben
overtreden
• Uitleggen in welke fase hij zich bevindt in de procedure
• Uitleggen wat de mogelijke volgende stappen in deze procedure zijn
Kritiek 3
• Er wordt geen rekening gehouden met de (wensen) van de slachtoffers
• Alternatieve maatregelen
Basisprincipe van de nieuwe wet om tegemoet te komen aan kritiek 3
• Herstel van de schade en herstel met de context
→ In alle stappen van de procedure
Kritiek 4
• Er wordt geen rekening gehouden met de maatschappij en wat gewone burgers van
het gedrag denken
Basisprincipe van de nieuwe wet om tegemoet te komen aan kritiek 4
• De ernst van he misdrijf is meebepalend voor de reactie en niet enkel de schade
• Belangrijk : het proberen voorkomen van herhaling
48