Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 76 pages
Summary

Samenvatting vroedkundige begeleiding 'bedreigde zwangerschap'

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 76 pages

Deze samenvatting geeft een duidelijk overzicht van verschillende soorten pathologie/gebeurtenissen die kunnen ontstaan tijdens de zwangerschap. de verschillende hoofdstukken zijn telkens onderverdeeld in: definitie, prevalentie, oorzaken, preventie, symptomen, diagnose, complicaties en beleid. je vindt er heel wat afbeeldingen in terug om de leerstof goed te kunnen begrijpen. Deze samenvatting helpt je met het begrijpen van de pathologie in de zwangerschap. Hierdoor kan je tijdens je stage meer aandacht besteden aan verschillende complicaties tijdens de zwangerschap.

Content preview

VROEDKUNDIGE BEGELEIDING

1. PRENATALE ZORG

1.1 INLEIDING

Het verlenen van prenatale zorg is gericht om de zwangere vrouw op te sporen
die specifieke zorg nodig hebben, zonder medicalisering in het fysiologisch
zwangerschap gebeuren.

Doelstellingen:

 GVO over gezonde levenswijze gedurende zwangerschap
 Aanwezige maternale ziekte opsporen
 Maternale complicaties opsporen, voorkomen en behalenden
 Foetale complicaties opsporen, voorkomen en behandelen
 Congenitale malformaties of ziektes opsporen
 De zwangere vrouw en haar partner voorbereiden op de veilige partus

Anamnese vormt de eerste stap in het verlenen van aangepaste prenatale zorg,
van preconceptionele zorg tot postnatale zorg. Volgende algemene aspecten
worden bevraagd en aangevuld met specifieke vragen om het vermoeden van
een aanwezige pathologie op te sporen

 Naam
 Geboortedatum
 Beroep
 GPA
 VBD
 Algemeen welbevinden
 Kindsbewegingen
 Moeheid
 Andere klachten
- Bloedverlies
- Buikpijn
- Pijn bij het plassen
- Hoofdpijn
- Epigastrische pijn
- Pijn in de onderste ledematen

Tot 30 weken zwangerschap vindt er maandelijks controle plaats.
tussen 30 – 37 weken zal er om de 3 weken een controle plaatsvinden en na deze
termijn elke week. Frequentie prenatale zorg afgestemt op de individuele
gezondheidstoestand van de zwangere




1

, 1.2 PRENATALE SCREENING EN DIAGNOSTIEK

= informeren over mogelijke kans van een aangeboren aandoening bij hun kind.
Deze kans kan bevestigd worden door prenatale diagnostiek aan te wenden,
zodat zij hun kunnen voorbereiden op de komst van hun kind met een
aangeboren aandoening of kiezen voor een zwangerschapsafbreking

Alle aspecten van het onderzoek dienen gecommuniceerd te worden net zoals
verwachten gevolgen, risico’s, alternatieven => mondelinge communicatie
aangevuld met schriftelijke communicatie

PRENATALE SCREENING

= echografisch toestel

- eerste echo => vaststelling zwangerschap en uitsluiten extra-
uteriene zwangerschap
- tussen 11- 13 weken => evolutie zwangerschap opvolgen en
screening naar syndroom van down door nekplooimeting
- Tussen 18 – 22 weken => gedetailleerd echografisch onderzoek naar
foetale ontwikkeling
- Derde trimester => foetale groei en ontwikkeling

= NIPT- Test (niet invasieve prenatale test)
=> terugbetaald en zorgt voor stijging prenatale screening

 Via bloedname zwangere => foetaal DNA bekijken
 Vanaf 12 weken voldoende aanwezig om eruit te filteren
 Trisomie 13, 18, 21
 Ouders kunnen aangeven om geslacht al dan niet te weten

Vrouwen beschouwen NIPT test als een normaal bloedonderzoek maar zijn niet
voorbereid op uitslag. Belangrijk om voldoende info erover te geven zodat de
ouders zelf kunnen beslissen of ze de test willen.

PRENATALE DIAGNOSTIEK

= Uitvoeren van een invasieve prenatale test waarbij foetaal weefsel wordt
onderzocht (cytogenetisch, biochemisch, enzymatisch of door middel van DNA-
onderzoek)

amniocentese Vlokkentest Cordocentese
Zwangerschapst 15 – 40 weken 11- 40 weken 20 – 40 weken
ermijn
Toegangsweg Transabdominaal Transabdominaal Transabdominaal
Transcervicaal
Type cellen Foetale Trofoblastcellen Leukocyten
fibroblasten en erytrocyten
epitheelcellen


 Amniocentese
= dunne naald onder echografische begeleiding in de amnionholte
gebracht worden => vruchtwater aspireren (20 – 30 ml)
echografische begeleiding = accidentieel aanprikken foetus, navelstreng of

2

, placenta voorkomen
<1% miskraam na onderzoek



 Chorionbiopsie
= chorionvlokken van het placentaweefsel weggenomen worden. ‘chorion’
is genetisch identiek aan foetus. Uitgevoerd onder echografische
begeleiding

 Cordocentese
= dunne naald onder echografische begeleiding transabdominaal
ingebracht worden en de navelstreng aanprikken om foetaal bloed te
aspireren.


1.3 VERLOSKUNDIGE INDICATIELIJST (VIL)

In Nederland werd de VIL ontworpen die optimale zorg aan zwangere en hun
partner waarborgt.
zwangeren met laag risico problemen => eerste lijn zorg
zwangere met hoog risico op problemen => tweede lijn zorg

CATEGORIEËN VIL

De categorieën zijn gerelateerd een de medische voorgeschiedenis

1) Pre- existentiële aandoeningen (niet gynaecologisch)
2) Pre- existentiële gynaecologische aandoeningen
3) Belaste obstetrische anamnese
4) Aandoeningen ontstaan vastgesteld in de zwangerschap
5) Aandoeningen ontstaan tijdens de partus
6) Aandoeningen ontstaan tijdens het postpartum

CODES VIL

= verwijzen naar welke zorgverlener en waar de zorg dient uitgevoerd te worden.
Er wordt een verloskundig beleid afgesproken dat tot optimale individuele zorg
leidt

A) Eerste lijnszorg
B) Overleg tussen eerste en tweede lijn (samenwerkingsakkoorden zijn
schriftelijk bepaald)
C) Tweede lijnszorg
D) Verplaatste eerste lijnzorg (vroedvrouw begeleidt ijn het ziekenhuis)


1.4 MORBIDITEIT & MORTALITEIT

NEONATALE MORBIDITEIT

Frequentere opnames op de NIC van neonaten met gewicht < 1500 gram en
onder 32 weken
=> reden is inburgering van de antenatale of intra- uteriene transfer



3

, Meest frequente reden voor opname zijn:

 Preterme geboorte
 Respiratoire disfunctie
 Laag




geboortegewicht

À terme neonaten met geboortegewicht van minstens 2500 gram verblijven
gemiddeld 6 dagen op NIC; prematuren hebben een opnameduur met de à terme
leeftijd



NEONATALE MORTALITEIT

Er wordt pas over perinatale sterfte gesproken bij geboorte minstens 500 gram.
Het sterftepercentage is bij tweeling 3X hoger dan bij eenling




MATERNALE MORBIDITEIT

Er is een toenemende belangstelling om de maternale morbiditeit mee op te
nemen als kwaliteitsparameter van de geboden verloskundige zorg. Maternale
morbiditeit verwijst naar bepaalde pathologie die gezien wordt onder zwangere.

MATERNALE MORTALITEIT

4

Document information

Study
Uploaded on
September 11, 2021
Number of pages
76
Written in
2021/2022
Type
Summary
$13.58

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
11
Followers
4
Items
0
Last sold
3 year ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions