Tot wat voor schade en slachtofferschap leidt criminaliteit?
Victimologie – wetenschap die zich bezighoudt met slachtoffers
Hoofdthema’s
- Risicokenmerken (nabijheid, aantrekkelijkheid, kwatsbaarheid, blootstelling) en eigen rol
van slachtoffers (bepaalde omstandigheden vergroten risico)
- Materiële en immateriële gevolgen (schade)
- Reacties: hulpverlening en slachtofferzorg
- Meer dan criminaliteit (ook verkeersongevallen, natuurrampen, oorlogen, medische
fouten)
Victimologisch onderzoek – kennis over slachtoffers te krijgen
- Kwantitatief – onderzoek met cijfers en grote groepen mensen
Slachtofferenquêtes
International crime victims survey
Monitor bedrijven en intstellingen (onderzoek naar criminaliteit met bedrijven als
slachtoffer)
- Kwalitatief – ervaring slachtoffer centraal
Interviews
Gesprekken
Observaties
Slachtofferschap
- Primaire slachtoffers – personen die rechtstreeks schade ondervinden van een misdrijf of
de nabestaanden van deze persoon
- Secundaire slachtoffers –hulpverleners of omstanders slachtoffer
- Tertiaire slachtoffers – personen die schade ondervinden van de in hun omgeving
geplaagde criminaliteit, omdat ze zich hierdoor persoonlijk in ernstige mate onveilig of
bedreigd voelen (bijv. bejaarden die hun huis niet uit durfen --> prisoners of fear)
, Collectief slachtofferschap (grote hoeveelheden mensen tegelijk slachtoffer, moeilijk
te individualiseren, bij bijv. hacken van een bedrijf als persoonsgegevens van klanten
worden verkocht)
Veiligheidsbeleving (relatie tussen tertiaire slachtofferschap en veiligheid)
- Slachtofferloze delicten (wel daderschap) --> discussie want wel indirect slachtofferschap,
of bijv. schade aan openbare orde
Ook mogelijk om slachtoffer te zijn van ongelukken of natuurrampen, wel slachtofferschap, niet
daderschap
Gevolgen van slachtofferschap
- Materiële schade
Financiële schade burgers
Financiële schade bedrijven
Uitgaven sociale veiligheid (indirect gevolg van criminaliteit)
> Direct en indirecte kosten
- Immateriële schade
Lichamelijk letsel
Emotionele of psychische schade
Posttraumatisch stresssyndroom – flashbacks, angsten, herbeleving,
vermijdingsgedrag, verhoogde prikkelbaarheid
Sociale gevolgen (slachtoffers van criminaliteit ondervinden negatieve gevolgen voor
rest van hun leven op verschillende levensdomeinen, bijv. school, werk of relaties)
Verschil in veerkracht (vermogen om na gebeurtenis weer goed te functioneren) en
weerbaarheid (verschil van slachtoffer tot slachtoffer, een meer hulp nodig dan
ander)
Posttraumatic growth – positieve effecten van slachtofferschap, zoals zich sterk
maken voor financiële steun voor andere slachtoffers, grotere waardering voor het
leven, nieuwe levensdoelen (bijv. #MeToo)
Onveiligheidsbeleving
- Objectieve en subjectieve onveiligheid
Objectief – werkelijke risico om slachtoffer te worden (gemeten met cijfers)
Subjectief – gevoel van veiligheid (iemand kan zich onveilig voelen terwijl kans op
slachtofferschap klein is)
- Fear of crime – angst of slachtoffer te worden (komt niet altijd overeen met
daadwerkelijke risico)
- Fear-victimisation-paradox
Mensen die minst risico lopen om slachtoffer te worden zijn het bangst
Oudere vrouwen hebben meer angst, jonge mannen minder, maar zij lopen
statistisch gezien meer risico