Hoorcollege 18-11-2025
Vrouwe Justitia: personificatie van het recht
Plaats van het strafrecht; 2 rechtsgebieden, publiek recht en privaat recht
Strafrecht;
• Publiek recht
• Het deel van het recht waarin geregeld wordt welke handelingen strafbaar zijn en
welke straffen daarop staan.
Doel strafrecht:
• Handhaven van de openbare orde
• Bescherming van de samenleving door het stellen van grenzen aan wat wel en
niet toegestaan is
• Straffen heeft als doel vergelding en preventie
Hoe?
• Handhaven van normen, die uit strafbepalingen voortvloeien
• Veelal door opleggen sanctie à sanctie heeft als doel vergelding
(leedtoevoeging) en preventie
Preventie;
• Generale preventie à samenleving af te schrikken door iemand die een
strafbaar feit aan heeft gegaan een sanctie te geven.
• Speciale preventie à gericht op een individu zelf, hoe zit de persoon in elkaar?
Verschillen materieel strafrecht en formeel strafrecht
Materieel strafrecht:
• Welke gedragingen zijn strafbaar en welke sancties moeten volgen
• Het wetboek van strafrecht
• Bijzondere wetten; Wegenverkeerswet, Opiumwet en Wet wapens en munitie
Formeel strafrecht (Strafprocesrecht):
• Voorschriften voor uitvoering strafrechtelijke procedure
• Wetboek van strafvordering
• Bijzondere wetten; Wegenverkeerswet, Opiumwet en Wet wapens en munitie
,Soorten strafbare feiten;
• Misdrijven; Boek 2 Wetboek van Strafrecht à worden in de rechtbank
besproken, staat altijd gevangenisstraf
• Overtredingen: Boek 3 Wetboek van Strafrecht à gaan naar de kantonrechter,
hiervoor krijg je alleen een geldboete of hechtenis
• Gronddelicten; de basisdelicten
• Gekwalificeerde delicten; straf is ernstiger dan het gronddelict en zwaardere
strafbedreiging bijv. diefstal d.m.v. braak
• Geprivilegieerde delicten; straf is lichter dan het gronddelict en lagere
strafbedreiging, bijv. art. 290 Sr
Formele delicten; de handeling wordt strafbaar gesteld
• Commissiedelicten; stellen een bepaalde handeling strafbaar; bijv. diefstal,
iemand neemt een goed weg
• Omissiedelicten; stellen een nalaten strafbaar, bijv. art. 136 Sr
Materiele delicten; het gevolg wordt strafbaar gesteld
Functioneel daderschap: rechtspersonen, zoals bv’ s of nv’ s kunnen strafbare feiten
plegen.
Rechtvaardigingsgrond:
Elementen: de onderdelen waaruit een delictsomschrijving bestaat
, Strafrecht
Werkcollege Oefenvragen 19-11-2025
2. Christina wordt door 2 klasgenoten na schooltijd aangesproken op het schoolplein.
De discussie gaat over het maken van de groepsopdracht voor het practicum op school.
Christina vindt dat zij al genoeg gewerkt heeft aan de opdrachten, maar de klasgenoten
zijn het daar niet mee eens. Het gesprek loopt uit op een ruzie. In woede duwt een van
de klasgenoten Christina hard naar achter. Christina struikelt hierdoor en valt tegen de
scooter van haar leraar Nederlands aan. De scooter raakt hierdoor beschadigd. Kan
men stellen dat Christina zich hierdoor schuldig heeft gemaakt aan strafbare vernieling
(art. 350 Sr)? Toets aan de 4 voorwaarden.
a. Ja, er wordt aan alle voorwaarden voor strafbaarheid voldaan
b. Nee, er is geen sprake van een menselijke gedraging
c. Nee, het gedrag is niet verwijtbaar
3.Welke stelling is juist?
a. het formele strafrecht bevat alle strafbepalingen
b. het formele strafrecht is uitsluitend geregeld in het wetboek van strafvordering
c. het formele strafrecht bepaalt welke regels gevolgd moeten worden wanneer een
norm van het materiële strafrecht is overtreden
4.In welke twee categorieën worden strafbare feiten ingedeeld in het Wetboek van
Strafrecht?
a. In formele delicten en materiele delicten
b. In omissiedelicten en commissiedelicten
c. In misdrijven en overtredingen