zwijgen is goud (samenvatting handboek ethiek & deontologie)
1. DISCRETIEPLICHT EN AMBTSGEHEIM
Discretieplicht: id rechtsleer omschreven als ‘de verplichting om bij het uitoefenen van een
functie/ambt geen gegevens vrij te geven aan anderen dan diegenen die gerechtigd zijn er kennis
van te nemen’
• Bijvoorbeeld: als werknemer geen fabrieksgeheimen, zakengeheimen of geheimen in
verband met vertrouwelijke/persoonlijke aangelegenheden, verkregen bij de uitoefening
van een functie, bekendmaken
• Ambtenaren hebben op hun beurt ambtelijke discretieplicht = ambtsgeheim
o Ambtsgeheim: een algemene gedragsnorm die ambtenaren verbiedt om op
eigen initiatief mededelingen te doen over zaken die zij tijdens hun ambt
vernomen hebben & waarvan openbaarmaking niet voorgeschreven/toegelaten is
• Discretieplicht geldt voor: alle informatie die niet bedoeld is om bekend te worden
gemaakt buiten de dienst/organisatie → informatie moet niet persé ‘geheim’ zijn, niet
persé klant-patiënt-cliënt-gegevens, wel bv. ook procedures en info over collega’s,
manier waarop je info hoort maakt niet uit (baas vs wandelgangen)
1.1. JURIDISCH KADER
Discretieplicht kan niet teruggebracht worden tot één wettelijk kader (BG wel)
• = gemeenschappelijke noemer voor allerhande verplichtingen die door overheid,
beroepsorganisaties of particulieren wordt opgelegd
o = zeer ruim toepassingsgebied: zowel wet, deontologische code,
arbeidsreglement als contractuele overeenkomst
• Volstaat dat 2 partijen overeenkomen dat bepaalde informatie niet openbaar wordt
gemaakt (onmogelijk om volledig overzicht te geven)
o Contractuele discretieplicht: absolute minimum
• Algemene categorieën van actieve bevolking: werknemers, ambtenaren, zelfstandigen,
stagairs en vrijwilligers
o Werknemers: behoren tot de grootste categorie die aan discretieplicht moet
houden
▪ Op grond van wettelijke bepaling (Artikel 17 wet betreffende de
arbeidsovereenkomsten): bepaling heeft ruim personeel
toepassingsgebied => gericht op zowel werknemers privésector als op
contractueel overheidspersoneel
• M.a.w. = iedereen tewerkgesteld via arbeidsovereenkomst =
onderworpen aan een discretieplicht
• Discretie + andere eisen vertrouwelijkheid kunnen worden opgelegd via
arbeidsreglement & evt deontologische codes
Artikel 17 wet betreffende de arbeidsovereenkomsten
➔ Zie P.164
Zowel gedurende als na het beëindigen overeenkomst houden aan geen geheimen bekend te
maken
,Ambtenaren moeten zich houden aan ambtsgeheim
= afhankelijk van statuut is dicretieplicht opgenomen in andere wetgeving
• Gemeentepersoneel = Gemeentedecreet
• Werknemers provincie, de Vlaamse of federale overheid = vooral Provinciedecreet, het
Besluit Rechtspositie Personeel en het KB Statuut Rijkspersoneel
Ookal is er geen expliciete wettelijke verplichting, toch aanname dat discretieplicht geldt
• DP om die reden opgenomen in deontologische codes van SAW die als ambtenaar
tewerkgesteld zijn, bv. politie of psychosociale begeleiding in gevangenissen, lkr cellen
llnbegeleiding, als professionals in gemeenschapsinstellingen, ...
o Uitzondering = contractuelen in overheidsdienst: voor hen gelden eerder
vermelde bepalingen voor werknemers
Discretieplicht voor stagiairs?
Voor stagiairs en vrijwilligers = discretieplicht contractuele verplichting, opgenomen id
vrijwilligers- of stageovereenkomst
• Regel: taken opnemen van een professional waaraan plicht tot vertrouwelijkheid is
verbonden = aan dezelfde verplichtingen onderworpen als professional
o Idem bij beroepsgeheim
Ook zelfstandigen kunnen onderworpen zijn aan DP
• Via deontologische code of contractuele discretieplicht
• SAW: dienstverlenende beroepen zoals bemiddelaars/sociaal tolken kunnen op
zelfstandige basis werken
_______
1.1.1. Spreekplicht
Discretieplicht zwijgplicht
• WEL = een niet strafrechtelijke sanctioneerbare plicht tot discretie ( BG veronderstelt
zwijgplicht)
o Gevolg = DP minder krachtig en minder garantie voor vertrouwelijkheid ( BG
biedt wel garantie)
Geen zwijgplicht = geen zwijgrecht → aantal verplichtingen tot spreken verbonden aan DP
• Tav leidinggevenden en collega’s DP
o Redenering: DP enkel bedoeld om informatie binnen de muren vd
dienst/organisatie te houden
• Beschikken over informatie die belangrijk is voor functioneren dienst/organisatie =
verplicht om deze uit te wisselen
o = interne rapportageplicht
• Ook spreekplicht bij bewijsvoering in rechte: wnr iemand die enkel gebonden is aan DP
wordt opgeroepen om te getuigen voor een rechter dan kan die zich niet beroepen op
zwijgrecht → verplichting eed af te leggen en/of stukken voor te leggen
o Tav politie/parket kan men zich wel beroepen op DP om niet mee te werken
aan onderzoek, maar er geldt sws geen actieve medewerkingsplicht voor burgers
• Ook ambtelijke en private aangifteplicht als er sprake is van een misdrijf (Zie 4.3.1.)
• Spreekplicht wanneer de integriteit en/of veiligheid van een cliënt of andere personen
in gedrang komt
,Informatie die onder discretieplicht valt kan bekendgemaakt worden op grond van de
noodtoestand
• = rechtvaardigingsgrond voor gevallen van een actueel, zeker en ernstig gevaar voor een
hoger belang en waar informatie bekend maken enige manier is om gevaar af te wenden
o Link met schuldig(hulp)verzuim (Zie 4.3.3.)) of morele verplichting voor elke
burger om hulp te verlenen aan een persoon in groot gevaar (zonder zichzelf of
anderen in gevaar te brengen)
▪ Niet doen = kan veroordeeld worden SVZ
➔ Spreekverplichtingen kunnen vervat zitten id deontologische codes, arbeidsreglementen en
overeenkomsten
1.1.2. Gevolgen van een schending
Wie bewust of uit nalatigheid informatie waarvoor discretie vereist is bekendmaakt aan anderen
dan degenen die gerechtigd zijn er kennis van te nemen = schending DP
• Gevolg = evt arbeidsgerechtelijke, burgerrechtelijke en tuchtrechtelijke sancties
o Arbeidsrechtelijke sancties: worden bepaald in arbeidsreglement, gaande van
een blaam tot schorsing of zelfs ontslag (kan evt betwist worden
arbeidsrechtbank)
o Burgerrechtelijke sancties: gaat over aansprakelijkheid die door een rechter
beoordeeld wordt adhv het zorgvuldigheidscriterium = gekeken of persoon
gebonden door DP zich heeft gedragen als een ‘redelijk en verantwoordelijk’
persoon (zie volgend kader)
o Tuchtrechtelijke sancties: worden uitgesproken door een verantwoordelijke
tuchtoverheid, gesteld dat die er is, zoals bij artsen en psychologen
De ‘goede huisvader’ als overblijfsel van het patriarchaat
In 2021 werd in gemoderniseerd Burgerlijk Wetboek (BW) de notie ‘goede huisvader’ vervangen
door genderneutrale ‘voorzichtig en redelijk persoon’
• Notie = alomtegenwoordig en stamt uit de napoleontische tijd: vaders toen
onbetwistbare baas van gezin en beschouwd als toetssteen van ‘verantwoordelijk
gedrag’
o Wijziging BW = ontdoen van patriarchale karakter
▪ Ander voorbeeld = niet automatisch achternaam vader sinds 2014
➔ Inhoudelijk veranderen wijzigingen NIETS = symbolische kwestie
2. DISCRETIE ALS DEUGD VOOR SOCIAAL-AGOGISCH WERKERS
DP en ambtsgeheim = plicht ih voordeel van een onderneming of organisatie
• DP BG: DP kan geen noodzakelijk vertrouwen garanderen naar de cliënt en kan daarom
geen goede basis zijn voor hulpverleners
o DP bij SAW behelst meer dan wat de discretieplicht probeert te beschermen
➔ Peter Venmans: pleidooi om discretie ruim genoeg te zien → als deugd die 4 vormen
aanneemt:
1. Bescheidenheid: een saw is gereserveerd over zichzelf en vertelt niet alles wat in hem
opkomt, verhaal cliënt centraal
2. Het niet toegeven aan nieuwsgierigheid: een aan de wil (drang) tot weten. Vaak speelt
ook handelingsverlegendheid mee: zoveel mogelijk te weten komen van cliënt biedt de
, valse veiligheid dat ook een handeling beter is. Toch noodzakelijk dat af te remmen, uit
respect privacy cliënt → niet omdat je alles te weten kan komen dat dit ook nodig is
3. Het niet doorvertellen: dit kunnen we linken aan het BG en het noodzakelijke
vertrouwen in de hulpverlening → wat je te weten komt over een cliënt, daar hebben
buitenstaanders geen zaken mee
4. Watch-ful waiting: discretie is dat wat je doet, maar vooral wat je nalaat te doen (dus
wat je niet doet) → niet omdat je iets kunt doen dat je het moet doen!! Dit toont
noodzaak aan van discretionaire ruimte: om te kunnen observeren en wachten = ruimte
noodzakelijk waarin saw kan overwegen en beslissen
Discretie = deugd die voortkomt uit onderscheidingsvermogen en terughoudendheid
• Onderscheidingsvermogen: we kunnen als saw een onderscheid maken tss goed &
kwaad en dat we situaties proberen in te schatten met tact & empathie
o Koppelen aan discretionaire macht = de macht om zelf te oordelen en te
beslissen in gevallen waarin niet in de wet voorzien is
• Terughoudendheid: een discrete persoon is behoedzaam en gereserveerd & hangt altijd
samen met onderscheidingsvermogen: zonder meer terughoudend te zijn, kan immers
ook laf zijn... → altijd bewuste keuze maken tss interveniëren en afstand bewaren
➔ Discretie kan dan wel door wetgever erkend worden MAAR eigenlijke invulling gebeurt door
sociale professional zelf
• ‘Wat we moeten weten is waar we “stop!” moeten zeggen en wanneer morele keuzes
noodzakelijk zijn, wanneer we moeten verschijnen ipv verdwijnen.’ (Venmans)
2.1. DE NOODZAAK VOOR EEN DISCRETIONAIRE RUIMTE
Discretie als deugd opnemen ih arsenaal van saw vraagt om voldoende discretionaire ruimte
• Discretionaire ruimte: elke professional heeft DR = een bepaalde mate van
bevoegdheid en autonomie binnen een beroep
o DR – sociaal agogische veld: dr als de een-opeenverhouding tss één cliënt en één
beroepsbeoefenaar
▪ = mogelijkheid om een plaats te maken waar mensen kunnen zeggen wat
er ECHT gaande is
▪ Bepaalt grenzen, waar anderen moeten buiten blijven → ‘discretionair’
omdat je als saw de enige bent die in die ruimte bevoegd is
▪ Het verleent saw een professionele deskundigheid = overweeg- en
beslissingsruimte, maar tegelijk de kans om deze professionele
deskundigheid te blijven ontwikkelen
DR als begrip onder de aandacht door Michael Lipsky: analyseerde in 1980 het werk van wat hij
street level bureaucrats noemt
• Street level bureaucrats: verwijst met term nr professionals die rechtstreeks contact
hebben met cliënten: bv. lkr, politiemensen, saw
o Discretionaire ruimte – Lipsky = ruimte die professionals krijgen of nemen om
binnen de grenzen van de wet goed te handelen → handelingen wijken soms af
van procedures en regels die door overheid/beleid vd organisatie zijn
voorgeschreven
▪ Bijvoorbeeld: medewerker CLB die jongere vergezelt tijdens intake bij
residentiële JH, hulpverlener die dossier en gegevens ouders invult