Begrippen, vergelijkingen en toepassing op casussen.
Leesadvies: begin met de rode draad, gebruik daarna de tentamenmachine voor actieve
herhaling.
Inhoud
1. Tentamenstrategie
2. De grote rode draad
3. Module 1: Rechtsgeldigheid
4. Module 2: Legitimiteit
5. Module 3: Burgerlijke ongehoorzaamheid
6. Tentamenmachine
7. Laatste avond en controle
Hoofdstuk 0 — Tentamenstrategie
Doel: deze Studieoverzicht bundelt de cursus Rechtsfilosofie A tentamengericht. De nadruk
ligt op begrippen, verbanden, vergelijkingen en toepassing op casussen.
0.1 Tentamenopzet
Onderdeel Wat betekent dit voor leren?
25 meerkeuzevragen Begrippen scherp onderscheiden en auteurs
herkennen.
Open opgave met deelvragen Antwoorden structureren volgens theorie →
toepassing → conclusie.
Geen gokkanscorrectie Altijd antwoorden, maar eerst alle opties lezen.
Beide delen tellen 50% Niet alleen stampen; toepassing en formulering zijn
net zo belangrijk.
0.2 Wat toetst Nora?
Vraagtype Voorbeeld Wat moet je doen?
Definitie Conceptueel vs normatief; Exact begrip kennen.
legaliteit vs legitimiteit
Citaat “The existence of law is one Auteur en positie herkennen.
thing...”
Vergelijking Hart vs Radbruch; Hobbes vs Verschil in één zin kunnen zeggen.
Rousseau
Casus Antigone, Urgenda, XR, staatlozen Theorie toepassen, niet je eigen
mening geven.
1
, 0.3 Open-vraagformule
1. Theorie: leg auteur/theorie precies uit.
2. Toepassing: verbind de theorie met concrete feiten uit de casus.
3. Conclusie: antwoord expliciet op de vraag.
0.4 Centrale onderscheidingen
Onderscheid Betekenis
Conceptueel / normatief Wat iets is / hoe iets moet zijn of hoe men moet
handelen.
Legaliteit / legitimiteit Behoort tot het recht / verdient gehoorzaamheid of
aanvaarding.
Rechtsgeldigheid / rechtvaardigheid Juridisch geldig / moreel juist.
Formeel / substantieel Vorm en procedure / inhoudelijke eisen zoals rechten.
Hoofdstuk 1 — De grote rode draad
De cursus stelt uiteindelijk één vraag: waarom en wanneer moeten wij de wet
gehoorzamen?
1.1 Antigone als begin en einde
Antigone toont de botsing tussen menselijke wet en hogere norm. Kreon staat voor orde, staat
en positieve wet; Antigone staat voor familie, goddelijke plicht en een hogere norm. De
tragedie is geen uitgewerkte rechtsfilosofie, maar een startpunt waarin alle latere spanningen
al zichtbaar zijn.
Antigone Kreon
Hogere/onbeschreven norm Positieve menselijke wet
Moraal, goden, familie Stad, gezag, orde
Voorloper natuurrechtelijke intuïtie Voorloper rechtspositivistische intuïtie
1.2 Module 1: rechtsgeldigheid
De vraag is: wanneer is iets recht? Natuurrechtsdenkers koppelen rechtsgeldigheid aan een
hogere morele/natuurlijke orde. Rechtspositivisten scheiden de vraag of iets recht is van de
vraag of het rechtvaardig is.
1.3 Module 2: legitimiteit
Daarna verschuift de vraag: zelfs als recht geldig is, waarom zouden we het accepteren? Dit
leidt naar rechtsstaat, mensenrechten, democratie en constituerende macht.
2