Omgevingsrecht is het geheel van wet- en regelgeving dat de fysieke leefomgeving reguleert.
Het is essentieel om het te reguleren, dit zorgt voor een veilige, gezonde en duurzame
omgeving. Het balanceert het benutten van ruimte met de bescherming ervan.
Bronnen van omgevingsrecht
Het omgevingsrecht is onder andere geregeld in de omgevingswet, dit is een raamwerk
(regelt dus bevoegdheidsbepaling en uitleg van instrumenten). Art 1.2 lid 1 ow bepaald dat
deze wet gaat om :
a. De fysieke leefomgeving, en
b. Activiteiten die gevolgen hebben of kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving
Wat onder ‘fysieke leefomgeving valt’, is moeilijk af te bakenen, in art 1.2
lid 2 Ow is bepaald dat fysieke leefomgeving in ieder geval omvat:
bouwwerken, infrastructuur, watersystemen, water, bodem, lucht,
landschappen, natuur, cultureel erfgoed en werelderfgoed
Naast dat de omgevingswet dus regels geeft voor het omgevingsrecht, zijn er meer bronnen.
Dit zijn dan dus volgende:
1. Een wet: omgevingswet
2. Ministeriële regeling: omgevingsregeling
3. Loket: digitaal stelsel omgevingswet (DSO)
4. Algemene maatregelen van behoorlijk bestuur:
1) Besluit activiteiten leefomgeving (bal): dit gaat om milieubelastende activiteiten
2) Besluit bouwwerken leefomgeving (bbl): alle regels over gebouwen, geldt voor
iedereen en dus ook burgers en bedrijven
3) Besluit kwaliteit leefomgeving (bkl): staan regels in voor overheden
4) Omgevingsbesluit: geldt alleen voor andere overheden
Wetgeving Inhoud
Omgevingswet 1. De belangrijkster basisregels (bijvoorbeeld over de reikwijdte van de
(ow) wet en over de belangrijkste instrumenten en het DSO)
2. Procedures
3. Handhaving
4. Rechtsbescherming
5. Financiële bepalingen
Omgevingsbeslui Uitwerking van de algemene regels uit de omgevingswet. Het
t (ob) omgevingsbesluit geeft met name regels over bevoegdheden en procedures
(meer gedetailleerde uitwerking van de hoofdlijnen: meer algemene en
procedurele bepalingen)
Besluit kwaliteit Richt zich vooral tot de hoofdspelers (overheden). Hierin vinden we de
leefomgeving (inhoudelijke) regels over de uitoefening van de verschillende instrumenten
(bkl) en vinden we meer terug over de onderlinge verhoudingen tussen de
verschillende hoofdrolspelers
Besluit De algemene rechtstreeks werkende rijksregels die concreet aangeven waar
activiteiten burgers en bedrijven zich aan moeten houden wanneer ze activiteiten in de
leefomgeving fysieke leefomgeving willen verrichten. Het besluit activiteiten leefomgeving
(bal) gaat vooral over milieubelastende activiteiten (mba’s) en wateractiviteiten
Besluit Algemene regels (voor overheden en burgers) over onder meer de veiligheid,
bouwwerken gezondheid, duurzaamheid, bruikbaarheid en toegankelijkheid van
leefomgeving bouwwerken, gaat dus vooral over activiteiten met betrekking tot
(bbl) bouwwerken
,Omgevingswet
De omgevingswet is dus 1 van de bronnen van het omgevingsrecht, volgens de wetgever
heeft de omgevingswet 4 verbeterdoelen (vermeld in de memorie van toelichting):
1. Het vergroten van de inzichtelijkheid, voorspelbaarheid en het gebruiksgemak: de
wet zorgt voor een enorme sanering van regels door 26 wetten te bundelen in éen
wet en 120 AMvB’s terug te brengen naar slechts vier centrale besluiten
2. Het bewerkstelligen van een samenhangende benadering: de wet streeft naar een
integrale aanpak van de fysieke leefomgeving in zowel het beleid, de besluitvorming
als de regelgeving
3. Het vergroten van de bestuurlijke afwegingruimte: overheden krijgen meer
flexibiliteit om een fysieke en flexibele aanpak te kiezen die past bij de lokale
behoeften en specifieke doelen voor de leefomgeving
4. Het versnellen en verbeteren van de besluitvorming: procedures voor projecten in de
fysieke leefomgeving moeten efficiënter verlopen, zodat besluiten sneller en met een
hogere kwaliteit genomen kunnen worden
Spelers in het omgevingsrecht
Binnen het omgevingsrecht heb je een aantal hoofdspelers:
1. Rijk: houdt zich bezig met nationale belangen en stuurt vooral op grote lijnen aan
2. Provincies: schakelniveau tussen rijk en gemeenten, zij gaan over regionale belangen
en zij zorgen voor afstemming tussen gemeenten
3. Gemeenten: de belangrijkste speler in de praktijk en gaat over de lokale
leefomgeving
4. Waterschappen: is een gespecialiseerd bestuursorgaan (over de dijken)
Het uitgangspunt van de omgevingswet is: decentraal, tenzij (beslissingen zo laag mogelijk
genomen (lokaal), tenzij dit niet kan)
Beleidscyclus
Binnen het omgevingsrecht heb je een beleidscyclus, dit laat zien dat een beleid geen
eenmalige actie is, maar een doorlopend proces. Dit heeft 4 fases:
1. Beleidsontwikkeling: hier wordt bepaald wat de doelen zijn voor de leefomgeving, dit
gebeurt via een omgevingsvisie (een strategisch document met lange termijn
ambities)
2. Beleidsdoorwerking: de visie wordt concreter gemaakt in programma’s, dit zijn
plannen met maatregelen en acties om de doelen te bereiken
3. Beleidsuitvoering: de regels worden uitgevoerd via regels, vergunningen en
projectbesluiten. Dit is de fase waarin het beleid zichtbaar wordt in de praktijk
4. Terugkoppeling: er wordt gekeken naar hoe en of het beleid werkt, dit wordt gedaan
via monitoring, evaluatie en toezicht. Op basis hiervan wordt beleid bijgestuurd en
begint de cyclus weer opnieuw
, Kerninstrumenten
Met de cyclus heb je dus een aantal kerninstrumenten:
1. Omgevingsvisie: strategische en integrale langetermijnvisie op de fysieke
leefomgeving. Dit is verplicht voor het rijk, de provincie en de gemeente
2. Programma’s: programma’s maken de doelen van de omgevingsvisie concreet. Indien
nodig met een programmatische aanpak
3. Decentrale regels: elk bestuursorgaan heeft een gebied dekkende regeling met alle
regels voor de fysieke leefomgeving
4. Algemene rijksregels: algemene rijksregels voor activiteiten beschermen de
leefomgeving, initiatiefnemers weten hierdoor vooraf wat de mogelijkheden zijn en
hoeven geen vergunning aan te vragen
5. Omgevingsvergunning: een omgevingsvergunning is alleen nodig als de algemene
rijksregels niet voldaan. Deze kan worden aangevraagd bij 1 loket
6. Projectbesluit: een projectbesluit is nodig. Voor ingrijpende en ingewikkelde
projecten waarbij een publiek een belang speelt
Omgevingsvisie
Kort gezegd is een omgevingsvisie een integrale visie met strategische hoofdkeuzes van
beleid voor de fysieke leefomgeving voor de lange termijn. Je hebt een aantal
omgevingsvisie en bijbehorende programma’s:
1. Nationale omgevingsvisie (NOVI): hierbij is de minister van binnenlandse zaken (in
overeenstemming met de andere ministers die het aangaat) bevoegd tot gezag
2. Provinciale omgevingsvisie (POVI): hierbij is de provinciale staten bevoegd tot gezag
3. Gemeentelijk omgevingsvisie (GOVI): hierbij is de gemeenteraad bevoegd tot gezag
Een omgevingsvisie bestaat uit 3 verplichte onderdelen op grond van art 3.2 ow, dit zijn de
volgende:
1. Een beschrijving van de hoofdlijnen van de huidige kwaliteit van de fysieke
leefomgeving (hoe is het nu?)
2. De hoofdlijnen van de voorgenomen ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de
bescherming en het behoud van het grondgebied (wat doen we nu en wat willen we
gaan doen?)
3. De hoofzaken van het voor de fysieke leefomgeving te voeren integrale beleid (hoe
gaan we dat doen?)
Een omgevingsvisie heeft de volgende procedure:
1. Totstandkoming: art 16.23 jo. 16.26 Ow, in art 16.26 ow wordt afdeling 3.4 AWB van
toepassing verklaard
2. Bekendmaking: art 16.77b Ow jo. art 3:42 AWB jo. art 5 jo. 6 Bekendmakingswet
3. Inwerkingtreding: art 3:40 AWB, een besluit treedt in werking na bekendmaking
4. Herzieningsplicht: de omgevingswet kent geen harde wettelijke termijn, wel geldt (1)
de visie moet actueel blijven, en (2) bestuursorganen hebben een zorgplicht om deze
aan te passen bij nieuwe ontwikkelingen
5. Rechtsbescherming: tegen een omgevingsvisie staat geen beroep open bij de
bestuursrechter, het is namelijk een beleidsdocument en niet direct bindend voor
burgers, pas bij concrete besluit genomen met dit beleid staat er beroep open
De omgevingsvisie is een overgangsrecht, gemeenten hadden nog geen
verplichte omgevingsvisie op dag 1 van de omgevingswet, hierom is het
overgangstermijn tot 1 januari 2027