Voortplanting
= het voortbrengen van nakomelingen
→ noodzakelijk voor het voortbestaan van de soort
Ongeslachtelijke voortplanting
● Zonder partner
● Via mitose
● Nakomelingen zijn genetisch identiek (klonen)
Voordelen
● Snel
● Weinig energie
● Veel nakomelingen
Nadelen
● Geen genetische variatie
● Kwetsbaar voor milieuveranderingen
Geslachtelijke voortplanting
● Met twee ouders
● Versmelting van haploïde geslachtscellen (gameten)
● Vorming van diploïde zygote
Voordelen
● Genetische variatie
● Unieke individuen
● Betere aanpassing → evolutie
Nadelen
● Kost tijd en energie
● Slechts 50% genetisch materiaal per ouder
2. Seksuele kenmerken bij de mens
2.1 Geslachtsbepaling
● 23e chromosomenpaar = geslachtschromosomen
● XX = vrouw
● XY = man
, 2.2 Geslachtskenmerken
Primaire geslachtskenmerken
● Aanwezig bij de geboorte
● Nodig voor voortplanting
● Inwendig en uitwendig
Voorbeelden bij mannen:
● Penis
● Balzak
● Teelballen
● Zaadleiders
● Prostaat
Voorbeelden bij vrouwen:
● Schaamlippen
● Vagina
● Baarmoeder
● Eierstokken
● Eileiders
Secundaire geslachtskenmerken
● Ontstaan tijdens de puberteit
● Door geslachtshormonen
Bij jongens (testosteron)
● Baard- en snorgroei
● Lagere stem
● Meer spiermassa
● Brede schouders
● Schaam- en okselhaar
Bij meisjes (oestrogeen)
● Borstontwikkeling
● Verbreding van de heupen
● Start menstruatie
● Schaam- en okselhaar
Intersekse
● Biologische variatie waarbij geslachtskenmerken niet volledig mannelijk of vrouwelijk
zijn
● Kan betrekking hebben op:
○ Chromosomen
○ Geslachtsorganen
○ Hormonen