CURSUS:
- Deel 1: basisconcepten
- Deel 2: planning en voorbereiding
- Deel 3: kwantitatieve methoden
- Deel 4: kwalitatieve methoden
EXAMEN – Multiplechoicetest, 40 vragen met altijd 1 antwoord + giscorrectie +
proefexamen!
Handboek: helemaal kennen, maar:
- Voorbeelden (vaak in oranje kaders)
o Niet van buiten kennen
- Methodische methodologische principes snappen – kunnen toepassen op nieuwe
situatiecijfers
- Concepten:
o Begrijpen, zelf kunnen formuleren, toepassen, verbanden leggen
o Ook Engelse termen en afkortingen!
- Online modules manier om handboek te verwerken.
Meebrengen: schrijfgerief, rekenmachine, studentenkaart
Tips:
- Lees goed aandachtig de vragen
- Zoek het niet te ver
- Als je 2 antwoorden kunt elimineren, is het zeker zinvol om te gokken.
- Probeer eerst de vraag te beantwoorden zonder naar de antwoorden te kijken.
,MODULE 1
HOOFDSTUK 1: WAAROM WETENSCHAPPELIJK ONDERZOEK?
Methodologie: verwijst naar de wijze waarop het hele proces van
wetenschapsbeoefening functioneert, en houdt dus niet alleen de kennis en beheersing
van methoden en technieken in.
- Kritisch omgaan met resultaten (bv: op sociale media, nieuws…)
- Leren van basisprocedures om het zelf te leren
- Aanreiken van jargon (wetenschappers hebben eigen taal)
1.2 ENKELE VOORBEELDEN
1.2.1 DE OPWARMING VAN DE AARDE
Er is een wereldwijde bezorgdheid over veranderingen in het klimaat en de wil om er iets
aan te doen.
- Visies van bv documentaires bedienen zich van wetenschappelijk bewijsmateriaal
en van experten, toch komen ze tot twee totaal tegenovergestelde conclusies.
Dit soort discussies geeft aanleiding tot grondige reflectie over wat
wetenschappelijke kennis nu precies inhoudt.
1.2.2 DE ‘WAR AGAINST CRIME’ IN NEW YORK: WERKT HET?
New York van the American Dream naar plaats van criminaliteit gegaan.
Burgemeester Guiliani gebruikt de broken windows theory om de criminaliteit in te
dijken.
THE BROKEN WINDOWS THEORY – WILSON & KELLING:
Criminaliteit is een gevolg van gebrek aan sociale normen en een gebrek aan
controle om die normen te conformeren. De anonimiteit van de grootstad vormt een
ideale voedingsbodem voor crimineel gedrag, omdat in sommige buurten het sociale
weefsel onbestaande is en er dus ook geen sociale controle is op eventuele criminelen.
Wilson & Kelling: je moet beginnen met kleine criminaliteit aan te pakken in
buurten (bv. Graffiti…) om te
vermijden dat het verder gaat.
Kern schematisch weergegeven:
Is de criminaliteit hierdoor echt gedaald?
Vraag naar causaliteit. Is er een
oorzakelijk
of causaal verband?
Om te kunnen spreken van causaliteit in de sociale wetenschappen, moet er aan
3 voorwaarden voldaan worden.
, DEZE DRIE VOORWAARDEN ZIJN:
1. Er moet een statistisch verband zijn tussen gebeurtenis A (: Guiliani’s beleid) en
gebeurtenis B (: geregistreerde criminaliteit);
2. Gebeurtenis A moet voorafgaan aan gebeurtenis B;
3. Het statistische verband tussen gebeurtenis A en B mag niet te verwijten zijn aan
een derde gebeurtenis C die dat verband teweegbrengt.
1.2.5 DE WETENSCHAPPER ALS BOKSER?
Participerende observatie: hierdoor krijgt de wetenschapper toegang tot de leefwereld
van een anders zeer moeilijk bestudeerbare populatie. Die populatie wordt dan van
binnenuit beschreven, alsof de wetenschapper er zelf toe behoort. Bij kwalitatief
onderzoek gaan we hier verder op in.
Bv: wetenschapper wil de ‘zwarte’ buurten van Chicago bestuderen dus gaat in
een boksclub.
Kwalitatief onderzoek is de verzameling van benaderingen binnen de sociale
wetenschappen die niet hoofdzakelijk gebruikmaakt van cijfermateriaal en bijhorende
statistische analyses, maar zich bedient van andere vormen van data-verzamelen, zoals
participerende observatie, focusgroepen of diepte-interviews.
De ambitie is om door te dringen tot de drijfveren en motieven van menselijk
handelen en dit handelen op die manier binnen zijn concrete context te proberen
begrijpen en duiden.
1.2.6 VERBAND TUSSEN GAMEN EN AGRESSIE
Ouders delen bezorgdheid over de mogelijke negatieve effecten van blootstelling aan
geweld in videogames op de persoonlijkheidsontwikkeling, het gedrag en de
schoolprestaties van jonge kinderen + agressie bij kinderen.
Hoe proberen ze onderzoeksmatig inzicht te verwerven in effecten van media? Met deze
vragen bevinden we ons op het domein van het media-effectenonderzoek (heel moeilijk
te meten) -> “meten die wel ‘agressie’”
- Tijdens het proces van het bruikbaar maken van concepten voor kwantitatief
onderzoek kunnen immers heel wat fouten worden gemaakt, zoals
veralgemeningsfouten.
- Het is ook niet omdat je een statistisch verband vaststelt tussen het spelen van
gewelddadige spelletjes en agressie, dat het ene het andere veroorzaakt.
- Er wordt ook weinig rekening gehouden met intermediaire variabelen die het
verband mediëren of met kenmerken die het verband modereren (bv: geslacht,
leeftijd, persoonlijkheidskenmerken…).
- Het is vaak onduidelijk op welke termijn de effecten worden gesitueerd moeten
worden (korte of lange termijn).
De vraag naar naturalistische validiteit van het onderzoek stijgt.
, Naturalistische validiteit: deze vorm van validiteit verwijst naar de mate waarin je
bevindingen uit een gecontroleerde, artificiële context kan doortrekken naar real life
contexten (vooral in laboratorium bij experimenten is deze vorm pertinent).
1.3 DE WETENSCHAPPELIJKE AANPAK
1.3.1 WETENSCHAP: EEN SPECIFIEKE BENADERING
Wetenschappelijke inzichten zijn gebaseerd op het toepassen van regels en
procedures die de kwaliteit en het waarheidsgehalte van die inzichten
maximaliseren (om tot een geldige en betrouwbare kennis te komen, of bij het
toepassen van een specifieke techniek de mogelijkheden en beperkingen te kennen).
Wetenschapsbeoefening wordt door onderliggende normen en waarden gestuurd
die binnen de wetenschappelijke gemeenschap goed bewaakt worden.
Overtreders van deze normen worden streng gestraft.
Methodologie behelst het hele proces van wetenschapsbeoefening en is nauw verbonden
met methoden.
1.3.2 ALTERNATIEVE BRONNEN VAN KENNIS OVER DE WERKELIJKHEID
- Persoonlijke ervaringen, de populatie, de populaire media (fake news) en
ideologische overtuigingen of waarden (religie).
Geen van deze bronnen kan echter met kennis en inzichten concurreren die je uit heus
wetenschappelijk onderzoek opdoet.
Selectieve observatie: je gaat speciaal letten op bepaalde mensen of situaties en van
daaruit maak je veralgemeningen. Op die manier ga je voorbij aan heel wat
bewijsmateriaal à décharche.
1.4 WAT TE VERWACHTEN VAN METHODOLOGIE?
Methodologische principes maken het mogelijk om op een systematische manier
betrouwbare en geldige kennis over de sociale werkelijkheid te genereren. Het reikt je de
essentiële bouwstenen aan om wetenschappelijke kennis over de sociale omgeving op te
bouwen.
1. Een theorie of theoretische inzichten gebaseerd op empirische data of gegevens
uit de werkelijkheid waarover die theorieën een uitspraak willen doen.
Theorieën zijn coherente systemen van logische, consistente en onderling
verbonden inzichten die gebruikt worden om kennis over de werkelijkheid te
organiseren.
Zo kan je micro-, meso- en macrolevel theorieën onderscheiden, gaande van het
verklaren of duiden van concrete interactie op het interpersoonlijke of het microniveau,
tot het begrijpen van patronen op het niveau van ruimere sociale systemen, zoals staten
of instellingen of het macroniveau. Hiertussen bevinden zich theorieën op het