Drugs en misbruik
H1: Inleiding
Drugs is een subset van de psychofarmaca
Vaak waren drugs eerst GM die iets doen met je geest. Sommige zijn GM
andere classificeren we als drug. Die lijn is dun. Onderscheid tussen legale
en illegale drugs.
Er is een stijgende lijn aan gebruik drugs (12 jaar lang) maar de laatste
jaren is het “stabiel” = status quo. ⭢ vaak ook meer mannen dan vrouwen
die drugs nemen.
The big 5: Cocaïne, Cannabis, Amfetamine, XTC, Heroïne ⭢ meest
gebruikte drugs
Synthetische labo’s vaak heel goed uitgewerkt.
Europees waarnemingssysteem: informeert Europa over nieuw ontstaan
van bepaalde drugs.
Druggebruik en drugafhankelijkheid bij 16 miljoen bevragingen
1e kolom = regelmatige
gebruikers
2e kolom = verslaafden
3e kolom = aantal verslaafden
die behandeld worden
4e kolom = aantal tov de totale
verslaafden
Wat concluderen we hieruit?
Bij tabak is iedereen die
gebruikt ook verslaafd. Wat wil zeggen dat het enorm verslaafd is. + er is
ook een redelijk groot aantal mensen die in behandeling zijn (10%)
Bij alcohol zien we heel veel gebruikers, maar slecht een beperkt aantal is
hiervan verslaafd. Hier zijn er ook ongeveer 10% van de mensen die
verslaafd zijn in behandeling.
Bij benzodiazepines is ongeveer de helft van de mensen die ook gebruiken
verslaafd. Er is slecht een heel kleine hoeveelheid mensen die behandeld
worden. Dit komt omdat het heel weinig wordt aangeboden.
1
,Bij heroïne zien we dat het aantal verslaafden bijna evenveel is als het
aantal mensen die gebruiken. Dit wil zeggen dat het sterk verslavend.
Heel veel mensen die verslaafd zijn ook in behandeling. Het percentage is
hier 70%, dit is heel hoog aangezien we een heel goed alternatief hebben
namelijk methadon.
Cocaïne is ongeveer 2/3 van de gebruikers verslaafd.
Bij cannabis is er slechts een beperkt deel van de mensen die cannabis
gebruiken verslaafd. Er is slecht een beperkt aantal mensen die verslaafd
zijn, in behandeling. Maar tegenwoordig steeds meer mensen die in
behandeling gaan hiervoor.
Van XTC hebben we redelijk weinig informatie.
Waar is het belangrijk dat we de dag van vandaag primaire focus op
leggen?
- Alcohol!!:
14% dagelijkse gebruikers
6% overconsumptie
- Tabak:
Epidemiologie: algemene vaststellingen
- Prevalentie van middelgebruik is zeer hoog
- Gevolgen van middelenproblemen is hoog
- Aantal echte verslaafden is opvallend minder dan het aantal
gebruikers
Ongeveer 6% van de gebruikers zijn verslaafd (veel mensen die niet
verslaafd zijn)
Middelafhankelijk
- Slechts een deel van het probleem
- Verslaving is meer dan alleen het middel, de drug
- Model ‘zinberg’ M-M-M
Drug: Middel
Set (factoren in het individu): Mens
Setting (factoren in fysieke en sociale omgeving) – Milieu
De dag van vandaag wordt er gezegd dat verslavingen eigenlijk heel
weinig met het middel zelf te maken heeft, want het middel kan ook
gokken of gamen zijn.
Drug GM = is eigenlijk 1 grote groep
2
,Drugs: producten die men zonder ernstige reden inneemt om zijn
gevoelens, bewustzijn te veranderen en waardoor men aan zijn persoon
en/of aan de gemeenschap schade berokkent.
Verschillende indelingen
- Soft vs. Hard drugs (wordt niet vaak meer gebruikt)
- Op basis van effect
1. Psycholeptica (onderdrukken CZS)
Barbituraten
Tranquillizers
Opiaten
2. Psychoanaleptica (stimuleren CZS)
Cocaïne
Amfetaminen
Cafeïne
3. Psychodysleptica (verstoren CZS)
Hasj
LSD
XTC
Sinds kort wordt deze opdeling in de 3 groepen in vraag gesteld
⭢ enorme toename van psychoactieve stoffen
⭢ nieuw model afkomstig uit Engeland = Het drugwiel
= bevat 7 categoriën (3 oude, 3 nieuwe stoffen en psycholeptica is
opgesplitst in 2
groepen)
Stimulantia en hallucinogenen zijn
gebleven ⭢ hallucinogenen zouden
beter psychedelica genoemd worden
Psycholeptica: dempende stoffen die
opgesplitst zijn in 2 stoffen:
- Opioïden (natuurlijk en
synthetisch)
- Verdovende stoffen
Nieuw:
3
, - Empathogenen
- Dissociatieven
- Cannabinoïden (is een deel van hallucinogenen)
In het drugwiel is er duidelijk aanwezigheid van acroniem stoffen: DOM,
PCP
Bij NPS stoffen = nieuwe stoffen, hier hebben we die roepnamen vaak niet
en worden er acroniemen gebruikt.
Er is heel snelle ontwikkeling van synthetische drugs.
Er zijn 2 karakteristieken die van een stof een stof maakt met
‘gevaarpotentieel’:
- Hoe potent is een stof per gewichtseenheid
Hoe krachtiger de stof hoe groter het gevaarspotentieel om
aanleiding geven tot onafhankelijkheid. De stoffen worden steeds
krachtiger.
- Hoe snel een stof binnendringt in de membranen dringt. (tot bij de
hersenen)
Hoe beter vetoplosbaar, hoe beter door de BHB, hoe gevaarlijker.
Nieuwe drugs zijn steeds krachtiger dan vroeger, komt ook omdat drugs
vroeger uit planten kwam. Nu worden ze chemisch aangemaakt en kunnen
we ze veel krachtiger maken.
De stof speelt een rol in het CZS:
- Daarbij is plaats in de hersenen zeer belangrijk
- Diverse hersenonderdelen hebben een eigen functie
- Neuronen zijn gerangschikt in functionele circuits en gebieden die
geordend met elkaar communiceren
- Belangrijke rol voor ‘limbisch systeem’ = systeem dat net boven de
hersenstam ligt.
4
H1: Inleiding
Drugs is een subset van de psychofarmaca
Vaak waren drugs eerst GM die iets doen met je geest. Sommige zijn GM
andere classificeren we als drug. Die lijn is dun. Onderscheid tussen legale
en illegale drugs.
Er is een stijgende lijn aan gebruik drugs (12 jaar lang) maar de laatste
jaren is het “stabiel” = status quo. ⭢ vaak ook meer mannen dan vrouwen
die drugs nemen.
The big 5: Cocaïne, Cannabis, Amfetamine, XTC, Heroïne ⭢ meest
gebruikte drugs
Synthetische labo’s vaak heel goed uitgewerkt.
Europees waarnemingssysteem: informeert Europa over nieuw ontstaan
van bepaalde drugs.
Druggebruik en drugafhankelijkheid bij 16 miljoen bevragingen
1e kolom = regelmatige
gebruikers
2e kolom = verslaafden
3e kolom = aantal verslaafden
die behandeld worden
4e kolom = aantal tov de totale
verslaafden
Wat concluderen we hieruit?
Bij tabak is iedereen die
gebruikt ook verslaafd. Wat wil zeggen dat het enorm verslaafd is. + er is
ook een redelijk groot aantal mensen die in behandeling zijn (10%)
Bij alcohol zien we heel veel gebruikers, maar slecht een beperkt aantal is
hiervan verslaafd. Hier zijn er ook ongeveer 10% van de mensen die
verslaafd zijn in behandeling.
Bij benzodiazepines is ongeveer de helft van de mensen die ook gebruiken
verslaafd. Er is slecht een heel kleine hoeveelheid mensen die behandeld
worden. Dit komt omdat het heel weinig wordt aangeboden.
1
,Bij heroïne zien we dat het aantal verslaafden bijna evenveel is als het
aantal mensen die gebruiken. Dit wil zeggen dat het sterk verslavend.
Heel veel mensen die verslaafd zijn ook in behandeling. Het percentage is
hier 70%, dit is heel hoog aangezien we een heel goed alternatief hebben
namelijk methadon.
Cocaïne is ongeveer 2/3 van de gebruikers verslaafd.
Bij cannabis is er slechts een beperkt deel van de mensen die cannabis
gebruiken verslaafd. Er is slecht een beperkt aantal mensen die verslaafd
zijn, in behandeling. Maar tegenwoordig steeds meer mensen die in
behandeling gaan hiervoor.
Van XTC hebben we redelijk weinig informatie.
Waar is het belangrijk dat we de dag van vandaag primaire focus op
leggen?
- Alcohol!!:
14% dagelijkse gebruikers
6% overconsumptie
- Tabak:
Epidemiologie: algemene vaststellingen
- Prevalentie van middelgebruik is zeer hoog
- Gevolgen van middelenproblemen is hoog
- Aantal echte verslaafden is opvallend minder dan het aantal
gebruikers
Ongeveer 6% van de gebruikers zijn verslaafd (veel mensen die niet
verslaafd zijn)
Middelafhankelijk
- Slechts een deel van het probleem
- Verslaving is meer dan alleen het middel, de drug
- Model ‘zinberg’ M-M-M
Drug: Middel
Set (factoren in het individu): Mens
Setting (factoren in fysieke en sociale omgeving) – Milieu
De dag van vandaag wordt er gezegd dat verslavingen eigenlijk heel
weinig met het middel zelf te maken heeft, want het middel kan ook
gokken of gamen zijn.
Drug GM = is eigenlijk 1 grote groep
2
,Drugs: producten die men zonder ernstige reden inneemt om zijn
gevoelens, bewustzijn te veranderen en waardoor men aan zijn persoon
en/of aan de gemeenschap schade berokkent.
Verschillende indelingen
- Soft vs. Hard drugs (wordt niet vaak meer gebruikt)
- Op basis van effect
1. Psycholeptica (onderdrukken CZS)
Barbituraten
Tranquillizers
Opiaten
2. Psychoanaleptica (stimuleren CZS)
Cocaïne
Amfetaminen
Cafeïne
3. Psychodysleptica (verstoren CZS)
Hasj
LSD
XTC
Sinds kort wordt deze opdeling in de 3 groepen in vraag gesteld
⭢ enorme toename van psychoactieve stoffen
⭢ nieuw model afkomstig uit Engeland = Het drugwiel
= bevat 7 categoriën (3 oude, 3 nieuwe stoffen en psycholeptica is
opgesplitst in 2
groepen)
Stimulantia en hallucinogenen zijn
gebleven ⭢ hallucinogenen zouden
beter psychedelica genoemd worden
Psycholeptica: dempende stoffen die
opgesplitst zijn in 2 stoffen:
- Opioïden (natuurlijk en
synthetisch)
- Verdovende stoffen
Nieuw:
3
, - Empathogenen
- Dissociatieven
- Cannabinoïden (is een deel van hallucinogenen)
In het drugwiel is er duidelijk aanwezigheid van acroniem stoffen: DOM,
PCP
Bij NPS stoffen = nieuwe stoffen, hier hebben we die roepnamen vaak niet
en worden er acroniemen gebruikt.
Er is heel snelle ontwikkeling van synthetische drugs.
Er zijn 2 karakteristieken die van een stof een stof maakt met
‘gevaarpotentieel’:
- Hoe potent is een stof per gewichtseenheid
Hoe krachtiger de stof hoe groter het gevaarspotentieel om
aanleiding geven tot onafhankelijkheid. De stoffen worden steeds
krachtiger.
- Hoe snel een stof binnendringt in de membranen dringt. (tot bij de
hersenen)
Hoe beter vetoplosbaar, hoe beter door de BHB, hoe gevaarlijker.
Nieuwe drugs zijn steeds krachtiger dan vroeger, komt ook omdat drugs
vroeger uit planten kwam. Nu worden ze chemisch aangemaakt en kunnen
we ze veel krachtiger maken.
De stof speelt een rol in het CZS:
- Daarbij is plaats in de hersenen zeer belangrijk
- Diverse hersenonderdelen hebben een eigen functie
- Neuronen zijn gerangschikt in functionele circuits en gebieden die
geordend met elkaar communiceren
- Belangrijke rol voor ‘limbisch systeem’ = systeem dat net boven de
hersenstam ligt.
4