WEEK 1
Contactonderwijs
- Symposium: Pneumonie
- HC: Endocarditis
- WC: Luchtweginfecties en pneumonie
Zelfstudie
- ZSO: Pneumonie
- ZSO: Bacteriële endocarditis
- ZSO: Behandeling OLWI
,Symposium: Pneumonie SLIM
ZSO: Pneumonie met kennisclips
Kennisclip 1: inleiding wc hoesten en pneumonie
Acuut hoesten + pneumonie komt het meest voor onder jonge kinderen
en ouderen.
Luchtweginfecties
Bovenste luchtwegen:
- Rhinitis.
- Sinusitis.
- Faryngitis.
- Tonsilitus.
- Otilitis.
Onderste luchtwegen:
- Acute bronchitis.
- Acute exacerbatie van chronische bronchitis.
- Acute bronchiolitis.
- Kinkhoest.
- Pneumonie.
Acute bronchitis = wordt gekenmerkt door een (vaak) productieve
hoest, zonder bewijs voor een pneumonie.
- Wordt vaak veroorzaakt door een virus.
- Geen antibiotica geven.
Acute bronchiolitis = ontsteking van de kleinere en terminale
luchtwegen.
- Vooral kinderen tot 2 jaar.
- Meestal door RSV (respiratoir syncytieel virus).
- Andere ziekteverwekkers: hMPV (Humaan metapneumovirus),
influenzavirus, para-influenza virus en adenovirus bronchiolitis.
- Besmetting via aerosolen en hand-slijmcontact.
- Incubatietijd = 4-5 dagen.
- Diagnose = PCR op nasofarynx slijm bij RVS-infectie.
- BH = meestal alleen zuurstof of sondevoeding toedienen, bij
immuungecompromitteerden intraveneus ribavirine of door
verneveling.
- BH = bij hoog risico kan profylaxe antistoffen worden gegeven, erg
kostbaar.
, - Risicogroepen (ernstig ziektebeloop): Down kinderen, prematuren,
kinderen met congenitale hart/longafwijking, ouderen COPD en
kinderen met immuundeficiëntie.
- Na infectie met RVS treedt geen immuniteit op, maar de
symptomen zijn bij een volgende infectie milder.
Kennisclip 2: milde en ernstige pneumonie
Pneumonie = ontsteking van de long.
- Inflammatie van het longparenchym.
- Exsudaat (wondvocht) waardoor het longweefsel op elkaar gaat
zitten (consolidatie) -> mogelijk atelectase.
- Abnormale vulling van de alveoli met vocht (door betere
doorlaatbaarheid bij het onstekingsproces).
- Prevalentie 15:1000 per jaar, 125 000 per jaar.
- Sterfte 0-5%, bij opname tot 25%.
- Complicatie: parapneumonische effusie: ophoping van vocht in de
longruimte.
Indeling pneumonie:
- Verwekker: typisch/atypisch.
- Aan/afwezigheid onderliggende aandoening.
- Plaats acquisitie.
Indeling pneumonie naar acquisitie (waar de besmetting opgelopen
is).
1. Thuis = CAP (community acquired pneumonie)
- Meestal Streptococcus pneumonia (typische pneumonie).
- Nu Sars CoV-2 virus.
- X-thorax, als dit niet helpt CT.
2. Ziekenhuis nosocomiaal (HAP) = meestal door gramnegatieve
bacterie of Staphylococcus aureus.
3. Jonge naar schoolgaande kinderen = meestal Mycoplasma
pneumoniae.
4. Volwassenen uit het buitenland die niet reageren op
betalactamantibiotica en/of ernstig ziek zijn = meestal Legionella
pneumophila.
Symptomen pneumonie:
Lobulaire pneumonie = ontsteking alveoli en bronchiën.
- Voornamelijk koude rillingen, oplopende T, acuut-ontstane
koortsverschijnselen.
, - Hoesten, roestbruin sputum.
- Pleurapijn, die vastzit aan ademhaling.
- Er kan bij inspiratie rhonchi worden gehoord.
- Kinderen met basale pneumonie, kunnen zich presenteren met
buikpijn.
Atypische pneumonie = klachten zijn vager en lopen uiteen.
- Lastig onderscheid te maken tussen typische en atypische
pneumonie.
CAP = “forgotten killer in NL en wereldwijd”.
- Vooral bij ouderen en jonge kinderen.
- Eerste lijn wordt altijd behandeld met amoxicilline tenzij er sprake
is van een allergie of zwangerschap.
- Bij verdachte CAP-patiënten X-thorax.
- Bij hoog-verdachte CAP-patiënten met inconclusief resultaat na
X-thorax -> CT.
- Long echografie kan.
AMBU-65 score = zegt iets over de 30-daagse mortaliteit.
- Kan maximaal 5 zijn, bij een lage score -> laag risico sterfte.
- Ademhalingsfrequentie >/= 30/min.
- Mentale toestand bij presentatie: acute verwardheid.
- Bloeddruk systolisch < 90 mm/Hg en/of diastolisch < 60 mmHg.
- Ureum > 7 mmol/L.
- 65 jaar of ouder.
Aanvullende microbiologische diagnostiek CAP = hangt af van de
ernst van de pneumonie (van belang om de AMBU-score te bepalen).
1.Urineantigeen sneltest op pneumokokken of legionella.
- Beide niet bij mild tot matig ernstige CAP.
- Pneumokokken wel bij ernstige CAP.
- Legionella wel bij ernstige CAP en bij alle CAP-patiënten die in het
ZH liggen.
- Legionella ook altijd bij recent reizen, legionella uitbraak, gefaalde
BH met betalactam BH (mag met PCR of urineantigeen sneltest).
- Advies: testen op andere atypische verwekkers als CAP-patiënt
niet binnen 48 uur reageert op empirische BH zonder deze
pathogenen.
2. Bacteriële sputumkweek of bloedkweek.