ALGEMENE PATHOLOGIE
2025-2026
,INLEIDING: DEFINITIES & HET
DIAGNOSTISCH PROCES
A. DEFINITIES
ETIOLOGIE
- Leer van de ziekteoorzaken
- Onderliggende oorzaken en wijzigende factoren (Oorzaken in brede zin van het woord)
- Vaak multifactorieel
- Genetisch en verworven (bijv infectieus, nutritioneel, chemisch, fysisch)
- Noxe: agens dat schade aan de cellen en weefsels kan veroorzaken
PATHOGENESE
- Manier waarop normale toestand omgevormd wordt tot de abnormale toestand
- Opeenvolging van cellulaire, biochemische en moleculaire fenomenen
- Vanaf inwerking noxe doorheen het volledige ziekteverloop
- Heel de tijdspanne van het ziekteverloop
- Als je het ziekteproces begrijpt kan je een betere prognose stellen
PROGNOSE
- Voorspelling over het verdere verloop van een ziekte
LETSEL
- Abnormaliteit van het weefsel (veroorzaakt door een noxe)
- Pathologische verandering veroorzaakt door het ziekteproces
- Rechtstreekse effecten van de inwerking van een noxe op het weefsel
- Reactie van de gastheer op de noxe
KLINISCHE TEKENEN
- Tgv functionele abnormaliteiten door veranderingen in cellen en organen
- Veranderingen in gedrag of morfologie
ALGEMENE PATHOLOGIE
- Gemeenschappelijke reacties van cellen en weefsels op pathologische stimuli
- Acute, chronische ontsteking, bloeding, infarct… (nog niet toegepast op de orgaanstelsels)
SYSTEMATISCHE OF ORGAANPATHOLOGIE
- Reacties en abnormaliteiten van één of meerdere organen
- = studie van orgaanspecifieke aandoeningen
ANATOMISCHE PATHOLOOG
- Bestudeert weefsel- en orgaanstalen
- Focus op morfologische veranderingen (macroscopisch en histologisch)
1
,KLINISCHE PATHOLOOG
- Focus op cytologische, microscopische en biochemische evaluaties van lichaamsvloeistoffen
(bloed, urine, ascitesvocht, pleura vocht, cerebrospinaalvocht)
- Bestudeert individuele cellen
FYSIOPATHOLOGIE
- Functie- en regulatiestoornissen bij ziekten
PATHOLOGISCHE ANATOMIE
- Structuur van zieke cellen en weefsels
DEGENERATIE
- Stoornis in stofwisseling van cel, minder efficiënte functionaliteit
- -ose bv nefrose (degeneratie nier)
ONTSTEKING
- -itis bv nefritis (ontsteking nier)
-OSE OF -OPATHIE
- Degeneratieve of verouderingsprocessen zonder ontsteking
- bv nefrose, nefropathie, hepatose, hepatopathie
-ITIS
- Ontsteking
- bv steatitis(vetweefsel), nefritis, hepatitis
-OMEGALIE
- Vergroting
- bv hepatomegalie, splenomegalie (milt)
-IECTASIE
- Distensie of dilatatie (uitzetting) van een tubulaire structuur
- bv bronchiectasie, lymfangiectasie
-PENIE
- Tekort
- bv thrombocytopenie (tekort aan trombocyten)
-PLASIE
- Vorming, groei of cellulaire vermenigvuldiging
- bv hyperplasie
-TROFIE
- Voeding, ontwikkeling
2
, - bv atrofie (kleiner worden van bv de lever of afbreken van de spieren), hypertrofie
-OMA
- Massa of tumor
- Granuloma (massa van ontstekingscellen (macrofagen)=>chronisch onstekingspatroon),
fibroma/fibrosarcoma (goedaardig/kwaadaardig)
-GENESE
- Begin, ontwikkeling of productie
- Osteogenese, carcinogenese (omvorming cellen tot tumorale cellen), pathogenese
3
,B. HET DIAGNOSTISCH PROCES
INLEIDING
Diagnose = Diagnosis entails the integration of history, signalment, clinical signs, gross lesions,
microscopic changes in tissues and cells, and any ancillary (microbiologic, immunologic, molecular,
toxicologic/ chemical) test results to arrive at a reliable conclusion with respect to the cause of disease or
death.(op basis van de anamnese en bijkomende testen en eigenschappen van het dier een diagnose
maken)
- hulp bij preventie en controle van besmettelijke ziekten bij in groep gehouden dieren
- opsporen van nieuwe of “emerging” ziektes
- huisdieren: hulp bij rouw en afsluiten (als eigenaar weet waaraan dier gestorven is)
- bijdrage tot ziekte-monitoring
- Belang van:
o Correcte diagnose
o gestandaardiseerde terminologie (belang van deze cursus)
- Belang van “one health
o Gezondheid dier, mens en omgeving verbonden => interacties bevorderen gezondheid
van de verschillende componenten
METHODEN
- Informatie gegeven door de dierenarts en/of eigenaar:
o essentieel maar niet altijd beschikbaar
o “partnership” tussen clinicus en patholoog (zo veel mogelijk info proberen verkrijgen)
o geeft richting aan toxicologisch/microbiologisch onderzoek en staalname/bewaring
o nood voor fotografische documentatie? (vooral in kader forensische diergeneeskunde)
o welke organen/weefsels vragen speciale aandacht? (bv bij lusteloos dier)
o blijf open-minded! Als je hoort dat er een probleem was met de luchtwegen geeft het een
indicatie wat je extra moet bekijken, maar al de rest moet je ook bekijken
- Werken met gestandaardiseerd protocol (alles in bepaalde volgorde georganiseerd)
- Verschil tussen bevindingen en interpretatie
o Bevinding: wat je ziet: heel objectief beschrijven
o Interpretatie van de bevindingen is subjectief
TYPES ONDERZOEKEN
NATUURLIJK VOORKOMENDE ZIEKTE
- Grootste aandeel van cases
- Nood aan vertrouwdheid van patholoog met meest voorkomende ziekten bij huisdieren
- MAAR … altijd open-minded blijven
o Varken denk je vaak aan maagdarmproblemen of pneumonie; maar er kan altijd iets
anders zijn
o Nooit op iets gefixeerd zijn
4
,FORENSISCH
- Bij vermoeden van dierenmishandeling
- Belang van protocol!! Zodat je zeker niets vergeet te bekijken
- Fotografische documentatie vereist (identiteit, letsels)
o Alle letsels fotograferen
o Ook het dier zelf voor identificatie
- Bijkomend: tijdstip overlijden, ouderdom huidletsels, verdrinkingsdood …
o Hoe oud zijn de huidletsels in vergelijking met het tijdstip van overlijden
- Staalname: voldoende lang bewaren
o Tot dat gerecht zegt dat het materiaal mag vernietigd worden
- Informatie van autopsie gebruiken in juridische setting
DOOD TIJDENS OF NA ANESTHESIE
- Eigenaar wil vaak weten hoe het komt
- Niet altijd evident: vaak geen laesies (vaak zie je niks)
- Mogelijks juridische implicatie: documenteren van identiteit en letsels (is er iets gebeurd, een
soort fout?)
- Verhoogde gevoeligheid voor anesthesie ? (was het dier kwetsbaarder tijdens de anesthesie en
had het meer risico op sterfte?)
o hartletsel of cardiomyopathie (degeneratieve toestand van de hartspier waardoor het
minder goed functioneert)
o brachycefaal syndroom (deze dieren hebben vaak ademhalingsproblemen door
vernauwde neusgaten, verlengd zacht gehemelte, afgeplatte trachea, vergrootte tong
=>kwetsbaarder voor anesthesie)
o systemische (non-)infectieuze aandoening (aandoening die volledige lichaam aantast
(infectieus/niet infectieus)
- Uitsluiten van onderliggende aandoening (soms enkel sommige zaken uitsluiten, kan ook
waardevol zijn) => soms accepteren dat je het niet gaat vinden
EXPERIMENTELE ZIEKTE, TOXICOPATHOLOGIE
- Gaat over wetenschappelijk onderzoek; samenzitten met onderzoekers (waar moeten we extra
aandacht aan schenken tijden autopsie?)
- Patholoog: altijd betrokken bij experimenteel design
- Op punt stellen van gestandaardiseerd autopsieprotocol en staalnames
- Good laboratory practice (GLP) = concrete richtlijnen uitgegeven door overheidsinstanties waar
we ons aan moeten houden; zo een staal moet je nemen, zo veel dieren moet je onderzoeken….
- Precieze en reproduceerbare scoring van macroscopische en histologische letsels
- Vergelijking controle en behandelde dieren: controlegroep en behandelde groep en dan het letsel
gaan scoren (en hieruit afleiden of het geneesmiddel zijn werk doet of niet)
- Bv: veel scharren met diepe huidletsels
o Niet gepigmenteerde zijde ligt op de bodem; hier een actieve ontsteking (rood,
bloedingen, inflammatie)
o Staal nemen van een actief letsel en niet van een genezend; hier meer kans om het agens
aan te treffen
o Huidulceraties scoren op pigmentatie, verhevenheid, en andere criteria => per vis een
score geven van ergheid ulceratie
5
,TELEPATHOLOGIE
- Virtuele microscopie (met ingescande coupe)
- Slide scanners (zie practicum)
- Belang van levenslang leren & interdisciplinair & internationaal overleg !
MACROSCOPISCH ONDERZOEK
SYSTEMATISCHE BENADERING
Belang van systematische benadering
- ook voor ervaren patholoog (Werken volgens gestandaardiseerd protocol dat je echt moet volgen)
o Onder stresstoestanden is er minder kans dat je zaken over het hoofd ziet
- vooral bij “plotse sterfte”
Skills:
- open houding, onderzoekend, zorgvuldig tewerk gaan
- snijvaardigheden
- kijken & palperen (lokalisatie, kleur, grootte, vorm, consistentie, aspect bij doorsnede)
o kijk voel ruik: gebruik al de zintuigen
- beschrijven (belang van deze cursus)
- interpreteren (en daarna diagnose stellen)
- levenslang leren !
Macroscopisch onderzoek: BESCHRIJVING van de letsels (belang van deze cursus)
- plaats
o waar komt het voor
o bilateraal, craniaal,… op de longen
- distributie
o op 1 plek, op meerdere
- kleur
- vorm
o driehoek, vierkant, steekt het uit
- demarcatie
o aflijning; scherp of loopt het over in omgevend weefsel
- grootte
- consistentie
- andere kenmerken
o bv geur, knisperingen horen (gasvorming door bv bacterie)
Morfologische / pathologische DIAGNOSE:
- herkennen en interpretatie (je hebt een beschrijving en dat ga je interpreteren en op basis van dit
een morfologische pathologische diagnose stellen en later een definitieve diagnose te stellen)
van beschreven letsels
- = “duidelijke en beknopte benaming van een patroon van structurele veranderingen die worden
waargenomen in een macroscopische (of microscopische) lesie”
- cruciale stap op weg naar definitieve diagnose
- ≠ etiologische diagnose (= de oorzaak noemen)
6
, - ≠ differentiaal diagnose (= oplijsten welke mogelijke ziekten de oorzaken zijn van de letsels die je
ziet)
- plaats van letsel en aard van de reactie op letsel (degeneratie, necrose, circulatiestoornis,
inflammatie, groeistoornis,…)
o vb. nefritis: inflammatoir proces thv nier
o vb. descriptoren inflammatie: suppuratief / granulomateus (etterig/)
o bijkomende beschrijving: distributie (waar zit het), graad van ergheid, leeftijd (acuut,
subacuut, chronisch (als je bv littekenweefsel ziet)) (belang van deze cursus)
Case uit autopsiezaal:
- Kat: vermoedelijk drachtig en plots dood in kattenbak aangetroffen (1 jaar oud)
- Uterushoornen zijn sterk opgezet, etter in de buikholte
- Elk deel systematisch bekijken en beschrijven (als je niet ziet gwn normaal schrijven)
- Dan pathologische diagnose van maken
- Daarna einddiagnose maken (eigenaar krijgt dit te zien)
PROBLEEM-GEORIËNTEERD WERKEN
- We gaan focussen op een probleem; vooral bij productiedieren (longaandoeningen en diarree
komen vaak voor)
- Vooral van belang bij productiedieren
- Focus op meest voorkomende oorzaken van dood & productieverliezen:
o intestinale aandoeningen → diarree
▪ snel postmortaal verval van de darmen dus eerst staal nemen van darmen
• (hersenweefsel vervalt ook snel dus bij vermoeden neurologische
problemen ook eerst hersenen staal nemen)
o Ademhalingsaandoeningen
o Maar open minded blijven en ook andere organen bestuderen
- Categorisatie van ziekte syndromen (bv diarree, abortus, ademhalingsziekte, vermoedelijke
vergiftiging …)
o bv: diarree: asap verzamelen van intestinaal weefsel
o let wel: blijf open-minded ! (“more is missed by not looking than not knowing”)
- Wanneer ?
o bij voldoende anamnese, signalement, omgevingsfactoren (NIET bij onverwachte
dood=> dan systematisch onderzoek)
o wetenschappelijk onderzoek
▪ op basis van aanwezige kennis (literatuur, vorige studies)
▪ toch voldoende systematisch & grondig werken! (geen organen vergeten!)
OUDERDOMSGERELATEERDE VERANDERINGEN EN ANDERE INCIDENTELE L AESIES
- dieren worden steeds ouder =>bij oudere dieren soms afwijkende zaken die te maken hebben
met ouderdom (het is daar maar geen relatie tot klinische tekenen)
- Zie verder
- Vaak geen klinische tekenen
7
, - Bv. Cholesterol granuloma’s (tumorvorming) choroïd plexus paard (=cholesteatoma) (bevat
cholesterolkristallen)
o Komt voor bij oudere paarden
o Vaak geen klinische tekenen mee geassocieerd => soms kan het wel klinische tekenen
geven als het groot is en druk geeft op omliggend hersenweefsel
▪ Geeft soms blindheid of ataxie
- Bv. Siderofibrotische plaques milt hond
o Geel-witte onregelmatige structuren op rand van de milt die hard aanvoelen
o Gefet geen klinische tekenen
- Bv. Osteopenie (mindere botaanmaak), degenerative joint disease (arthrose), skeletspieratrofie,
cerebrocorticale atrofie
POSTMORTEMVERANDERINGEN
- Veranderingen: iets anders dan dat je zou verwachten, maar niet alle veranderingen zijn letsels
=>postmortale veranderingen (doordat het dier dood is en gaat vervallen) is geen letsel
- Onderscheid met letsels ~ postmortem interval, wijze van sterfte, lichaamstemperatuur en
omgeving
o Postmortem staat altijd vermelden in autopsieverslag
- Rigor mortis
- Bloedstolling in bloedvaten en hart
- Livor mortis
- Autolyse
- → zie verder
STAALNAME EN BEWARING
- “It is always better to have representative samples of routine tissues and organs in the formalin
container, even when there is no intent of histologic evaluation of every formalin-fixed tissue.”
- Cf. histologisch onderzoek
- Cf. staalname microbiologisch onderzoek (frigo, -70°C); zie ook les ivm morfologie van
infectieuze aandoeningen
8
2025-2026
,INLEIDING: DEFINITIES & HET
DIAGNOSTISCH PROCES
A. DEFINITIES
ETIOLOGIE
- Leer van de ziekteoorzaken
- Onderliggende oorzaken en wijzigende factoren (Oorzaken in brede zin van het woord)
- Vaak multifactorieel
- Genetisch en verworven (bijv infectieus, nutritioneel, chemisch, fysisch)
- Noxe: agens dat schade aan de cellen en weefsels kan veroorzaken
PATHOGENESE
- Manier waarop normale toestand omgevormd wordt tot de abnormale toestand
- Opeenvolging van cellulaire, biochemische en moleculaire fenomenen
- Vanaf inwerking noxe doorheen het volledige ziekteverloop
- Heel de tijdspanne van het ziekteverloop
- Als je het ziekteproces begrijpt kan je een betere prognose stellen
PROGNOSE
- Voorspelling over het verdere verloop van een ziekte
LETSEL
- Abnormaliteit van het weefsel (veroorzaakt door een noxe)
- Pathologische verandering veroorzaakt door het ziekteproces
- Rechtstreekse effecten van de inwerking van een noxe op het weefsel
- Reactie van de gastheer op de noxe
KLINISCHE TEKENEN
- Tgv functionele abnormaliteiten door veranderingen in cellen en organen
- Veranderingen in gedrag of morfologie
ALGEMENE PATHOLOGIE
- Gemeenschappelijke reacties van cellen en weefsels op pathologische stimuli
- Acute, chronische ontsteking, bloeding, infarct… (nog niet toegepast op de orgaanstelsels)
SYSTEMATISCHE OF ORGAANPATHOLOGIE
- Reacties en abnormaliteiten van één of meerdere organen
- = studie van orgaanspecifieke aandoeningen
ANATOMISCHE PATHOLOOG
- Bestudeert weefsel- en orgaanstalen
- Focus op morfologische veranderingen (macroscopisch en histologisch)
1
,KLINISCHE PATHOLOOG
- Focus op cytologische, microscopische en biochemische evaluaties van lichaamsvloeistoffen
(bloed, urine, ascitesvocht, pleura vocht, cerebrospinaalvocht)
- Bestudeert individuele cellen
FYSIOPATHOLOGIE
- Functie- en regulatiestoornissen bij ziekten
PATHOLOGISCHE ANATOMIE
- Structuur van zieke cellen en weefsels
DEGENERATIE
- Stoornis in stofwisseling van cel, minder efficiënte functionaliteit
- -ose bv nefrose (degeneratie nier)
ONTSTEKING
- -itis bv nefritis (ontsteking nier)
-OSE OF -OPATHIE
- Degeneratieve of verouderingsprocessen zonder ontsteking
- bv nefrose, nefropathie, hepatose, hepatopathie
-ITIS
- Ontsteking
- bv steatitis(vetweefsel), nefritis, hepatitis
-OMEGALIE
- Vergroting
- bv hepatomegalie, splenomegalie (milt)
-IECTASIE
- Distensie of dilatatie (uitzetting) van een tubulaire structuur
- bv bronchiectasie, lymfangiectasie
-PENIE
- Tekort
- bv thrombocytopenie (tekort aan trombocyten)
-PLASIE
- Vorming, groei of cellulaire vermenigvuldiging
- bv hyperplasie
-TROFIE
- Voeding, ontwikkeling
2
, - bv atrofie (kleiner worden van bv de lever of afbreken van de spieren), hypertrofie
-OMA
- Massa of tumor
- Granuloma (massa van ontstekingscellen (macrofagen)=>chronisch onstekingspatroon),
fibroma/fibrosarcoma (goedaardig/kwaadaardig)
-GENESE
- Begin, ontwikkeling of productie
- Osteogenese, carcinogenese (omvorming cellen tot tumorale cellen), pathogenese
3
,B. HET DIAGNOSTISCH PROCES
INLEIDING
Diagnose = Diagnosis entails the integration of history, signalment, clinical signs, gross lesions,
microscopic changes in tissues and cells, and any ancillary (microbiologic, immunologic, molecular,
toxicologic/ chemical) test results to arrive at a reliable conclusion with respect to the cause of disease or
death.(op basis van de anamnese en bijkomende testen en eigenschappen van het dier een diagnose
maken)
- hulp bij preventie en controle van besmettelijke ziekten bij in groep gehouden dieren
- opsporen van nieuwe of “emerging” ziektes
- huisdieren: hulp bij rouw en afsluiten (als eigenaar weet waaraan dier gestorven is)
- bijdrage tot ziekte-monitoring
- Belang van:
o Correcte diagnose
o gestandaardiseerde terminologie (belang van deze cursus)
- Belang van “one health
o Gezondheid dier, mens en omgeving verbonden => interacties bevorderen gezondheid
van de verschillende componenten
METHODEN
- Informatie gegeven door de dierenarts en/of eigenaar:
o essentieel maar niet altijd beschikbaar
o “partnership” tussen clinicus en patholoog (zo veel mogelijk info proberen verkrijgen)
o geeft richting aan toxicologisch/microbiologisch onderzoek en staalname/bewaring
o nood voor fotografische documentatie? (vooral in kader forensische diergeneeskunde)
o welke organen/weefsels vragen speciale aandacht? (bv bij lusteloos dier)
o blijf open-minded! Als je hoort dat er een probleem was met de luchtwegen geeft het een
indicatie wat je extra moet bekijken, maar al de rest moet je ook bekijken
- Werken met gestandaardiseerd protocol (alles in bepaalde volgorde georganiseerd)
- Verschil tussen bevindingen en interpretatie
o Bevinding: wat je ziet: heel objectief beschrijven
o Interpretatie van de bevindingen is subjectief
TYPES ONDERZOEKEN
NATUURLIJK VOORKOMENDE ZIEKTE
- Grootste aandeel van cases
- Nood aan vertrouwdheid van patholoog met meest voorkomende ziekten bij huisdieren
- MAAR … altijd open-minded blijven
o Varken denk je vaak aan maagdarmproblemen of pneumonie; maar er kan altijd iets
anders zijn
o Nooit op iets gefixeerd zijn
4
,FORENSISCH
- Bij vermoeden van dierenmishandeling
- Belang van protocol!! Zodat je zeker niets vergeet te bekijken
- Fotografische documentatie vereist (identiteit, letsels)
o Alle letsels fotograferen
o Ook het dier zelf voor identificatie
- Bijkomend: tijdstip overlijden, ouderdom huidletsels, verdrinkingsdood …
o Hoe oud zijn de huidletsels in vergelijking met het tijdstip van overlijden
- Staalname: voldoende lang bewaren
o Tot dat gerecht zegt dat het materiaal mag vernietigd worden
- Informatie van autopsie gebruiken in juridische setting
DOOD TIJDENS OF NA ANESTHESIE
- Eigenaar wil vaak weten hoe het komt
- Niet altijd evident: vaak geen laesies (vaak zie je niks)
- Mogelijks juridische implicatie: documenteren van identiteit en letsels (is er iets gebeurd, een
soort fout?)
- Verhoogde gevoeligheid voor anesthesie ? (was het dier kwetsbaarder tijdens de anesthesie en
had het meer risico op sterfte?)
o hartletsel of cardiomyopathie (degeneratieve toestand van de hartspier waardoor het
minder goed functioneert)
o brachycefaal syndroom (deze dieren hebben vaak ademhalingsproblemen door
vernauwde neusgaten, verlengd zacht gehemelte, afgeplatte trachea, vergrootte tong
=>kwetsbaarder voor anesthesie)
o systemische (non-)infectieuze aandoening (aandoening die volledige lichaam aantast
(infectieus/niet infectieus)
- Uitsluiten van onderliggende aandoening (soms enkel sommige zaken uitsluiten, kan ook
waardevol zijn) => soms accepteren dat je het niet gaat vinden
EXPERIMENTELE ZIEKTE, TOXICOPATHOLOGIE
- Gaat over wetenschappelijk onderzoek; samenzitten met onderzoekers (waar moeten we extra
aandacht aan schenken tijden autopsie?)
- Patholoog: altijd betrokken bij experimenteel design
- Op punt stellen van gestandaardiseerd autopsieprotocol en staalnames
- Good laboratory practice (GLP) = concrete richtlijnen uitgegeven door overheidsinstanties waar
we ons aan moeten houden; zo een staal moet je nemen, zo veel dieren moet je onderzoeken….
- Precieze en reproduceerbare scoring van macroscopische en histologische letsels
- Vergelijking controle en behandelde dieren: controlegroep en behandelde groep en dan het letsel
gaan scoren (en hieruit afleiden of het geneesmiddel zijn werk doet of niet)
- Bv: veel scharren met diepe huidletsels
o Niet gepigmenteerde zijde ligt op de bodem; hier een actieve ontsteking (rood,
bloedingen, inflammatie)
o Staal nemen van een actief letsel en niet van een genezend; hier meer kans om het agens
aan te treffen
o Huidulceraties scoren op pigmentatie, verhevenheid, en andere criteria => per vis een
score geven van ergheid ulceratie
5
,TELEPATHOLOGIE
- Virtuele microscopie (met ingescande coupe)
- Slide scanners (zie practicum)
- Belang van levenslang leren & interdisciplinair & internationaal overleg !
MACROSCOPISCH ONDERZOEK
SYSTEMATISCHE BENADERING
Belang van systematische benadering
- ook voor ervaren patholoog (Werken volgens gestandaardiseerd protocol dat je echt moet volgen)
o Onder stresstoestanden is er minder kans dat je zaken over het hoofd ziet
- vooral bij “plotse sterfte”
Skills:
- open houding, onderzoekend, zorgvuldig tewerk gaan
- snijvaardigheden
- kijken & palperen (lokalisatie, kleur, grootte, vorm, consistentie, aspect bij doorsnede)
o kijk voel ruik: gebruik al de zintuigen
- beschrijven (belang van deze cursus)
- interpreteren (en daarna diagnose stellen)
- levenslang leren !
Macroscopisch onderzoek: BESCHRIJVING van de letsels (belang van deze cursus)
- plaats
o waar komt het voor
o bilateraal, craniaal,… op de longen
- distributie
o op 1 plek, op meerdere
- kleur
- vorm
o driehoek, vierkant, steekt het uit
- demarcatie
o aflijning; scherp of loopt het over in omgevend weefsel
- grootte
- consistentie
- andere kenmerken
o bv geur, knisperingen horen (gasvorming door bv bacterie)
Morfologische / pathologische DIAGNOSE:
- herkennen en interpretatie (je hebt een beschrijving en dat ga je interpreteren en op basis van dit
een morfologische pathologische diagnose stellen en later een definitieve diagnose te stellen)
van beschreven letsels
- = “duidelijke en beknopte benaming van een patroon van structurele veranderingen die worden
waargenomen in een macroscopische (of microscopische) lesie”
- cruciale stap op weg naar definitieve diagnose
- ≠ etiologische diagnose (= de oorzaak noemen)
6
, - ≠ differentiaal diagnose (= oplijsten welke mogelijke ziekten de oorzaken zijn van de letsels die je
ziet)
- plaats van letsel en aard van de reactie op letsel (degeneratie, necrose, circulatiestoornis,
inflammatie, groeistoornis,…)
o vb. nefritis: inflammatoir proces thv nier
o vb. descriptoren inflammatie: suppuratief / granulomateus (etterig/)
o bijkomende beschrijving: distributie (waar zit het), graad van ergheid, leeftijd (acuut,
subacuut, chronisch (als je bv littekenweefsel ziet)) (belang van deze cursus)
Case uit autopsiezaal:
- Kat: vermoedelijk drachtig en plots dood in kattenbak aangetroffen (1 jaar oud)
- Uterushoornen zijn sterk opgezet, etter in de buikholte
- Elk deel systematisch bekijken en beschrijven (als je niet ziet gwn normaal schrijven)
- Dan pathologische diagnose van maken
- Daarna einddiagnose maken (eigenaar krijgt dit te zien)
PROBLEEM-GEORIËNTEERD WERKEN
- We gaan focussen op een probleem; vooral bij productiedieren (longaandoeningen en diarree
komen vaak voor)
- Vooral van belang bij productiedieren
- Focus op meest voorkomende oorzaken van dood & productieverliezen:
o intestinale aandoeningen → diarree
▪ snel postmortaal verval van de darmen dus eerst staal nemen van darmen
• (hersenweefsel vervalt ook snel dus bij vermoeden neurologische
problemen ook eerst hersenen staal nemen)
o Ademhalingsaandoeningen
o Maar open minded blijven en ook andere organen bestuderen
- Categorisatie van ziekte syndromen (bv diarree, abortus, ademhalingsziekte, vermoedelijke
vergiftiging …)
o bv: diarree: asap verzamelen van intestinaal weefsel
o let wel: blijf open-minded ! (“more is missed by not looking than not knowing”)
- Wanneer ?
o bij voldoende anamnese, signalement, omgevingsfactoren (NIET bij onverwachte
dood=> dan systematisch onderzoek)
o wetenschappelijk onderzoek
▪ op basis van aanwezige kennis (literatuur, vorige studies)
▪ toch voldoende systematisch & grondig werken! (geen organen vergeten!)
OUDERDOMSGERELATEERDE VERANDERINGEN EN ANDERE INCIDENTELE L AESIES
- dieren worden steeds ouder =>bij oudere dieren soms afwijkende zaken die te maken hebben
met ouderdom (het is daar maar geen relatie tot klinische tekenen)
- Zie verder
- Vaak geen klinische tekenen
7
, - Bv. Cholesterol granuloma’s (tumorvorming) choroïd plexus paard (=cholesteatoma) (bevat
cholesterolkristallen)
o Komt voor bij oudere paarden
o Vaak geen klinische tekenen mee geassocieerd => soms kan het wel klinische tekenen
geven als het groot is en druk geeft op omliggend hersenweefsel
▪ Geeft soms blindheid of ataxie
- Bv. Siderofibrotische plaques milt hond
o Geel-witte onregelmatige structuren op rand van de milt die hard aanvoelen
o Gefet geen klinische tekenen
- Bv. Osteopenie (mindere botaanmaak), degenerative joint disease (arthrose), skeletspieratrofie,
cerebrocorticale atrofie
POSTMORTEMVERANDERINGEN
- Veranderingen: iets anders dan dat je zou verwachten, maar niet alle veranderingen zijn letsels
=>postmortale veranderingen (doordat het dier dood is en gaat vervallen) is geen letsel
- Onderscheid met letsels ~ postmortem interval, wijze van sterfte, lichaamstemperatuur en
omgeving
o Postmortem staat altijd vermelden in autopsieverslag
- Rigor mortis
- Bloedstolling in bloedvaten en hart
- Livor mortis
- Autolyse
- → zie verder
STAALNAME EN BEWARING
- “It is always better to have representative samples of routine tissues and organs in the formalin
container, even when there is no intent of histologic evaluation of every formalin-fixed tissue.”
- Cf. histologisch onderzoek
- Cf. staalname microbiologisch onderzoek (frigo, -70°C); zie ook les ivm morfologie van
infectieuze aandoeningen
8