• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 140 pages
Summary

samenvatting diversiteit en gelijke kansen (onderwijs in een gekleurde samenleving)

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 140 pages

alle lessen en het boek zijn zeer uitgebreid verwerkt in deze samenvatting.

Content preview

DIVERSITEIT EN GELIJKE KANSEN
HOOFDSTUK 1: BEGRIPPEN
AFBAKENEN
1. AFBAKENEN CONCEPTEN

1.1 ETNICITEIT

Definitie etniciteit: = maatschappelijk veronderstelde gemeenschappelijke afkomst
van een groep mensen

 Etnische groep = groep van mensen waarvan gedacht wordt dat ze
gemeenschappelijke afkomst hebben

Misverstand:

 Etniciteit wordt vaak enkel gebruikt als het gaat over etnische minderheden
o = niet correct -> iedereen heeft een etniciteit (ook etnische
meerderheid)

 Etnisch wordt vaak gebruikt als synoniem voor exotisch
o Bv: ‘etnisch restaurant’ maar friet met mayo = even etnisch als kebab

 Verkeerd gebruik van begrip is overal te vinden:
o De niet- witte pop -> wordt als ‘etnisch’ gelabeld en witte pop -> krijgt
geen label
o MAAR: ze hebben beide afkomst dus beide even etnisch




 Dispensatie van etniciteit: autochtonen worden niet gezien als dragers van een
etnie

 Etnische meerderheid worden in Vlaanderen -> autochtonen genoemd
(inboorlingen vn Vlaanderen)
o Blanke/ witte mensen zonder migratieachtergrond -> ook vermeende
gemeenschappelijke afkomst

 Etnische minderheden of geminoriseerde groepen -> niet allochtoon
noemen in cursus:
o Heeft niets te maken met zogenoemde negatieve bijklank/ politieke
correctheid
1

, o MAAR: het begrip kan niet goed gedefinieerd worden -> verwarring
mogelijk:
 Zo wordt allochtoon bv niet gebruikt voor west Europese witte
immigranten




Gemeenschappelijke veronderstelde afkomst:

 =/ inherente eigenschap !
 Wat mensen denken : sociaal construeren -> sociale constructie
 Extern : niet noodzakelijk wat je zelf denkt over je eigen afkomst

Gemeenschappelijk afkomst kan verwijzen naar velen dimensies:

 Nationale/regionale origine, moedertaal, religie, ras
 Het zijn alle kenmerken die groepen van mensen collectief kunnen doorgeven



 Etniciteit = multidimensionaal: ze kan verwijzen naar tal van eigenschappen van
de afkomst van mensen

 Historisch en politiek: bepalen welke dimensie wordt benadrukt:
o Joods als etniciteit na WO II
o Moslim als etniciteit na 9/11
 Vroeger trad hun religie minder op de voorgrond dan nationale
origine
 Werden gwn ‘turken’ genoemd
o Nadruk op ‘anderstaligen leerlingen’µ
o ‘black’ als etniciteit na BLM




1.1.1 DIMENSIES WAARUIT GEMEENSCHAPPELIJKE AFKOMST WORDT
AFGELEZEN

A. NATIONALE/ REGIONALE ORIGINE = DIMENSIE VAN ETNICITEIT
 In West- Europa: verwijst etniciteit meestal naar:
o De nationale/ regionale origine van groepen: Uit welk land of welke
regio zijn mensen en hun (groot) ouders afkomstig
o Gelinkt aan wel of geen migratiegeschiedenis
o Kleiner wordende groep van autochtonen (inboorlingen)

 Belangrijke migratiegolven in vorige eeuw -> belangrijk om demografische
kaart met andere etnisch-nationale groepen te begrijpen
o Arbeidsmigranten: om tekort in arbeidsmarkt op te vullen
o Eerste golf: Zuid- Eruopa (o.a. italianen)
 Marcinelle-mijnramp (1958) markeerde het einde van grote
Italiaanse migratie.
 Veel tewerkstelling in Limburgse mijnen, later in bouw en
textiel.
2

, o Tweede golf: vooral van Turkije & Marokko

 Geen goede indicator van nationale origine : nationaliteit (of staatsburgerschap)
o Want heel veel mensen met migratieachtergrond^p))^- hebben Belgische
nationaliteit
o Beter: geboortenationaliteit / geboorteland van (groot)ouders
 Bv: wanneer het over Turkse leerlingen gaat -> gaat het meestal
over leerlingen met (groot) ouders geboren in Turkije




 Indicator: geboorteland en geboorteland (groot)ouders
o 1ste generatie immigrant:
 Leerlingen die in het buitenland geboren zijn
o 2de generatie:
 Leerlingen die in België zijn geboren maar minstens 1 ouder hebben
die in het buitenland is geboren
o 3de generatie:
 Leerlingen waarvan beide ouders in België ter wereld kwamen maar
waarvan minstens 1 grootouder in het buitenland geboren is

 Geboorteland = betere indicator van etnische nationale achtergrond dan
nationaliteit
o MAAR: Belgische bevolkingsstatistieken + onderwijsstatistieken => geven
geen info over geboorteland, In wetenschappelijk onderzoek -> gelukkig
wel

o Beperkingen van geboorteland als indicator : mensen weten niet
altijd waar al hun overgroot ouders geboren zijn en het is niet makkelijk
om+ dat na te gaan



 Vanaf jaren 2000: ‘superdiversiteit’
o Kwantitatief : aantal immigranten nam sterk toe
 Leidt tot majority-minority cities:
- Meerderheid van mensen in deze steden worden gevormd door
etnische minderheden

o Kwalitatief: immigratie werd veel diverser op vlak van sociaal-
economische achtergrond en nationale origine (immigranten hebben geen
homogene achtergrond meer)
 Bv: immigratiegolf van vluchtelingen uit oorlogsgebieden bestaat
ook voor groot deel uit hoog opgeleiden




 Migratieachtergrond nog steeds gerelateerd aan leeruitkomsten




3

, B. MOEDERTAAL = TWEEDE DIMENSIE VAN ETNICITEIT
 Moedertaal = taal die onze ouders aan ons hebben doorgegeven:
o Kan ook iets zeggen over etniciteit, veronderstelde afkomst
o We spreken over etnolinguïstische groepen




 Tael is gansch het volk! = slogan van Vlaamse beweging in 19de eeuw:
o Taal wordt dan gezien als fundament van identiteit van het volk en moet
beschermd w.

 Meerderheid in Vlaanderen: eentalig Nederlands
 Grootste talige minderheid: franstalige

 Percentage anderstalige is gestegen + zijn eigenlijk meertalige in wording
(want bijna alle anderstalige kinderen in Vlaanderen leren het Nederlands)

 1/3 kinderen: meertalig/ anderstalig:
o Gelijktijdig tweetalig: Nederlands + moedertaal gelijktijdig leren van bij
de geboorte
o Opeenvolgend tweetalig: Nederlands leren op het ogenblik dat ze naar
kinderopvang/ kleuterschool gaan

 Thuistaal = een van de weinige officiële onderwijsstatistieken die we in
Vlaanderen hebben:
o Thuistaal w. geregistreerd voor alle lln + school financiering hangt er mee
samen




 Beduidende kloof tussen hoe anderstaligen en Nederlandstaligen presteren op
vlak van wiskunde en begrijpend lezen:

4

Table of contents

  1. 01 1. afbakenen concepten 1
    1. A. nationale/ regionale origine = dimensie van etniciteit 2
    2. B. moedertaal = tweede dimensie van etniciteit 4
    3. C. religie = derde dimensie om etnische groepen te onderscheiden 5
    4. D. ras = vierde dimensie van etniciteit 5
    5. 1.2 cultuur 8
    6. 1.3 identiteit 10
  2. 02 2.1 ongelijkheid van schoolprestaties 11
    1. 2.1.1. verklaringen (defict-verklaringen) 13
    2. 2.1.2. Kwaliteitsdaling 14
    3. 2.2 segregatie 15
    4. 2.3. Stereotypen 16
    5. 2.4. Vooroordelen (prejudice/bias) 18
    6. 2.5. Verwachtingen 19
    7. 2.6. Discriminatie 21
    8. 2.7 racisme 24
  3. 03 3. Voorbeeld examenvragen : 27
  4. 04 1. Ongelijkheid: 2 soorten verklaringen (die tegenover elkaar staan) 29
    1. 1.1 Deficitverklaringen (achterstand) 29
    2. 1.2 Kritiek op deficitdenken 29
    3. 1.3 systemische verklaring 30
    4. 1.4 kritiek op systemische verklaringen: wat met agency? 31
    5. 1.5 Pierre Bourdieu: een synthese 34
  5. 05 2. rol van intelligentie 36
    1. 2.1 validiteit IQ 37
  6. 06 3. de rol van taal 38
    1. 3.1 taalachterstand hypothese 39
    2. 3.2 taalontwikkeling en SES 40
    3. 3.3 taalontwikkeling bij meertalige leerlingen 40
    4. 3.4 voordelen meertaligheid 41
  7. 07 4. Wat met tekorten gezin? 41
  8. 08 5. de rol van religie 42
    1. 5.1 Wat is religiositeit 44
    2. 5.2 religiositeit en onderwijsuitkomsten 45
    3. 5.3 religieuze scholen en onderwijsuitkomsten 46
    4. 5.4 zijn islamitische scholen wenselijk? 47
    5. 5.5 conclusie : gemeenschap aan stuurwiel van emancipatie 48
  9. 09 1. onderwijsbeleid: gelijke startkansen of gelijke uitkomsten? 49
  10. 10 2. schoolbeleid: omgaan met etnische diversiteit 51
    1. 2.1 assimilatie aanpak: terugdringen van etnische verschillen 52
    2. 2.2 kleurenblinde aanpak: negeren van verschillen 53
    3. 2.3 pluralismeaanpak: multiculturalisme en interculturalisme 57
  11. 11 3. pluralisme in de schoolpraktijk 59
    1. Vijf dimensies 60
    2. 3.1 dimensie 1: integreren van diverse inhouden 60
    3. 3.2 dimensie 2: kennisconstructie toelichten 61
    4. 3.3 dimensie 3 : vooroordelen terugdringen 62
    5. 3.4 dimensie 4: streven naar een pedagogie van gelijkheid 64
    6. 3.5 dimensie 5: empoweren van schoolcultuur en sociale structuur 64
    7. 3.6 benadering 1: de constibutiebenadering 65
    8. 3.7 benadering 2: additieve benadering 66
    9. 3.8 benadering 3: transformatieve benadering 66
    10. 3.9 benadering 4: de sociale-actie benadering 67
  12. 12 Examenvragen 67
  13. 13 1. meerwaarde 69
  14. 14 2. politiek discour 69
    1. 2.1 WAAROM? 69
  15. 15 3. taalontwikkeling binnen het gezin en de school 71
    1. 3.1 taalontwikkeling: een cyclus 72
  16. 16 4. gezinsbeleid: meertalig opvoeden 78
    1. 4.1 route 1: OPOL (one parent one language) 79
    2. 4.2 route 2: MIXEN 80
    3. 4.3 route 3: MT + MIXEN 81
    4. 4.4 route 4: NL + MIXEN 81
    5. 4.5 route 5: enkel MT 82
  17. 17 5. schooltaalbeleid 83
    1. 5.1 taalassimilatie : terugdringen van talige diversiteit 84
    2. 5.2 taal-laisser- faire: negeren van talige diversiteit 86
  18. 18 1. inleiding 95
  19. 19 2. digitale kloof 95
    1. 2.1 eerste laag : toegangskloof 95
    2. 2.2 tweede laag: gebruik en vaardigheden 96
    3. 2.3 derde laag: opbrengsten 100
  20. 20 3. digitale risico’s: 102
    1. 3.1 aandacht vs. afleiding 102
    2. 3.2 regulering vs. deregulering 105
    3. 3.3 relationaliteit vs .vervreemding 108
  21. 21 4. digitale rechtvaardigheid 111
    1. 4.1 voorbij fysieke drempels 111
    2. 4.2 voorbij financiële drempels ` 113
    3. 4.3 voorbij temporele drempels 114
    4. 4.4 voorbij talige drempels 116
    5. 4.5 voorbij culturele drempels 118
  22. 22 5. omgaan met digitalisering: verschillende visies 119
    1. 5.1 Techno-solutionisme 119
    2. 5.2 techno- skeptisme 121
    3. 5.3 tweezijdig kritisch digitale rechtvaardigheid 124
  23. 23 6. de warm-strenge aanpak van digitalisering 125
    1. 6.1 rechtvaardige toegang / blokkering 125
    2. 6.2 rechtvaardig digitaal gebruik en digitale vaardigheden 127
    3. 6.3 rechtvaardig digitaal ontwerpen 131
  24. 24 7. praktijkvoorbeelden 135
    1. 7.1 Kids unplugged 135
    2. 7.2 open DNS family Shield 136
    3. 7.3 Klas Cement & Wikiwijs 136
    4. 7.4 bednet 137
    5. 7.5 Binogi 137
    6. 7.6 reading progress 138
    7. 7.7 aangepaste AI – assistenten met LLM 138
    8. 7.8 begeleid leren met LLM 139
  25. 25 8. conclusie 139

Connected book
 image
Publisher: Unknown ISBN: 9789462672505 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
Yes
Uploaded on
September 15, 2026
Number of pages
140
Written in
2025/2026
Type
Summary
$11.72

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
1
Followers
0
Items
1
Last sold
4 days ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions