Unidad 0
1. LA PRONUNCIACIÓN (bekijken)
Pagina 1 van 25
, Unidad 1
1. LA ACENTUACIÓN
Spaanse Accentregels
In het Spaans heeft elk woord een klemtoonlettergreep (sílaba fuerte). Om te weten welke dat is,
zijn er de volgende regels:
a) Woorden die eindigen op een klinker, -n of -s hebben de klemtoon op de voorlaatste
lettergreep: cultura, turismo, resumen, tapas
o De meeste woorden in het Spaans hebben deze klemtoon.
b) Woorden die eindigen op een medeklinker (behalve -n en -s) hebben de klemtoon op de
laatste lettergreep: hotel, profesor, ciudad
c) Alle woorden die deze regel niet volgen, krijgen een schriftelijk accent (acento gráfico) op
de lettergreep met de klemtoon: Perú, holandés, fútbol, música
Opmerkingen:
Wanneer de klinkers i en u (de zwakke klinkers) met elkaar of met een andere klinker
gecombineerd worden, vormen ze deel uit van dezelfde lettergreep: I-ta-lia, bue-no, ciu-
dad. Deze combinaties worden diftongen (diptongos) genoemd.
Als de i of de u een schriftelijk accent heeft, behoren de klinkers tot verschillende
lettergrepen: dí-a, pa-ís, frí-o, Ra-úl
De combinatie van de klinkers a, e en o (de sterke klinkers) wordt in twee lettergrepen
uitgesproken: pa-e-lla, mu-se-o
Vraag- en uitroeptekens krijgen altijd een schriftelijk accent: ¿Qué? ¿Cómo? ¿Quién?
¿Dónde? ¿Cuánto? ¡Qué! ¡Cómo! ¡Cuánto!
Het diakritische accent (acento diacrítico) onderscheidt woorden die hetzelfde
geschreven worden, maar verschillende betekenissen hebben. Enkele voorbeelden:
Zonder accent Functie Met accent Functie
el Lidwoord (het; the) él Voornaamwoord (hij; he)
mi Bezittelijk (mijn; my) mí Voornaamwoord (mij; me)
si Voegwoord (als; if) sí Bijwoord (ja; yes)
tu Bezittelijk (jouw; your) tú Voornaamwoord (jij; you)
2. EL ARTÍCULO Y EL SUSTANTIVO
Het Bepaalde Lidwoord (El artículo determinado)
Het bepaalde lidwoord wordt gebruikt om nogmaals te spreken over een ding of een persoon die
eerder is genoemd of die, in het algemeen, bekend is.
Mannelijk Enkelvoud Mannelijk Meervoud Vrouwelijk Enkelvoud Vrouwelijk Meervoud
(masculino singular) (masculino plural) (femenino singular) (femenino plural)
el producto los productos la industria las industrias
Opm.: a + el = al en de + el = del
Het Onbepaalde Lidwoord (El artículo indeterminado)
Pagina 2 van 25