Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 79 pages
Summary

Samenvatting Embryologie en genetica | Deel 1 | VIVES | 2026/27

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 79 pages

Dit studiemateriaal behandelt de fundamenten van embryologie en genetica voor de Bachelor Vroedkunde aan VIVES. De inhoud omvat erfelijk materiaal, chromosomen, karyogrammen, het menselijk genoom, oncogenen, tumorsuppressorgenen en gentherapie (inclusief CRISPR-technologie). Ideaal voor examenvoorbereiding en het begrijpen van de kernconcepten uit het eerste deel van de cursus.

Content preview

lOMoAR cPSD| 59965416




Deel 1: fundamenten van embryologie en genetica
Embryologie = studie van de ontwikkeling van een menselijk organisme vanuit één cel
Genetica = de studie van erfelijke informatie en de wijze waarop deze wordt overgedragen




Hoofdstuk 1 - Erfelijk materiaal
Erfelijk materiaal bevat erfelijke informatie
- Informatie bv oogkleur → ergens in lichaam info zodat iemand
blauwe ogen ontwikkeld
- Erfelijke info zit in de celkern van het menselijk lichaam
- Foto: vlokjes (uitstulpingen) van de dunne darm → zwarte bolletjes =
celkernen


1.1 Chromosomen
Mens = eukaryoot organisme
- Aflijnbare celkern (= nucleus)
- Chromosomen = draadjes kernmateriaal die enkel te zien zijn als de cel deelt . Wij hebben er 23 paar
- Chromatine = donkere, gevlekte kernsubstantie bij niet-delende cel (dit zie je als ze niet
delen)
Bouw van een chromosoom
T = telomeer
- Twee kapjes aan de uiteinden
- Zorgen ervoor dat chromosomen niet uitrafelen
- Telkens als cellen delen: telomeren korter
P = korte arm (petit)
C = een centrale insnoering
- Ankerpunt tijdens celdeling
- Hier klikken chromosomen vast aan spoeldraden
Q = lange arm (volgende in alfabet)

Celdeling
- Tijdens celdeling → chromosomen zichtbaar
1

, - Kernmateriaal wordt verdubbeld (in de S fase)
- Van elk chromosoom wordt een duplicaat (kopie) gemaakt =(zuster)chromatide
- Bij het begin van de celdeling bevat de cel 46 verdubbelde chromosomen = 92
zusterchromatiden.
- Net voor chromatiden uit elkaar gaan → typische gekruiste vorm → Is geen x chromosoom
(willekeurig chromosoom met x vorm)

Cel deelt -> telomeer korter -> nog korter -> chromosoom is gevoeliger aan schade. => speelt een rol in het
verouderingsproces
1.2 Karyogram
= onderzoek waarbij chromosomen uit kern van witte bloedcellen worden gehaald
Rangschikken volgens grootte
Uit karyotypering → nummering van chromosomen ontstaan

Rangschikt van groot (1) nr klein (21)., exclusief chromosoom X
en Y


Een normaal karyogram bevat 23 paar chromosomen:
➔ 22 paar autosomen (lichaamsbepalend)
o Homologe (gelijkwaardige) chromosomen. 1moeder-
en 1 vaderchromosoom
➔ 1 paar geslachtschromosomen (niet homoloog)
o XX = vrouw (grootste bevat meer erfelijke informatie)
o XY = man (kleinste)

Y-chromosoom heeft als enkele functie om zijn erfelijke info door te geven.
Functie: de mogelijkheid om grote structurele afwijkingen te detecteren zoals trisomie 13,18,21
Banderingspatroon
- Door toevoegen van kleurstoffen
- Donkere en lichte kleur
Notatie karyogram




Afkorting volgens de ISCN-nomenclatuur - Komma!! -
Autosomen enkel genoteerd als er afwijking is
1.3 Het menselijk genoom is diploïd
Genoom = de complete genetische samenstelling van een organisme, cel of virus (alle informatie in één
celkern)

2

, lOMoAR cPSD| 59965416




Ploïdie = het aantal complete sets chromosomen (n) per celkern
- Alle erfelijke info → verpakt als 23 paar chromosomen
- Alle erfelijke info is aanwezig in tweevoud daarom mensen diploïde wezens
- Voordeel tweevoud: indien schade aan de ene, andere als backup

Niet alle menselijke cellen zijn diploïd
- In rijpe zaad- en eicellen van elk chromosoom één exemplaar -> Gameten (= geslachtscellen)
= haploïd




Het mannelijk genoom is bijna diploïd → stelling klopt
- Vrouw XX & man XY
- Geslachtschromosomen bij een man zijn niet gelijkwaardig bij vrouw 2 keer X dus wel
gelijkwaardig
- Man is niet helemaal diploïd
- X en Y zijn niet homoloog
- Het Y chromosoom heeft nooit een backup
- Mannen zijn vatbaarder voor ziekte

Voorbeeld pagina 25 cursus
Polyploïdie = aantal complete sets chromosomen per celkern is groter dan 2
• Voorbeeld: troploïdie (3n) is mogelijk bij de mens → vaak leidt dit tot miskraam, abortus of
vroegtijdig overlijden
In plantenrijk: polyploïdie komt vaak voor → bananen (3n), aardbeien (8n)
Hierdoor zijn ze niet vruchtbaar en dus niet in staat om pitten aan te maken

Aneuploïdie = aantal chromosomen in een celkern is geen veelvoud van n
- Meest voorkomende chromosomale abnormaliteit bij de mens (vaak spontane abortus)
- Meeste voorkomende vormen bij levendgeborenen: trisomie 13,18,21
- Bekendste voorbeeld → trisomie 21 -> Extra chromosoom 21 (2n+1) → syndroom van
Down
- 47 chromosomen in totaal
- Karyotype: 47, XX+21 (meisje) 47,XY+21 (jongen)

1.4 DNA
Bouw van DNA
Na ontdekking van chromosomen duurde het 50 jaar vooraleer de bouwstructuur van DNA werd ontrafeld.

3

, 1944: chromosomen bestaat uit een ‘zuur’
DNA = desoxyribonucleïnezuur (deoxyribo-nucleic-acid)



Erfelijk materiaal vinden we terug als DNA
- Gespecialiseerde molecule die toelaat om info op te slaan en door te geven
- DNA = deel van familie nucleïnezuren

Chromosomen bestaan uit:
- Opgerolde DNA moleculen met histonen (verpakkingseiwitten)

DNA opgebouwd uit dubbele helix
Dubbele helix bestaat uit ‘vlecht’ van nucleotiden
Nucleotide bestaat uit:
- Suikermolecule → deoxyribose
- Een fosfaatgroep (P)
- Één van de 4 basen: Adenine, Thymine, Cytosine, Guanine




De baseparen zijn niet willekeurig
- Guanine – cytosine
- Adenine – thymine

Deoxyribosen en fosfaatgroepen vormen 2
tegengesteld lopende strengen → antiparallel

Elke streng heeft richting (polariteit)
- 5’-uiteinde = begin van de streng
- 3’-uiteinde = einde van de streng
- DNA stredfng loopt van 5’ naar 3’
Functies van DNA
1. Bewaren van informatie, nodig voor de bouw en functie van het organisme o alle organismen
gebruiken DNA o mens: in elke haploïde celkern als een genoom met 3.2 miljard baseparen
2. Doorgeven van deze informatie over verschillende generaties o DNA erg stevig → denaturatie vanaf
70° (ketens gaan uit elkaar)

Vermenigvuldigen (replicatie) van erfelijke info belangrijk om:
3. Weefsels te kunnen laten groeien
Info door te geven over verschillende generaties
→ gebeurt in de S-fase van de celcyclus
Voor de celdeling: beide nucleotideketens gaan uit elkaar en aan elke streng nieuwe complementaire
streng gesynthetiseerd → ontstaan nieuwe kopieën van de helix


Niet alle DNA wordt altijd gebruikt in elke cel → regelmechanismen hiervoor (later)
4. Recombinatie (herordenen)

4

Document information

Study
Uploaded on
September 10, 2026
Number of pages
79
Written in
2025/2026
Type
Summary
$10.95

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
12
Last sold
-




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions