Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 13 pages
Class notes

Aantekeningen HC Ecologie en Experiment | UU | Y1, Q4

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 13 pages

Aantekeningen van de hoorcolleges voor het vak Ecologie, experiment en Wetenschapsfilosofie. Bevat veel begrippen en diepgaande uitleg van de docenten. Bevat ook de formules en voorbeelden bij deze formules die je moet weten voor het tentamen.

Content preview

Ecologie, experiment en wetenschapsfilosofie aantekeningen

HC 1: organisms and the physical environment → Eco 1

Ecologie = studie van de interacties tussen organismen. Wordt beïnvloed door
abiotische (klimaat factoren en edafische factoren) en biotische factoren.

Abiotische factoren:

- Klimaatfactoren: neerslag, licht, wind, temperatuur.
- Edafisch: bodemtype, PH, nutriënten, topografie

Deze factoren variëren in ruimte en tijd, hierdoor zal er andere selectiedruk kunnen
ontstaan waardoor verschillende organismen een hogere/lagere selectiedruk hebben.
Het functioneren van een organismen is alleen mogelijk binnen zijn tolerantiebereik
(niche).

Niche = het bereik van fysieke en chemische omstandigheden (condities) waarbinnen
een soort kan bestaan. De essentiële hulpbronnen (resources) die een soort nodig heeft
om te bestaan behoren ook tot de niche van een organismen. → voordeel kleine niche
breedte (specialisten): weinig concurrentie van andere organismen die diezelfde niche
niet gebruiken. Een bredere niche is een grotere tolerantie. Fundamentele niche =
niches die organismen kunnen innemen in afwezigheid van andere organismen.
Gerealiseerde niches = niches die organismen kunnen innemen in aanwezigheid van
andere organismen (met concurrentie).

Habitat = waar komt de soort voor? Habitat valt binnen de niche van een organismen.

Niche variabelen:

- Condities: veranderlijk en niet consumeerbaar → temperatuur, PH, zoutgehalte
- Resources: veranderlijk en consumeerbaar (kunnen op raken) → roofdieren,
water, CO2, nestplaatsen, nutriënten.

Stress tolerantie = het vermogen om te blijven functioneren bij blootstelling aan
verschillende omstandigheden.

Acclimatisatie = een toename van de stresstolerantie van een individueel organismen na
blootstelling aan stress. → mogelijkheid om te kunnen acclimatiseren is voor veel
organismen een adaptatie.

Adaptatie = een genetisch bepaalde toename van de stresstolerantie als gevolg van
selectie over generaties.

Eigenschappen die zorgen of water wel of niet in de bodem blijft zitten:

- Bodem textuur: zand (erg grote deeltjes), silt (er tussen in) of klei (erg kleine
deeltjes). Zandkorrels houden water vast tussen de korrels met capillaire kracht

, (adhesie) maar zijn niet geladen waardoor het water er ook weer snel uit kan
lopen. Ook loopt het water er snel uit omdat de zandkorrels relatief groot zijn
waardoor de capillaire kracht kleiner is → hoe kleiner de deeltjes, hoe groter de
capillaire kracht en hoe beter water kan worden vastgehouden. Klei bestaat uit
kleinere deeltjes waardoor de capillaire werking groter is, hiernaast is klei ook
negatief geladen en houdt het het water beter vast.

In een pF-curve kan je de zuigkracht van een plant in een bodem
zien. Hoe hoger de pF, hoe groter de zuigkracht. Bij klei moet er een
grote pF zijn om water eruit te krijgen, terwijl bij zand de pF niet
groot hoeft te zijn om water eruit te krijgen.

Planten hebben verschillende strategieën om om te gaan met
waterstress door droogte:

- Uitstel van uitdroging: vetplantjes → huidmondjes alleen ‘s
nachts open, dikke cuticula (adaptaties)
- Tolerantie voor uitdroging: lepelplanten → gaan helemaal slaphangen waardoor
huidmondjes aan onderkant van bladeren minder in contact staan met omgeving
waardoor er minder water verdampt en ze minder water nodig hebben om koel te
blijven.
- Ontsnappen aan droogte: snel voortplanten

C allocatie = waar steekt de plant zijn energie van zijn gemaakte suiker in?
Als een plant in veel licht groeit steekt hij meer energie in zijn wortels
want: meer licht geeft meer warmte en meer verdamping en dus minder
water in plant.

Leaf area index: hoeveel m2 blad is er boven een m2 grond?

C4-planten: leggen eerst CO2 vast in een 4-C molecuul in de
bundlesheet cellen waardoor C meer geconcentreerd is en RUBISCO
sneller bindt aan C en niet per ongeluk aan O. → beter aangepast bij hogere
temperaturen.

Voordeel C3-planten waardoor ze nog steeds bestaan: ze hebben een groter voordeel bij
hoge CO2 concentraties. Vastleggen van CO2 in 3-C molecuul kost minder energie dan
het vastleggen in 4-C molecuul.

Cation exchange capacity (CEC): de hoeveelheid kationen (+ ionen) en anionen (- ionen)
een bodem kan vasthouden. Planten kunnen H+ vrij laten komen in de bodem waardoor
andere voedingsstoffen/kationen voor de planten uit de bodem kunnen vrijkomen. Bij
een hogere CEC is er een lagere PH en kan er meer voedingsstof/kationen vrijkomen
voor de plant. → door het afgeven van H+ komen kationen uit de negatieve klei deeltjes
vrij en kunnen worden opgenomen door de plant.

Document information

Study
Uploaded on
September 8, 2026
Number of pages
13
Written in
2025/2026
Type
Class notes
Professor(s)
Jonno van vulpen, abigail, jonas
Contains
All classes
$7.75

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
25
Last sold
-




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions