Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 10 out of 100 pages
Summary

Cross-Culturele Psychologie Samenvatting

Document preview thumbnail
Preview 10 out of 100 pages

Zeer volledige samenvatting van alle hoofdstukken: omvat boek + slides powerpoints + mondelinge toelichting in hoorcolleges. Meteen geslaagd in eerste zittijd dankzij deze samenvatting (18/20).

Content preview

cross-culturele psychologie




DEEL 1:
GEBIEDSOMSCHRIJVING
EN METHODOLOGIE




1

,cross-culturele psychologie


HS 1: inleiding in de
cross-culturele psychologie
even vooraf…
• niet veel cultuurverschil verwacht met Nederland, maar eigenlijk toch veel verschillen (vb: taal)
• DUS: er is meer diversiteit dan we in eerste instantie denken
• veel manieren waarop mensen ‘meer dan één cultuur’ als ‘identiteit’ hebben en zich
‘thuis voelen’ in verschillende culturen


1.1 WAT IS CULTUUR?
• de mens als culturele soort: culturele diversiteit is eigen aan de mens
o de mens is een culturele soort ivm andere diersoorten
o evolutie van de menselijke soort via cultuurcontact
• cultuurcontact is zo oud als de mens (cf. wereldwijde migratiestromen)
o vanaf ontstaan van de mens al migratiestromen
o geen andere diersoort overleefde zo veel klimaatveranderingen etc.
o DUS: migratie is GEEN recent verschijnsel
• observatie: uitzonderlijk aanpassingsvermogen aan zeer heterogene omstandigheden
o aanpassingsvermogen is typerend voor de mens: we kunnen ons aanpassen aan…
§ # natuurlijke en mensgemaakte omgeving
§ # sociale organisatie en levensonderhoud
§ # menselijke kennis en kunde
• resultaat: grote diversiteit aan menselijke levenswijzen
• tweeledige verklaring:
o neuroplasticiteit van het menselijk brein (= ‘hardware’)
§ het menselijk brein is heel plastisch dus kan zich goed aanpassen
o cultuuroverdracht als uniek evolutionair voordeel (= ‘software’)
§ niet enkel genetische overdracht, maar ook culturele overdracht via socialisatie
(vb: taal, normen, waarden, …)
§ hierdoor ontstaat een cumulatieve en complexe cultuur
§ = evolutionair voordeel in de software: levenslang leren

hierdoor kunnen we
huilen bij een Japanse
film en verliefd worden
op iemand met een
andere cultuur




“cultuur is een door een gemeenschap gedeeld systeem van waarden, normen, ideeën, attitudes,
gedragingen, communicatiemiddelen en de producten (*) ervan die van generatie op generatie
worden overgeleverd”
(*) zoals voorwerpen, teksten, …

2

,cross-culturele psychologie

metafoor: “it would hardly be fish who discovered the existence of water” (— antropoloog Kluckhohn)
• wij zijn als vissen zwemmend in het water dat cultuur is
• zelf niet bewust van eigen cultuur omdat men dit als ‘vanzelfsprekend’ ziet
o “heb ik een accent?”: als iedereen rondom jou met hetzelfde accent spreekt,
hoor je geen accent – eigen accenten hoor je niet, accenten van anderen wel (cf. cultuur)


cultuur verandert doorheen de tijd

weergave cultuur: “onion-model of culture”
buitenste schil – material culture:
• zichtbaar en opvallend, eerste wat opvalt
• vb: gebouwen, kleding, voeding
middelste schil – social culture
• directe en indirecte communicatie:
sociale omgangsnormen, regels, taal, …
binnenste schil – subjective culture:
• denken, voelen, handelen van mensen
• (hierin zijn psychologen geïnteresseerd)

1.1.1 cultuur is gedeeld
• cultuur is geen individueel verschijnsel, maar heeft altijd betrekking op een groep mensen
o voor cultuur is een groep nodig – je kan niet op je eentje een cultuur uitvinden of hebben
o van heel klein (bv. subculturen) tot heel groot
• elke groep die iets gemeenschappelijks heeft, deelt een gemeenschappelijke cultuur
o de mate waarin het gedeeld is varieert: individuele verschillen binnen eenzelfde cultuur:
§ ⟷ oppervlakkige zichtbare kenmerken:
- bv. klederdracht, taal, voeding, expliciete regels, rituelen
§ ⟷ diepe minder zichtbare kenmerken:
- bv. emoties, motivatie, waarden, zelf- en wereldbeelden
- cf. wat is wijsheid, liefde, vrijheid, respect, God, verantwoordelijkheid…?
o ook persoonlijkheid, levenservaringen en de vele “cultuurtjes” (vb: KUL, chiro, bedrijf)
waar je deel van bent, spelen een rol in wie je bent: die combinatie is voor iedereen uniek
§ DUS: cultuur ≠ allesbepalend
• ook verschillen in ‘hechtheid’ tussen culturen: tight vs loose cultures
o tight cultures: strikte culturen
§ vaste regels over gedrag – meer gedrag is cultureel gecodeerd (≈ voorspelbaar)
o loose cultures: losse culturen
§ weinig regels over gedrag – minder gedrag is cultureel gecodeerd
• nuanceringen:
o geen scherpe grenzen tussen culturen
§ bv. ‘de Vlamingen’ vs ‘de Limburgers’
§ voorzichtig mee zijn want veel overlap
o mensen behoren tot meerdere groepen: “culturele di=usie” en “mengculturen”
§ je kan mensen NOOIT reduceren tot één enkele cultuur
§ mengculturen oa door globale interdependentie, migratie, diversiteit
§ binnen culturen ook veel variatie dus mensen niet vastpinnen op die categorieën
§ culturen zijn hybride (emergent): niet 1 cultuur/persoon (mono-cultureel), maar
in één persoon vaak >1 cultuur

3

,cross-culturele psychologie

1.1.2 cultuur is overgeleverd
• cultuur wordt aangeleerd via socialisatie (*) (⟷ aangeboren via genen)
• cultuur is datgene wat gemaakt en verworven is door de mens, “bovenop de natuur”
(gaat niet over biologische of fysieke eigenschappen, maar wat we doorheen ons leven leren)
• gebeurt bewust en onbewust
o zelfs de meest eenvoudige dingen zijn cultuurgebonden (vb: hoe we iemand begroeten)
o verbaasde reactie als je dit op een andere manier doet: cultuur kan ook dwingend zijn
• nuanceringen:
o cultuuroverdracht door sociaal leren laat ruimte voor verandering / vernieuwing als
aanpassing aan verander(en)de omgeving
o cultuur beïnvloedt haar leden maar ook omgekeerd
o overdracht van cultuur is nooit een exacte replicatie

(*) SOORTEN SOCIALISATIE: SOCIALISATIEPROCES VOLGENS BOURDIEU
primaire socialisatie door directe familie: ouders of andere centrale zorgfiguren
secundaire socialisatie door school, vrienden, hobby’s, werk, …
tertiaire socialisatie door samenleving en media (tv, internet, …)
• stelt ons bloot aan gedragingen: zo leren we de verwachtingen
• cultuurpatroon wordt zo overgedragen en geïnternaliseerd

SOORTEN CULTUUROVERDRACHT
enculturatie acculturatie
ccultuuroverdracht in tijd cultuuroverdracht in geografische sociale ruimte
cultuuroverdracht doorheen levensloop cultuuroverdracht via contact andere culturen
(eerste cultuur die je aanleert) (op latere leeftijd)
men wordt ouder en participeert in een cultuur, omgeving verandert op latere leeftijd
kan ook in meerdere culturen door door migratie, kolonisatie, globalisatie,
opgroeien met ouders van verschillende ouders die hertrouwen, …
culturele achtergronden
vb: hoe maaltijden er bij jou thuis aan toe gaan vb: tweede taal leren
(wie maakt het eten, samen eten of niet, …)
en welke waarden via die dagelijkse praktijken
aan jou werden doorgegeven


1.1.3 cultuur is dynamisch
• cultuur verandert over de tijd
• cultuur is een kader dat richting geeft aan ons handelen, maar soms past dat kader niet meer:
nood aan een nieuwe denkwijze
o cultuur is aanpassing van mens op ecologische, socio-politieke en biologische factoren
o vb: 1,5m afstand houden, mondmasker dragen, etc. tijdens coronacrisis
o cultuur verandert als de omgeving verandert
§ aanpassing aan maatschappelijke ontwikkelingen
§ vb: culturele communicatiepatronen veranderd sinds smartphone
- vroeger: communiceren via lange teksten in brieven
- nu: communiceren via korte teksten in één klik en snel antwoorden
• veranderingen zijn adaptief (maak vaak ook geleidelijk en traag)
o vb: in België graan oogsten dus frietjes makkelijk te maken en dit wordt deel van cultuur
o vb: siësta in mediterrane landen is adaptief voor warm weer, maar wordt ook gezien als
deel van hun cultuur omdat men hierdoor later avond eet en winkels in de middag sluiten

4

,cross-culturele psychologie

• cultuur heeft invloed op ons via socialisatie maar wij hebben ook invloed op onze cultuur =
constante wederkerigheid
• grote individuele en situationele variabiliteit binnen dezelfde culturele context
o culturele context niet determinerend
o wisselwerking contextuele beperkingen (‘constraints’) vs mogelijkheden (‘aaordances’):
wijze waarop culturele context menselijk denken, voelen, gedrag begrenst of faciliteert
§ helpen verklaren waarom culturele verschillen in gedrag ontstaan zonder te
veronderstellen dat mensen biologisch verschillend zijn
§ structurele factoren die richting geven aan ontwikkeling van psychologische
processen
- constraints = grenzen, regels, beperkingen die cultuur oplegt
- a8ordances = kansen, uitnodigingen die cultuur biedt
o vb: wanneer seksueel geweld door omgeving ontkend wordt (en dus cultureel is),
is ermee naar buiten komen (deels) een individuele keuze: cultuur legt hier sterke
remming op disclosure (bv. door sociale ontkenning, victim blaming, stigma en
schaamte, gebrek aan steunstructuren, machtsstructuren): deze constraints maken het
risicovol en kostelijk te spreken zodat kans op disclosure daalt MAAR zelfs in zo’n context
kunnen er aQordances zijn (bv. vertrouwenspersonen, online gemeenschappen,
internationale bewegingen): deze aQordances maken disclosure denkbaar en mogelijk
§ DUS: gedrag bestaat uit interactie tussen constraints en aaordances
- het is geen volledig vrije keuze – sterk begrensd door cultuur
- maar ook niet volledig gedetermineerd (nog steeds agency)
o in cross-culture psychologie vermijden dat we…
§ OF alles indvidualiseren (“het is een persoonlijke keuze”)
§ OF alles determineren (“de cultuur bepaalt alles”)
• conclusie: de cultuur structureert de speelruimte en het individu navigeert hierin


1.2 WAT IS CROSS-CULTURELE PSYCHOLOGIE?
“cross-culturele psychologie is de wetenschappelijke studie van gelijkenissen en verschillen in
het menselijk psychologisch functioneren in verschillende culturele groepen, daarbij
onderzoekend hoe ons denken, voelen en doen beïnvloed wordt door een culturele context”
• onderzoeken en beschrijven van de wisselwerking tussen een individu en de culturele omgeving
• DOEL: nagaan in hoeverre cultuur ons denken, voelen, handelen beïnvloedt
• (!) hoeveel culturele gelijkenis / variatie er is, afh. van welk aspect van psychologie men bekijkt

TWEE BENADERINGEN:
absolutisme / universalisme relativisme
~ ‘mainstream psychology’ ~ ‘cultural psychology’
menselijke psychologie is universeel over niets is absoluut geldig, alles moet binnen een
culturen heen en dus niet beïnvloed door cultuur culturele context geplaatst worden
cultuur heeft een enorme invloed op onze
psychologie: denken, voelen, gedrag kan pas
begrepen worden binnen de context van cultuur
• zoeken naar ‘de’ menselijke psychologie • er bestaat geen contextvrij gedrag
• culturele verschillen gezien als ruis daarop • menselijke psych kan slechts begrepen
• machinekamer, hardware menselijke psych worden binnen de context van de cultuur
waarin het verschijnt (cultuur is ingebakken)
voorbeelden voorbeelden
— sensorische en motorische functies numerisch redeneren door te tellen op je vingers:
bv. ishihara test voor kleurenblindheid sommigen tellen door de vingers te openen en
— functies vanaf jonge leeftijd anderen tellen net door de vingers te sluiten
5

,cross-culturele psychologie

bv. objectpermanentie “for a specific observation a belch is a belch, but
— zeer abstracte functies within an inferential framework, a belch is an
bv. taalontwikkeling (MAAR…) ‘insult’ or a ‘compliment’”: de psychologische
betekenis van een boer varieert met de cultuur
kritiek kritiek
wat met vele betekenisvolle culturele variatie? zijn mensen dan te verschillend om te kunnen
vele aspecten buiten beschouwing gelaten!!! interageren? wat met algemene morele
standaarden en wetgevingen? OPGELET: niet
vergeten dat we over culturen heen ook enorm
veel gemeen hebben!!!

VRAAG: hoe veralgemeenbaar of cultuurspecifiek is menselijk gedrag?
• in welke mate zijn specifieke aspecten van mensen cultureel verbonden of niet
o geen alles-of-niets vraag: afh. van hoe we naar iets kijken, welke vragen we stellen, …
o culturele psychologie – en de realiteit – bevindt zich ergens tussen deze twee visies
• bewijs voor absolutisme zit vooral in zaken die we al van jongs af aan ontwikkelen OF die meer
biologisch/ lichamelijk van aard zijn
o voorbeeld onderzoek: mensen in West-Europa & Oost-Azië hebben gelijkaardige
lichamelijke gewaarwordingen bij emoties
§ emoties gaan gepaard met (de)activatie in specifieke lichaamszones
- kwaadheid: activatie bovenlichaam
- depressie: deactivatie ledematen
→ aanwijzing voor absolutisme
§ MAAR: ook emotie-aspecten die cultureel beïnvloed worden
→ aanwijzing voor relativisme


1.3 DE GESCHIEDENIS VAN CROSS-CULTURELE PSYCHOLOGIE
(in het verleden weinig aandacht voor mogelijke verschillen tussen mensen uit verschillende culturen,
pas einde 20e eeuw echte bloei van de discipline)
a long past…
• Völkerpsychologie (1850): mens bestuderen in relatie tot de gewoonten en gebruiken van de samenleving
• “Where deliberate experimentation ends is where history has experimented on behalf of psychologists.”
(- Wundt)
o Wundt hield zich ook sterk bezig met cross-culturele psychologie
o zoals je in een experiment variabelen kan variëren om hun e6ect op gedrag te meten,
zo kan je de rol van cultuur bestuderen door samenlevingen met elkaar te vergelijken
o geschiedenis van mensen als natuurlijk experiment: waarden en normen veranderen over de tijd
§ het vergelijken van verschillende samenlevingen is één groot natuurlijk experiment
§ veranderingen in geschiedenis -> veranderingen in cultuur -> verandering in opvattingen…
§ vb: recht van vrouwen om te werken heeft invloed op opvattingen van mensen over
verschil tussen man en vrouw, belang van vrouw, …
• Rivers (1898): baanbrekend onderzoek naar waarneming bij inwoners Papua Nieuw-Guinea
o bevinding 1: bewoners zijn minder gevoelig voor visuele illusies dan mensen uit Europa
o bevinding 2: kleuren in hun taal zijn minder gediOerentieerd
• Freud (1920): zijn psycho-analyse oefende invloed uit op de culturele antropologie1
o zo kwam Mead tot conclusie dat puberteit op eiland Samoa veel minder heftig was dan in
westerse samenlevingen (DUS: cultuur beïnvloedt ontwikkeling)
o Kardiner (1940-1950): vroege kindertijd cruciaal in PH-vorming
§ culture and personality-stroming: opzoek naar basis-PH in elke samenleving
§ gelijkaardige socio-eco. status à gelijkaardige opvoeding à gelijkaardige PH


1
culturele antropologie: wetenschap die niet-westerse samenlevingen bestudeert
6

,cross-culturele psychologie

§ binnen één cultuur zouden kinderen dus een gedeelde basis-PH ontwikkelen
o kritiek: leidt uiteindelijk tot het verdwijnen van deze benadering
§ te veel overgeneralisatie en stereotypering
§ te weinig aandacht voor individuele verschillen
…but only a short history
• vanaf 1960–1970 eerste cross-cultureel psychologisch onderzoek
o niet alleen antropologen, maar ook psychologen hielden zich bezig met gedragsveranderingen
tussen mensen uit verschillende culturen
o specifieke wetenschappelijke tijdschriften
o klassieke studies:
§ onderzoek naar visuele waarneming
§ onderzoek naar overeenkomsten en verschillen in cognitie / cultuur
§ onderzoek naar sociale ontwikkeling


1.4 WAAROM IS CROSSCULTURELE PSYCHOLOGIE BELANGRIJK?
3 belangrijke redenen
1. veel van onze kennis over de menselijke psychologie is gebaseerd op WEIRD samenlevingen
2. leren over andere culturen doet je ook meer leren over je eigen cultuur
3. als toekomstig psycholoog kom je in contact met mensen van andere culturen


“the WEIRDest people in the world”
“Behavioral scientists routinely publish broad claims about human psychology and behavior in the
world’s top journals based on samples drawn entirely from western, educated, industrialized, rich and
democratic societies. Cross-cultural findings suggest that WEIRD societies are among the least
representative populations one could find for generalizing about humans.”
twee problemen en vragen:
(1) in hoeverre zijn bevindingen veralgemeenbaar naar andere culturele groepen?
(2) hoe wijkt doorsnee ppn in psychologisch onderzoek af van meeste mensen in de wereld?


onderzoek Arnett: wie zijn de ppn in onze studies? de meeste ppn zijn…
• westerse – witte – vrouwelijke – studenten – psychologie
• “de psychologie van de bachelor student”
• 95% van de ppn zijn WEIRD, terwijl ze maar 12% van de wereldbevolking zijn
o hoe ‘afwijkend’ zijn onze ppn? in hoeverre zijn WEIRD en NIET-WEIRD gelijkaardig?
o heel wat variatie: ppn uit WEIRD-samenlevingen zijn eerder uitzondering dan norm
o enkele psychologische contrasten als illustraties:
§ geïndustrialiseerde landen vs niet-geïndustrialiseerde landen
- in welk opzicht zijn geı̈ndustrialiseerde landen psychologisch afwijkend?
- illustratie: visuele illusies
¨ Müller-Lyer illusie: men is geneigd één van de twee lijnen als
langer vs korter te zien doordat hoekig perspectief dit suggereert,
maar dit vergt een bepaalde manier van kijken typisch voor
geïndustrialiseerde landen en opgroeien in bebouwde omgeving
§ westerse landen vs niet-westerse landen
- in welk opzicht zijn westerse landen psychologisch afwijkend?
- illustratie: analytisch vs holistisch denken: analytisch denken lang als
‘normaal’ opgevat, maar blijkt minder voor te komen in bv. Oost-Azië
¨ westers: veel analytisch denken, analytisch denken is norm
¨ niet-westers: meer holostisch denken en kijken naar het geheel
7

,cross-culturele psychologie

§ Amerikanen vs andere westerse mensen
- in welke opzichten zijn Amerikanen psychologisch afwijkend?
- illustratie: defensieve respons op doodsgedachten
¨ wanneer Amerikanen aan hun eigen dood worden herinnerd
vertonen ze defensieve reacties bv. door meer geloof in
bovennatuurlijke krachten, patriottische gevoelens, gekant tegen
verandering, vijandig tav out-groups, …
§ hoogopgeleide (universitaire) Amerikanen vs andere Amerikanen
- in welke opzichten zijn hoger opgeleiden psychologisch afwijkend?
- illustratie: erfelijkheid van intelligentie
¨ studies schatten erfelijkheidcoëaiciënt IQ > 50% totale variantie,
terwijl gedeelde en unieke omgevingsfactoren slechts klein
percentage van variantie verklaren, wat zegt deze bevinding over
invloed milieu op intelligentie?
¨ MAAR: gedragsgenetische studies met (geadopteerde)
tweelingen beperkt tot hoogopgeleide ouders:
~ geen data van laagopgeleide ouders
~ bij hogere SES: meer speling voor genetische verschillen
(talenten ‘optimaal’ ontwikkelen in rijkere omgeving) DUS
omgeving speelt dan een kleinere rol
¨ GEVOLG: overschatting erfelijkheidscoëfficiënt
§ …
• waarom cultuurpsychologie?
o probleem: afwijkende (‘WEIRD’) ppn in psychologisch onderzoek dus smalle database
o etnocentrisme tegengaan
§ = de houding waarbij de eigen omgeving, het eigen volk, de eigen cultuur
bewust of onbewust als maatstaf gebruikt wordt om de rest van de wereld te
beoordelen – ‘wij’ zijn normaal, ‘zij’ zijn afwijkend?
o besef eigen culturele bril(len)
§ ontdek cultuur, begin bij jezelf: beseaen dat eigen cultuur slechts één manier is
§ cultuur beïnvloedt anderen, maar eigen cultuur is ‘onzichtbaar’
§ cf. “The last thing a fish would ever notice would be water.”
- vis kan niet beseaen dat ze in water leeft, omdat ze nooit iets anders kent
- als je je hele leven in één cultuur leeft – zonder te leren over andere
culturen – is het bijna onmogelijk te zien wat je eigen cultuur inhoudt
• belangrijke nuancering
o veel studies die grote groepen mensen vergelijken (vb: ‘Amerikanen zus, Japanners zo’)
o onthouden dat dit gemiddeldes en veralgemeningen zijn
§ veel individuele variatie binnen culturen
§ veel subgroepen en subculturen die ook van belang zijn (SES, gender, …)
§ studies met specifieke steekproeven
§ cultuur is dynamisch dus verandert
o DUS: opletten voor generalisatie en essentialisme




8

,cross-culturele psychologie


HS 2: cross-cultureel onderzoek:
theoretisch kader
en kwalitatieve onderzoeksmethoden
wetenschappelijke methode = diepgaande kennis verzamelen, op zo’n systematische manier dat
anderen het precies kunnen herhalen alsook beoordelen of ze tot dezelfde conclusies komen
• conclusies gebaseerd op deze methode onderscheiden zich dan ook van …
o … uitspraken gebaseerd op persoonlijke ervaringen (‘zelf meegemaakt’)
o … uitspraken gebaseerd op sociale normen (‘gezond verstand’)
o … uitspraken gebaseerd op autoriteit (‘de expert heeft gezegd’)
o … uitspraken gebaseerd op god (‘theologie’)
o … uitspraken die abstract beredeneerd zijn (‘metafysica’)
MAAR: wetenschap bestaat niet alleen uit waarnemingen, ook uit theorie
• proces dat bestaat uit een wisselwerking tussen (1) theorieontwikkeling en (2) waarneming
• kwaliteit/betrouwbaarheid/toepasbaarheid is afhankelijk van zowel (1) als (2)
• (1) en (2) staan NIET los van elkaar
“methoden” = procedures die een vaste manier van waarnemen waarborgen en zo de kwaliteit van
waarnemingen bevorderen
• verschillende methoden hebben verschillende voor- en nadelen
• combinaties van methoden zorgt ervoor dat ze elkaars zwaktes kunnen compenseren


2.1 SAMENSTELLING STEEKPROEF: SELECTIE CULTUREN EN PPN
verschillende manieren van samenstelling steekproef en selectie deelnemers:
random betekent: willekeurig, toevallig
sampling het bekijken van de verspreiding van kenmerken over groepen zonder duidelijk
verwachtingspatroon
illustratie: onderzoek relatietevredenheid
• culturen: willekeurig 20 landen selecteren
• ppn: willekeurig voor elke cultuur 5000 koppels selecteren
voordeel: geen type participant, wel gemiddelde persoon over de wereld
systematische betekent: met een vooraf bedachte systematiek
sampling het selecteren van groepen obv een theoretische veronderstelling
illustratie: onderzoek relatietevredenheid
• culturen: cultuur persoonlijke partnerkeuze vs cultuur gearrangeerd huwelijken
• ppn: per cultuur 10 koppels in categorie pas getrouwd, 10/20/30/40 jaar getrouwd
convenience betekent: gemak
sampling deelnemers zijn diegenen die je gemakkelijk kan bereiken of die zelf interesse
hebben in het thema
illustratie: onderzoek relatietevredenheid
• culturen: België vs Canada (want daar ken ik collega’s die willen samenwerken)
• ppn: alle ouders van een school, alle koppels die reageren op een advertentie…


OPGELET: wijze van sampling kan verschillend zijn voor selectie culturen vs selectie deelnemers
• vb: op systematische manier culturen kiezen, maar per cultuur random participanten selecteren
• wees je bewust van elke keuze en welke invloed die kan hebben op je resultaten en conclusies

9

, cross-culturele psychologie

• rekening houden met generaliseerbaarheid en vergelijkbaarheid
o generaliseerbaarheid: (cf. supra): veel onderzoek in psychologie is ‘WEIRD’
o vergelijkbaarheid: deelnemersgroep moet gelijkaardig zijn in de verschillende culturen


VOORBEELD:




obv hiervan zou je denken dat cultuur A minder denkt aan de dood en meer impulsief is dan cultuur B
MAAR: als je kijkt naar leeftijd, zie je dat cultuur A consequent jonger is (DUS: alternatieve verklaring)

OPGELET: studentengroepen
• veel onderzoek gedaan met studenten, MAAR hoe deze groep is, is afhankelijk van de cultuur
o belangrijk dat groepen gelijkaardig zijn obv meerdere verschillende kenmerken
o onderzoek met studenten in verschillende culturen lijkt gelijkaardig,
§ MAAR: in bep. culturen niet iedereen toegang tot onderwijs
§ vb: in VS heel duur om te studeren, dus studenten doorgaans hoge SES ⟷
in België goedkoper dus meerdere klassen aanwezig in populatie studenten


2.2 ONDERSCHEID KWALITATIEVE EN KWANTITATIEVE METHODEN
kwalitatieve methoden kwantitatieve methoden
inductieve kant van onderzoekscyclus deductieve kant van onderzoekscyclus
open: verkennend gesloten: wat je gaat meten ligt vast
hoe? wat? waar? waarom? hoeveel? verschil? samenhang?
kleinere steekproef (tijdsintensief) grotere steekproef
analytische interpretatie van gelijkenis/verschil statistische test van gelijkenis/verschil
analytische veralgemening statistische veralgemening
doel is kijk van ppn zelf in kaart brengen doel is waarnemingen vatten in cijfers
‘rijke’ data verzamelen zonder al te vaste alle waarnemingen gebeuren binnen een vooraf
structuur of voorafbepaalde selectie gespecifieerd kader waarbij antwoord-
mogelijkheden vastliggen en op voorhand
gekoppeld worden aan cijfers
data meestal verzameld in natuurlijke setting om data meestal verzameld in gecontroleerde
omgeving (context) mee in rekening te brengen settings zoals onderzoekslabo’s
wat betekent relatietevredenheid voor jou? is het zijn mensen in de ene cultuur gemiddeld meer
belangrijk voor jou? waarom (niet)? wat maakt dat tevreden met hun relatie dan in de andere cultuur?
je je (niet) tevreden voelt in een relatie? met welke factoren hangt relatie-tevredenheid
meer of minder samen (in welke cultuur)?
ELKE ONDERZOEKSMETHODE IS GEBASEERD OP FILOSOFISCHE VERONDERSTELLINGEN
sociaal constructivisme / realisme
relativisme / postmodernisme
geen absolute objectieve waarheid, één objectieve werkelijkheid
wetenschap toont slechts één perspectief (die we steeds nauwkeuriger ontdekken)
onderzoekers zijn NIET neutraal: eigen visie wetenschapper is neutraal
onderzoek vertrekt vanuit betekenissen binnen bevindingen generaliseerbaar naar alle mensen
een specifieke culturele context
emic- meetinstrumenten moeten meetinstrumenten uit WEIRD- etic-
benadering contextspecifiek ontwikkeld contexten zijn universeel benadering
(*) worden toepasbaar (*)


10

Document information

Study
Uploaded on
August 28, 2026
Number of pages
100
Written in
2025/2026
Type
Summary
$10.93

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
3
Followers
0
Items
21
Last sold
3 days ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions