Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages
Summary

Samenvatting Osmoregulatie & Excretiestelsel | Vergelijkende biologie | KU Leuven | 2026/27

Document preview thumbnail
Preview 2 out of 10 pages

Deze samenvatting behandelt Hoofdstuk 17 uit het cursusmateriaal Vergelijkende biologie aan de KU Leuven en richten zich op osmoregulatie en het excretiestelsel. De kernonderwerpen omvatten osmolariteit en osmotische balans, stikstofhoudende afvalstoffen (ammoniak, ureum, urinezuur), excretiemechanismen bij invertebraten en vertebraten, en hormonale controle via ADH. Perfect voor examenvoorbereiding in Biomedische Wetenschappen, met helder samengestelde concepten en gedetailleerde uitleg van adaptaties bij verschillende diersoorten.

Content preview

Hoofdstuk 17 – Osmoregulatie en het
excretiestelsel
17.1 Osmolariteit en osmotische balans
 Om een osmotische balans te bewaren moet het extracellulair
compartiment van een dier water kunnen opnemen en afgeven aan
het uitwendig milieu
 Ook anorganische ionen moeten uitgewisseld kunnen worden ter
behoud van homeostase

Behoud van het volume en de ionensamenstelling van de
lichaamsvochten wordt geregeld door het excretiestelsel
 De nodige uitwisselingen gebeuren in gespecialiseerde epitheelcellen,
bij de meeste vertebraten aanwezig in de nieren

Osmotische druk is het drukverschil dat tussen twee oplossingen van
verschillende concentraties ontstaat ten gevolge van osmose

Osmotische waarde van een oplossing is de osmotische druk ten
opzichte van een zuiver oplosmiddel

Osmolariteit is de totale hoeveelheid opgeloste stoffen (het aantal
osmotisch actieve moles) in een vloeistof (mol/liter)

Toniciteit geeft de mogelijkheid van een oplossing aan om het volume
van een cel te veranderen door osmose. Oplossingen zijn hypertoon,
hypotoon, of isotoon

Osmoconformers zijn organismen die in osmotisch evenwicht zijn met hun
omgeving
 Meeste mariene invertebraten, prikken en kraakbeenvissen
Haaien en roggen: isotoon aan zeewater, maar lagere NaCl, hogere
ureumconcentratie

Alle andere vertebraten zijn osmoregulatoren
 Behouden een constante bloedosmolariteit ondanks verschillende
concentraties in omgeving
 Kunnen vele habitats bewonen

Zoetwatervertebraten zijn hypertoon t.o.v. hun omgeving
 Hebben aanpassingen die het binnenkomen van water in hun
lichaam voorkomen en actief transport van ionen in het lichaam
toelaten

Mariene vertebraten zijn hypotoon t.o.v. hun omgeving

,  Aangepast om water vast te houden  drinken zeewater, elimineren
overtollige ionen via nieren en kieuwen

Landvertebraten hebben een hogere waterconcentratie dan lucht
 Verliezen water door evaporatie via huid of longen  nieren om
water te behouden

17.2 Stikstofhoudende afvalstoffen
Bij afbraak van aminozuren en nucleïnezuren worden
stikstofhoudende afvalstoffen geproduceerd die uit het lichaam moeten
worden verwijderd
 Verwijderen van de amino (-NH2) groep en zijn combinatie met H+
ter vorming van ammoniak (NH3) in de lever (= deaminatie)
Is toxisch voor cellen en alleen veilig in verdunde concentraties

*Beenvissen en larvale amfibia elimineren ammoniak vooral door diffusie
via de kieuwen (een weinig via verdunde urine)

*Kraakbeenvissen, adulte amfibia en zoogdieren zetten ammoniak om in
ureum, oplosbaar in water (productie in lever, excretie via nieren)

*Vogels, reptielen en insecten zetten ammoniak om in het
wateronoplosbaar urinezuur
 Urinezuur kristaliseert/precipiteert en kan verwijderd worden met
zeer weinig water
 Kost meer energie maar zorgt voor behoud van water
 Ook belangrijk voor deze dieren omwille van embryonale
ontwikkeling in geschaalde eieren  als vast precipitaat heeft
urinezuur in ei geen schadelijk effect op ontwikkeling

Zoogdieren kunnen ook urinezuur produceren vanuit degradatie van
purines, niet vanuit aminozuren
 De meesten hebben een enzyme, uricase, dat urinezuur omzet in
het meer oplosbare allantoïne
 Mensen hebben dit enzyme niet
Overtollige accumulatie van urinezuur in gewrichten veroorzaakt
jicht

17.3 Osmoregulatie bij invertebraten
Bij vele dieren is het verwijderen van water gekoppeld aan het
verwijderen van metabole afvalproducten via een axcretiesysteem

Een waaier aan mechanismen is geëvolueerd om dit te bewerkstelligen:
 Protista en Sponzen: contractiele vacuolen
 Invertebraten: gespecialiseerde cellen & tubuli
 Platwormen: protonefridia die vertakken in vlamcellen

Document information

Study
Uploaded on
August 26, 2026
Number of pages
10
Written in
2026/2027
Type
Summary
$4.16

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
40
Last sold
-




Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions