2.1 Celdeling bij bacteria
Deling door binaire splijting
Enkelvoudig, circulair dubbelstrengig DNA wordt gerepliceerd
Replicatie begint aan oorsprong en verloopt bidirectioneel
Nieuwe chromosomen worden naar tegengestelde einden gebracht
Een septum vormt en splitst de cel in 2
Septatie onder controle van eiwitten
= clonale reproductie
2.2 Eukaryote chromosomen
Lineaire chromosomen
Elk species heeft een verschillend aantal chromosomen (mens = 46)
Bestaan uit chromatine – complex van DNA en eiwitten
Heterochromatine – komt niet tot expressie
Euchromatine – regio’s die tot expressie komen
Dubbele DNA streng is enorm gepakt
Variëren in grootte, locatie van centromeer, lengte van armen, …
Karyotype: de specifieke array van chromosomen van een
individueel organisme
Homologe chromosomen: de maternale en paternale kopieën van
eenzelfde chromosoom
Gerepliceerde chromosomen zijn verbonden door kinetochoren en
cohesine-complex van eiwitten
Zusterchromatiden: 2 kopieën van het gerepliceerde
chromosomen
2.3 Eukaryote celcyclus
Verdeeld over 5 stadia:
1) G1 (gap fase 1)
2) S (synthese) interfase
3) G2 (gap fase 2)
4) M (mitose)
5) C (cytokinese)
De duur van een complete celcyclus varieert
Cellen in rust G0 fase
, 2.4 Interfase
G1: celgroei
S fase: synthese van DNA (DNA replicatie, productie van 2
zusterchromatiden)
G2 fase: chromosomen condenseren + mitochondria & organellen
repliceren
Centromeren repliceren en worden verbonden door cohesine
eiwitten
Kinetochoor eiwitten hechten vast aan centromeren
Microtubili hechten aan kinetochoor
Centriolen repliceren en bewegen naar elke celpool
2.5 Mitose
Verdeeld in 5 fases:
1) Profase
2) Prometafase
3) Metafase
4) Anafase
5) Telofase
2.6 Profase
Chromosomen blijven condenseren
Centriolen verplaatsen naar celpolen
Spoelfiguur wordt gevormd (poolmicrotubili)
Nucleaire enveloppe lost op
2.7 Prometafase
Chromosomen hechten aan spoelfiguur via hun kinetochoren
Een 2de set microtubuli wordt gevormd vanuit de celpolen naar de
kinetochoren
Microtubuli trekken elk chromosoom naar het centrum van de cel
2.8 Metafase
Microtubuli trekken en aligneren chromosomen in het celcentrum
thv de metafase plaat
Kinetochoren zijn aan tegengestelde polen van spoelfiguur
verbonden via kinetochoormicrotubuli
Polaire microtubuli verbinden de 2 polen