MUSCULOSKELETAAL STELSEL
1. Soorten Skeletten
Type Kenmerk Voorbeeld
Hydroskele
Stevigheid door druk van lichaamsvloeistof Wormen
t
Uitwendig pantser, bescherming, Insecten,
Exoskelet
spieraanhechting schaaldieren
Endoskelet Inwendig skelet waaraan spieren aanhechten Gewervelden
Voor- en nadelen
Exoskelet
+ Goede bescherming
+ Spieraanhechting
− Vervelling nodig
− Beperkt lichaamsgrootte
Endoskelet
Levend weefsel
Kan herstellen en remodeleren
Bestaat uit bot en/of kraakbeen
2. Opbouw van het Skelet
Axiaal skelet
Schedel
Wervelkolom
Ribbenkast
Functie:
Vormt lichaamsas
Beschermt hart en longen
Appendiculair skelet
Ledematen
Schoudergordel
Bekkengordel
3. Botvorming (Ossificatie)
Intramembranaire beenvorming
Rechtstreeks uit bindweefsel
Vooral schedelbeenderen
, Endochondrale beenvorming
Eerst kraakbeen
Daarna vervanging door bot
Pijpbeenderen
4. Anatomie van een Pijpbeen
Belangrijke termen
Term Betekenis
Epifyse Uiteinde van het bot
Diafyse Schacht van het bot
Epifysaire groeischijf Lengtegroei
Periosteum Beenvlies
Beenmerg In mergholte
Groei
Lengtegroei → Groeischijf
Diktegroei → Periosteum (intramembranaire botvorming)
5. Typen Botweefsel
Weefsel Kenmerk
Compact bot Dichte buitenlaag
Sponsachtig bot Honingraatstructuur
Medullair bot Omgeeft beenmergholte
Belangrijke cellen
Cel Functie
Osteoblast Botopbouw
Osteocyt Onderhoud bot
Osteoclast Botafbraak
6. Gewrichten
Onbeweeglijk
Voorbeeld:
Schedelnaden