PROTOSTOMEN
1. Grote evolutionaire kernconcepten
Protostomen
Kenmerken
Spirale klieving
Mond ontstaat uit de blastoporus
Bilaterale symmetrie
Cephalisatie mogelijk
Evolutie van segmentatie binnen sommige groepen
Twee belangrijke protostome lijnen
Lophotrochozoa Ecdysozoa
Continue/graduele groei Groei door vervelling
Platwormen Rondwormen
Ringwormen Geleedpotigen
Geen cuticulavervelling Cuticula + ecdysis
2. Phylum Platyhelminthes (Platwormen)
Onmisbare kenmerken
Bilaterale symmetrie
Triploblastisch
Cephalisatie
Geen circulatiestelsel
Geen lichaamsholte (acoelomaat)
Longitudinale + circulaire spieren
Vrijlevend of parasitair
Lichaamsfuncties
Voeding
Slechts één opening
Uitstulpbare pharynx
Blind eindigende darm
Eerst extracellulaire, daarna intracellulaire vertering (fagocytose)
Ademhaling
Diffusie
Geen circulatiestelsel
Excretie
, Vlamcellen
Vooral osmoregulatie
Zenuwstelsel
Cerebraal ganglion
Laddervormige zenuwstrengen
Voortplanting
Meestal hermafrodiet
Kruisbevruchting
Interne bevruchting
Classificatie platwormen
Klasse Kenmerk
Turbellaria Vrijlevend
Trematoda Zuigwormen
Cestoda Lintwormen
Belangrijke voorbeelden
Dugesia
Vrijlevende trilhaarworm
Sterk regeneratievermogen
Fasciola hepatica
Grote leverbot
Parasiet van herkauwers
Productieverlies in landbouw
Clonorchis sinensis
Levenscyclus
Ei → miracidium → sporocyst → redia → cercaria → metacercaria → volwassen
worm
Belangrijk
Tussengastheer = slak
Besmetting via rauwe vis
Veroorzaakt levercirrose
Schistosoma
Leeft in bloedvaten
Veroorzaakt schistosomiasis (bilharzia)
Taenia saginata (runderlintworm)
Onderdelen
Scolex = kop