Les 1.1: Omschrijving en belang van
psychodiagnostiek
1.1 Alledaags impliciet diagnosticeren
Diagnosticeren = toekennen van oorzaken aan verschijnselen of gedragingen
(attributietheorie)
Impliciet = onbewust, zonder erover na te denken
Evolutionair: oorzaken toewijzen om beslissingen te kunnen maken om te
kunnen overleven
Iedereen doet het elke dag vooral als er een afwijking is van een verwacht
patroon
Vb. experiment dakloze: dakloze ligt op de grond = ‘normaal’ vs.
zakenman ligt op de grond = er is iets mis
Vaak gebruikt als entertainment:
- Online of in tijdschriften: “testjes”
- Media, televisie en documentaires: extremer (on)gewenst gedrag
Probleem van impliciet diagnosticeren
Mensen zijn slecht in omgaan met kansen en waarschijnlijkheden
We redeneren niet statistisch, maar gebruiken heuristieken
= vaak oorzaak foutenbronnen
Heuristieken = (vuist)regels om sneller tot de oplossing van een probleem te komen
(vaak impliciet of onbewust)
Informele, intuïtieve en speculatieve oplossingsstrategieën (buikgevoel)
Ontwikkeld om snel beslissingen te nemen (~ overleven)
Niks te maken met statistiek
Specifieke strategieën die we leren gebruiken in specifieke situaties en die niet
altijd een oplossing garanderen (↔ algoritmen, die altijd en overal werken)
1
,Psychodiagnostiek 1
Hoe meer ervaring met een taak, hoe beter heuristieken ontwikkeld zijn
Beschikbaarheidsheuristiek Representativiteitsheuristiek
= als iets makkelijk uit het geheugen op = Hoe meer iemand overeenkomstige
te halen is, schatten mensen dat dit kenmerken vertoont die typisch zijn voor
vaker gebeurt leden van een bepaalde groep, hoe
groter de kans is dat de persoon ook tot
die groep behoort
Gebeurtenissen Groepen
Bv. Welk type woorden zijn het meest Bv. “Bart is 34 jaar. Hij is intelligent,
frequent in het Nederlands? maar weinig creatief. Hij is dwangmatig
- woorden die beginnen met een en maakt een saaie indruk. Hij was altijd
'r' of sterk in wiskunde, maar zwak in taal”
- woorden die 'r' als vierde letter Rangschik naar waarschijnlijkheid:
hebben? a) Bart is accountant
(meeste mensen zeggen a, maar is niet b) Bart speelt in een hardrockband
juist) c) Bart is een accountant die in
een hardrockband speelt
(meeste mensen zeggen a > c > b, maar
is niet juist)
Extra oefeningen slide vanaf slide 17
1.2 Impliciet diagnosticeren in PSD
Mogelijke foutenbronnen
- Diagnostisch proces onvoldoende afgestemd op de hulpvragen van de
cliënt
- Informatie zoeken die idee bevestigt (conformation bias)
- Geen systematische en consistente werkwijze hanteren
(gestandaardiseerde tests)
- Gebrekkige kwaliteit van de onderzoeksmiddelen en ongeschikte normen
- Besluitvorming onvoldoende gebaseerd op beschikbare gegevens; geen
objectieve criteria hanteren (= verhoging van de subjectiviteit)
- Besluitvorming onvoldoende geëxpliciteerd en daardoor onvoldoende
duidelijk voor collega’s en cliënten
- Voor de hand liggende diagnosen en interventies over het hoofd zien
- Eigen persoon als foutenbron verhaal van anderen invullen met eigen
gevoelens en ervaringen
- Te veel vakjargon in de communicatie
- Onvoldoende samenwerking met cliënt en zijn omgeving
(belangrijk voor examen)
2
,Psychodiagnostiek 1
Fouten en vertekeningen zijn mogelijk in elke fase van de psychodiagnostische
besluitvorming
De invloed van foutenbronnen kan verminderd worden door gebruik van een
duidelijk, systematisch denkkader
= EXPLICIETE DIAGNOSTIEK
Belangrijk:
Transparantie: duidelijk voor mij, mijn cliënt en mijn collega’s
iedereen weet hoe we tot de conclusie komen
Systematisch: iedere cliënt moet op dezelfde manier getest
worden
Objectief: info wordt bij iedereen op dezelfde manier verzameld
1.3 Expliciet diagnosticeren als oplossing
Expliciet diagnosticeren = wetenschappelijk verantwoorde vormgeving van het proces
o.b.v.
valide & betrouwbare producten (instrumenten /methodieken)
= prescriptief kader of model
Psychodiagnostisch procesmodel
Basis van het PSD-procesmodel
= empirische cyclus
Hypothesetoetsend denkend
Essentie van evidence-based
denken
3
, Psychodiagnostiek 1
Bewijs vinden voor wat we denken dat de diagnose kan zijn (test of experiment)
Voorbeeld
Nieuwe hypothese: Rik heeft echtscheiding niet verwerkt
Expliciete psychodiagnostiek in de praktijk
- Duidelijk de denkstappen vastleggen die geleid hebben tot het advies
- Explicieter werken met (gevalideerde) theorieën
- Bewust rekenschap geven van de keuze van bepaalde theorie
- Praktijkkennis gebaseerd op gesystematiseerde praktijkervaringen
- Onderzoek doen naar de waarde van theorieën en de effecten van
interventies
- Resultaten (durven) uitwisselen met collega’s (e.g. supervisie-intervisie)
1.4 Belang van PSD
4