Les 11: School
Binnen schoolpsychologie meer onderzoek naar invloed van cognitieve
vaardigheden (intelligentie) op schools functioneren dan invloed van persoonlijkheid
PH is een aanvulling niet de grootste invloed
Belangrijk: inzicht in rol van persoonlijkheid
Optimaal afgestemd onderwijs en begeleiding van kinderen/jongeren met
uiteenlopende persoonlijkheden en noden
11.1 VFM en schoolse prestaties
Belangrijkste voorspellers van academisch succes:
- Hoge consciëntieusheid
- Hoge openheid voor ervaringen
- Hoge aangenaamheid
Consciëntieusheid
- Ambitie, plichtsbewustheid, planmatigheid, orde, betrouwbaarheid, efficiëntie
- Zelfcontrole en zelfdiscipline: vooral belangrijk in begin van leerproces
(wanneer opdracht meest uitdagend is)
Focus en volharding
- Moderate associatie met stellen van doelen, verwachtingen en zelfeffectiviteit
“als ik me goed inzet, zal ik goed presteren”
- Belangrijke predictor van drop-out en aanwezigheid in de les in hoger
onderwijs
Openheid voor ervaringen
- Significante voorspeller MAAR kleiner effect op academische prestaties
- Nieuwsgierigheid en interesse om nieuwe dingen te leren
- Vaker beroep doen op hulpbronnen en kritisch denken
Aangenaamheid
- Behulpzaam, warm en samenwerkend
- Draagt bij aan een positief klasklimaat
- Zorgt ervoor dat leerlingen zelf meer steun en hulp krijgen
Grootte van correlatie is afhankelijk van richting
Neuroticisme
1
, Persoonlijkheidspsychologie
- Angst voor oordeel van anderen, moeite met stress en uitdagingen
- Ouder onderzoek: N+ voorspelt slechtere schoolprestaties
- Recenter onderzoek: geen significant verband tussen N en schoolprestaties
Invloed van moderatorvariabelen:
a) Leeftijd van leerling
- Jongere lln: positief verband tussen N en prestaties
- Oudere lln: negatief verband tussen N en prestaties
Mogelijke verklaring: steeds formeler en competitiever wordende schoolomgeving
werkt angst in de hand bij neurotische lln
b) Competentieniveau van leerling
= hoe goed iemand is in een taak/opdracht
- Hoog-competente lln: positief verband tussen N en prestaties
- Laag-competente lln: negatief verband tussen N en prestaties
Beperkingen VFM
- Breed en vaag
Specifieke PH-aspecten bij studenten onderbelicht (bv. perfectionisme,
uitstelgedrag, faalangst, overpresteren, onderpresteren, …)
Vermenging van PH-trekken met belangrijke ≠ klinische implicaties (bv.
angst en depressie binnen N resp. piekeren en rumineren) ?
- Statisch
Te weinig aandacht voor dynamiek, processen, context
Verschillende aspecten van een PH dimensie hebben andere invloeden op
schoolprestaties
- Weinig klinische handvaten voor diagnose/behandeling van school gerelateerde
problemen
Belang van cognitief-sociale en motivationele processen
11.2 Sociale cognitie
2