Bedrijfseconomie hoofdstuk 22, product en prijs
22.1, het product
De materiële eigenschappen zijn de eigenschappen die in het product
zelf aanwezig zijn: vorm, gewicht, smaak en capaciteit. En de
eigenschappen die de producent heeft toegevoegd zoals verpakking en
service.
De immateriële eigenschappen zijn de eigenschappen die de
consument aan het product verbindt bijvoorbeeld status, imago,
exclusiviteit en een goede naam.
Onderdelen van productbeleid: kwaliteit, vormgeving, verpakking,
garantie, service en het assortiment.
De verpakking van producten heeft een technisch aspect en
commercieel aspect. Het technisch aspect is de noodzaak om een product
te verpakken vanuit beschermingsoogpunt. Het commerciële aspect is
het gebruiken van de verpakking om aandacht van het publiek te trekken.
Een onderneming heeft een breed assortiment als het veel verschillende
productgroepen aanbiedt. Een smal assortiment biedt maar enkele
productgroepen aan.
Een diep assortiment houdt in dat een onderneming van elke
productgroep veel verschillende varianten aanbiedt. Een ondiep
assortiment heeft weinig varianten per productgroep.
22.2, merk
Door middel va een merk onderscheidt een product zich van vergelijkbare
producten van concurrenten.
A-merk: bekend merk en staat meestal goed bekend. De afnemer wil voor
de A-merk zijn producten meer betalen. Ze hebben groot marktaandeel.
B-merk: minder bekend dan een A-merk en is goedkoper en op minder
plaatsen te koop.
Paraplumerk: bij een paraplu merk brengt de leverancier al zijn
producten onder één naam op de markt.
Privatelabel: Een privatelabel is een product dat de fabrikant maakt in
opdracht van een derde. Zoals een winkelketen. Privatelabels zijn vaan B-
merken.
Huismerk: een huismerk komt voor als de producten onder de eigen
naam van een detaillist worden aangeboden.
22.4, prijsbeleid
Je kunt de prijs van een product vaststellen, door uit te gaan van een
kosten georiënteerde prijs bepaling, concurrentie georiënteerde
prijsbepaling en een vraag georiënteerde prijsbepaling.
22.1, het product
De materiële eigenschappen zijn de eigenschappen die in het product
zelf aanwezig zijn: vorm, gewicht, smaak en capaciteit. En de
eigenschappen die de producent heeft toegevoegd zoals verpakking en
service.
De immateriële eigenschappen zijn de eigenschappen die de
consument aan het product verbindt bijvoorbeeld status, imago,
exclusiviteit en een goede naam.
Onderdelen van productbeleid: kwaliteit, vormgeving, verpakking,
garantie, service en het assortiment.
De verpakking van producten heeft een technisch aspect en
commercieel aspect. Het technisch aspect is de noodzaak om een product
te verpakken vanuit beschermingsoogpunt. Het commerciële aspect is
het gebruiken van de verpakking om aandacht van het publiek te trekken.
Een onderneming heeft een breed assortiment als het veel verschillende
productgroepen aanbiedt. Een smal assortiment biedt maar enkele
productgroepen aan.
Een diep assortiment houdt in dat een onderneming van elke
productgroep veel verschillende varianten aanbiedt. Een ondiep
assortiment heeft weinig varianten per productgroep.
22.2, merk
Door middel va een merk onderscheidt een product zich van vergelijkbare
producten van concurrenten.
A-merk: bekend merk en staat meestal goed bekend. De afnemer wil voor
de A-merk zijn producten meer betalen. Ze hebben groot marktaandeel.
B-merk: minder bekend dan een A-merk en is goedkoper en op minder
plaatsen te koop.
Paraplumerk: bij een paraplu merk brengt de leverancier al zijn
producten onder één naam op de markt.
Privatelabel: Een privatelabel is een product dat de fabrikant maakt in
opdracht van een derde. Zoals een winkelketen. Privatelabels zijn vaan B-
merken.
Huismerk: een huismerk komt voor als de producten onder de eigen
naam van een detaillist worden aangeboden.
22.4, prijsbeleid
Je kunt de prijs van een product vaststellen, door uit te gaan van een
kosten georiënteerde prijs bepaling, concurrentie georiënteerde
prijsbepaling en een vraag georiënteerde prijsbepaling.