• Wrong document? Swap it for free
  • Written by students who passed
  • Immediately available after payment
  • Read online or as PDF
Sell
Where do you study
Your language
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 35 pages
Summary

verkorte samenvatting psychologie

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 35 pages

verkorte samenvatting van psychologie, als je de lesvideos bekijkt en daarna deze samenvatting gebruikt ben je volledig. het is een verkorte samenvatting puur met de essentie, de belangrijkste experimenten zitten erin.

Content preview

Psychologie
Hoofdstuk 1: A beginning

 Primacy effect
= de 1e informatie wordt als het belangrijkste beschouwd
 Recency effect
=mensen overcompenceren voor primacy effect en beschouwen
laatste informatie als belangrijkste



Wat is psychologie?

 Roediger:
Psychologie= de wetenschappelijke studie van de mentale
processen en gedrag
 Zimbardo:
Psychologie= de empirische studie van de mentale processen en
gedrag

 APA (american psychological assosiation)= 48 devisies: één van de
meest invloedrijkeberoepsvereniging van psychologen



 Pseudowetenschap
= Iets wat wetenschap lijkt, maar niet toetsbaar/falsifieerbaar is en
niet op degelijke data steunt

Het Freud probleem:

= het bekendste gezicht van de psychologie is niet representatief

Behaviourisme

= tot 1960: oorspronkelijke amerikaanse psychologie, verband tussen
stimilus en reactie

Cognetieve psychologie

= waarop men informatie verwerkt



3 belangrijke kenmerken psychologie

 Systematisch empirisme
= systematisch waarnemen van de werkelijkheid
 Publiek verifieerbare kennis
= moet herhaalbaar zijn

,  Toetsbare theorien
= enkel oplosbare problemen onderzoeken

5 stappen proces van de wetenschappelijke methode

1. Hypothese ontwikkelen
2. Gecotroleerde test
3. Objectiefe gegevens verzamelen
4. Analyseren van de resultaten
5. Publiceren, bekretiseren en repliceren van de resultaten



Types van psychologische onderzoeksmethoden

1. Naturalstische observatie
- Systematisch kijken naar groter geheel
- Probleem: vaak passen mensen en dieren hun gedrag aan
wanneer ze weten dat ze geobserveerd worden
 kan causaliteit niet verklaren
2. Gevalstudie
= studie op 1 persoon of 1 geval
- Probleem: uizonderlijk geval  niet veralgemeenbaar
- Wel goed voor neuropsychologie
 kan causliteit niet verklaren
3. Interview
= directe bevraging met neutraliteit
4. Survey
= vragenlijst aan steekproef om een uitspraak te doen over hele
populatie
- Moet representatief zijn
- Deelnemers moeten eerlijk aantwoorden
5. Psychologische tests (mindere kwiliteit)
o cognitieve tests
- meest gebruikte test is Raven progressive matrices
= reeks opgaves geordend van gemakkelijk naar moeilijk
 voordeel: collectief, weinig woorden
o persoonlijkheids-attitusdetests
- vragenlijst of projectieve tests
 projectieve test= vage stimilus geven en daar vragen over
stellen (bv. Inkvlek)
- belangrijke voorwaarden tests
 standaardisatie= test moet altijd opdezelfde manier worden
afgenomen
 betrouwbaarheid= foutmarge moet zo kelin mogelijk zijn

,  validiteit= meet test wat het hoort te maten: valide=
betrouwbaar, betrouwbaar  valide
6. correlationele studies
- gaat na of er een verband bestaat tussen 2 variabelen, uitgedrukt
in correlatiecoeficient r

 -1= perfect omgekeerd

 0= geen verband

 1= perfect verband

- correlatie toont nooit causliteit aan
7. experimentele methode
= De experimentele methode gebruikt gecontroleerde observatie:
de onderzoeker manipuleert zelf een variabele om causaliteit aan te
tonen
o onafhankelijke variable= wat de onderzoeker manipuleert
o afhankelijk variable= wat gemeten wordt en het effect
ondergaat
- kritiek: experimenten zijn vaak te kunstmatig
o interne validiteit= het experiment is foutloos opgezet en
uitgevoerd
o externe/ ecologische validiteit= de resultaten kunnen
veralgemeend worden naar de realiteit



correlationele studie

 studie 1: experiment claeys
o wat: of verschillende meetmethoden voor de Big Five
(extraversie, vriendelijkheid, gewetensvolheid, neuroticisme,
algemene cultuur) samenhangen en gedrag voorspellen.
o Hoe: drie methoden vergeleken (klassieke vragenlijst, vrije
zelfbeschrijving met 10 adjectieven, één-itemmethode),
afgezet tegen gedragscriteria beoordeeld door ouders/vriend.
o Resultaat: de drie zelfrapportagemethoden onderling
correleren behoorlijk (.50–.70), maar met echt gedrag maar
zwak (.15–.30 → slechts ~2–9% verklaard). Zelfrapportage
voorspelt gedrag dus zwak; de vrije zelfbeschrijving werkt het
best als ze eerst wordt afgenomen.
 Studie 2: experiment William James
o Wat: hoe levenstevredenheid samenhangt met positieve en
negatieve emoties, en of dat cultureel verschilt.

, o Hoe: ~10.000 proefpersonen in 46 landen;
levenstevredenheid + frequentie van 14 emoties gemeten, per
land ook individualisme/collectivisme en
zelfexpressie/overleving.
o Resultaat: levenstevredenheid hangt positief samen met
positieve en negatief met negatieve emoties. Negatieve
emoties wegen zwaarder in individualistische landen, positieve
in landen met hoge zelfexpressie → levenstevredenheid is
cultureel gekleurd.



Experimentele studies:

 Studie: experiment Klein en Hodges
o Wat: is de zwakkere empathie van mannen aangeboren, of
gewoon een kwestie van motivatie?
o Hoe: proefpersonen bekeken een interview van een vrouw die
net gezakt was en moesten bij 4 stops haar emoties
inschatten. Twee condities (random ingedeeld): betaald voor
accuraatheid vs. controle (niets over betaling). Dubbelblind
beoordeeld door blinde controleurs. Onafhankelijke variabelen:
geslacht en geld.
o Resultaat: hoofdeffect geslacht (vrouwen scoren beter) én
geld (betaald scoort beter), maar vooral een interactie-effect:
het verschil man/vrouw bestaat in de controlegroep, maar
verdwijnt in de betaalde conditie → het empathieverschil is
niet genetisch maar motivationeel bepaald.



 Studie: theraputic touch
o Wat: werkt "therapeutic touch" écht, d.w.z. kunnen
therapeuten een menselijk "energieveld" voelen?
o Hoe: therapeuten (1–27 jaar ervaring) staken hun handen
door een scherm met gaten; Emily Rosa hield haar hand boven
de linker- of rechterhand, zij moesten aanwijzen boven welke
ze iets voelden. Bij toeval = 50% juist.
o Resultaat: slechts 123/280 = 44% juist (onder het
toevalsniveau), geen verband met jaren ervaring →
therapeutic touch werkt niet.




Hoofdstuk x: waarneming

Connected book
 image
Publisher: Unknown ISBN: 9789464143522 Edition: 1

Document information

Study
Summarized whole book?
No
Which chapters are summarized?
Alles buiten h9
Uploaded on
August 22, 2026
Number of pages
35
Written in
2025/2026
Type
Summary
$8.03

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
4
Followers
0
Items
4
Last sold
2 months ago



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions