Written by students who passed Immediately available after payment Read online or as PDF Wrong document? Swap it for free 4.6 TrustPilot
logo-home
Document preview thumbnail
Preview 4 out of 60 pages
Summary

Samenvatting Externe Privaatrechtsgeschiedenis | UGent | 2025-26

Document preview thumbnail
Preview 4 out of 60 pages

Dit is een samenvatting van het externe deel gedoceerd door prof. dr. Dirk Heirbaut. Aangezien de leerstof heel veel is, is dit een mooi opgestelde samenvatting van de belangrijkste zaken uit de geschiedenis, inclusief belangrijke details. Veel succes!

Content preview

EXTERN RECHT
ROMEINSE PERIODE
• OUD-ROMEINSE PERIODE
• ROME IS PRIMITIEF
• DE INSTELLINGEN
• PRIMITIEVE RECHTSBRONNEN
• PRIMITIEVE PROCEDURE
• VOOR-KLASSIEKE PERIODE
• ROME WORDT WERELDRIJK
• GEVOLG 1: AANPASSING INSTELLINGEN
• GEVOLG 2: AANPASSING RECHTSBRONNEN DOOR PRAETOR
• GEVOLG 3: AANPASSING PROCEDURE
• KLASSIEKE PERIODE
• ROME KRIJGT EEN KEIZER
• GEVOLGEN VOOR DE INSTELLINGEN
• GEVOLGEN VOOR DE RECHTSBRONNEN
• GEVOLGEN VOOR DE PROCEDURE
• NA-KLASSIEKE PERIODE
• VERVAL ROME+GROTERE MACHT KEIZER
• GEVOLGEN VOOR DE INSTELLINGEN
• GEVOLGEN VOOR DE RECHTSBRONNEN
• GEVOLGEN VOOR DE PROCEDURE
• JUSTINIANUS
• WIE
• CORPUS IURIS CIVILIS EN DELEN
• IMPACT

OUD-ROMEINSE PERIODE (753 v.C. – ca. 250 v.C.)

 Officiële beginperiode: 753 v.C. (traditionele stichting Rome, historisch betwist).
 Evolutie van stadstaat naar heerser over Italië, maar maatschappij blijft primitief.
o Primitief karakter zichtbaar in instellingen, rechtsbronnen en procedure.

 Kaart: Rome is eerst gewoon dat bolletje en tegen einde van deze periode is romeins
grondgebied bijna volledig Italië, (behalve het noorden en eilanden)


Rome is primitief
 Familia = kernstructuur:
o Omvat niet enkel familie, maar ook grond, gebouwen, vee en werktuigen.
o Staat onder het gezag vd pater familias.
o Pater familias = intern absoluut gezag → teken van primitieve SL
 Voorbeeld uit het recht (schuldenrecht):
o Wanbetaling leidt tot persoonlijke aansprakelijkheid.
o SA kan w opgesloten, verkocht (transtiberim) of gedood.
o Illustreert het gewelddadige en archaïsche karakter van het recht




Instellingen
a. in de Koningstijd (voor 510 v.C.)
 Koning en de 3 standen

,  Koning = opperste machthebber: Bestuurder, rechter en opperpriester.
o Macht begrensd door autonomie van de pater familias.
 3 Sociale standen:
o Patriciërs: toplaag, aristocratie, grootgrondbezitters.
o Plebejers: vrije burgers, niet afhankelijk van patriciërs.
o Clientes: afhankelijke personen onder bescherming van patriciër (politiek
belang: clientes gaan stemmen zoals de patriciers)
 Hebben geen grond of interessant beroep  bescherming nodig
o (Slaven: geen personen maar zaken)

b. in de Republiek (na 510 v.C.)
 Macht verschuift van koning  instellingen.
 2strijd tussen patriciërs – plebejers (strijd om politieke macht)
Senaat
 Politiek zwaartepunt (maar maakt geen wetten).
 Kenmerken:
o Voor het leven benoemd (door censor)
o Meestal oud-magistraten.
o Heeft de financiële macht.
 Amerikaans senaat past goed bij Romeins senaat
o Golfje staat voor gelijkenis (zie foto)

Volksvergaderingen
 Comitia (patriciërs + plebejers) en concilium plebis (enkel plebejers).
 Maken wetten, maar:
o Geen initiatiefrecht  magistraten doen voorstellen (zij moeten gewoon
toestemmen of weigeren) = dus de facto niet veel macht
 + Worden samengeroepen door magistraten (kunnen niet ambtshalve)
o Stemgewicht in voordeel van rijken.
o Praktisch ondemocratisch door groei van Rome
 Door groei geraakte niet ied op de vergaderingen (weinig transport
toen)
Magistraten
 Geen rechters, maar door het volk verkozen politieke ambtsdragers
o Zorgen voor dagdagelijkse regeling
o Jaarlijks mandaat, meestal collegiaal (met 2 voor 1 functie, zodat geen
almacht ontstaat)
o Het kost geld om verkozen te worden
o Geen specialisten  want is een carrière pad (gaan van ene functie nr
andere)
 Belangrijkste magistraten:
o Priesters: religieuze én juridische taken.
o Consuls: politieke en militaire leiders (zijn met 2)  belangrijkste !
 Het jaar wordt telkens genoemd naar de consul
o Praetor: verantwoordelijk voor het recht (geen rechter, wel ≈ MvJ)
o Censor: toezicht op moraal + benoemt leden senaat (5j)
 Is hiervoor al consul geweest = dus vaak oude mensen

, oAedielen: marktmagistraat voor marktgeschillen.
oQuaestors: financiën.
oVolkstribunen: bescherming plebejers tegen patriciers (want aanvankelijk
magistraten = patriciers),  vetorecht
 Opgelet: nog vele andere lagere magistraten (dit waren enkel de top)


Primitieve rechtsbronnen
 Gewoonte: belangrijkste bron.
 Wetgeving:
o Wet der XII Tafelen (± 450 v.C.):
 Ontstaan uit plebejische eis tot geschreven recht (want plebejers
werden in het zak gezet door patriciers’ magistraten)
 Zeer primitieve inhoud.
 Grote historische invloed op grondwet VS
 Andere wetgeving:
o Leges: wetten van comitia (voor iedereen)
o Plebiscita: besluiten concilium plebis (oorspronkelijk enkel plebejers)
o Lex Hortensia (287 v.C.):
 Plebiscita krijgen kracht van wet voor alle burgers
 Andere bronnen van recht: minder belangrijk  rol priesters

Procedure
a. Evolutie
 Eigenrichting = wraak (prehistorisch)
 Godsoordeel = primitieve procesvorm (vroegste fase)
o Rechter vroeg aan de goden wie er gelijk had  niet zo goed systeem dus
 Legis actio: eerste echte procesvorm.
b. Legis actio
 Actio = wettelijk vastgelegd ritueel om proces te starten
o Openbaar uitgevoerd op de markt (geen gerechtsgebouw) om aan anderen te
tonen dat je proces start  primitief karakter
 Praetor wijst vervolgens een rechter aan (want praetor ≠ rechter)
 Kenmerken:
o Geseculariseerd: geen godsoordeel, rationele bewijsvoering.
- Al 1 element dat niet meer primitief is!
o Zeer plechtig: absolute vormvereisten voor de actio (moest perfect zijn)
o Enkel voor Romeinse burgers (wel ommeweg mogelijk voor vreemdeling via
patricier, als client zijnde)
o Twee fasen proces:
1. Voor de praetor op de markt (actio)
2. Voor de rechter (iudex)  aangewezen door praetor
BEGRIP ACTIO !!! (examenvraag)
1. In legis actio: ritueel om procedure te starten.
2. Later: rechtsmiddel/ toegang tot de rechter.
3. Uiteindelijk: vordering (de eis zelf)

, VOOR-KLASSIEKE PERIODE (ca. 250 v.C. – ca. 0)

• ROME WORDT WERELDRIJK
• GEVOLG 1: AANPASSING INSTELLINGEN
• GEVOLG 2: AANPASSING RECHTSBRONNEN DOOR PRAETOR
• GEVOLG 3: AANPASSING PROCEDURE

Rome wordt wereldrijk
 Oud-Romeinse tijd: Rome primitief → recht primitief.
 Voor-klassieke periode: Rome groeit → recht groeit mee.
 Rome breidt uit rond de Middellandse Zee en wordt een wereldrijk
 Gevolg: Macht concentreert zich bij senaat en magistraten (vooral praetor)  volk 
 Door de expansie: nood aan aanpassingen

Gevolg 1: Aanpassing van de instellingen
a. In Rome
 242 v.C.: tweede praetor erbij
o Praetor urbanus: slecht geschillen tussen Romeinen.
o Praetor peregrinus: geschillen met vreemdelingen
 Meest progressief en creatief door contact met andere volkeren.
 Gelijkschakeling Italië – Rome
o Inwoners van Italië krijgen Romeins burgerschap
b. In de provincies
 Bestuur door provinciegouverneur (ex-praetor of ex-consul)
 Minder controle vanuit Rome door senaat → risico op machtsmisbruik door
gouverneur
 Praktische problemen voor oude instellingen
o Volksvergadering: te veel mensen, te verre verplaatsingen
o Censor: moeilijk toezicht te houden op goede zeden
 Verval van oudere instellingen

Gevolg 2: Aanpassing van de rechtsbronnen
a. Afname traditionele bronnen
 Gewoonte: verliest belang (past bij stabiele maatschappij)
 Wetgeving: onvoldoende aangepast aan snel veranderende realiteit (gebeurde door
volksvergadering, maar werkten niet meer)

b. Magistratenrecht (praetor)
 Praetor maakt recht via toekennen of weigeren vn actio = rechtsmiddel  2de
betekenis
 Reactie op vraag naar actio ogv WET of GEWOONTE
 Praetor moet kijken als de actio in gewoonte of wet staat, zoja? Toekennen, zonee?
Niet
o Actio toestaan
o Actio toestaan met exceptio (als die uitz. in de wet staat)
o Actio weigeren
 MAAR: Soms tegen wet of gewoonte in

Document information

Study
Uploaded on
August 21, 2026
Number of pages
60
Written in
2025/2026
Type
Summary
$13.41

Wrong document? Swap it for free Within 14 days of purchase and before downloading, you can choose a different document. You can simply spend the amount again.
Written by students who passed
Immediately available after payment
Read online or as PDF

Sold
0
Followers
0
Items
7
Last sold
-



Why students choose Stuvia

Created by fellow students, verified by reviews

Quality you can trust: written by students who passed their tests and reviewed by others who've used these notes.

Didn't get what you expected? Choose another document

No worries! You can instantly pick a different document that better fits what you're looking for.

Pay as you like, start learning right away

No subscription, no commitments. Pay the way you're used to via credit card and download your PDF document instantly.

Student with book image

“Bought, downloaded, and aced it. It really can be that simple.”

Alisha Student

Working on your references?

Create accurate citations in APA, MLA and Harvard with our free citation generator.

Working on your references?

Frequently asked questions